21 | Veilig op het web

Het leven bestaat uit veel toevallige gebeurtenissen. Dingen die je overkomen en een blijvende impact hebben. Dingen die je ziet, kan je niet meer ont-zien.

Zo is het ook op de dag dat je beseft dat het narcisme is.

Meestal heb je al héél lang in de gaten dat er iets mis is in je relatie. Je beseft dat de manier dat je behandeld wordt, niet okee is. Alhoewel dat meestal een understatement is.

Niet okee.

Nee, helemààl niet okee. Zeg maar ronduit slecht. Misbruik “niet okee” noemen is eigenlijk een respectloze afzwakking van wat je meemaakt.

Maar geef toe, in je eigen geest is het, vooral in het begin, nodig om het gewoon maar “niet okee” te noemen. Voor jezelf toegeven dat het echt slecht is, is een zware drempel.

Maar goed, één keer dat je echt begint te beseffen dat het slecht is, gaat er een deur open.

Het is alsof het universum dan beslist dat je er klaar voor bent, en het gooit de term “narcisme” als het ware voor je voeten.

Je begint “toevallig” kanalen en posts voorgesteld te krijgen op je sociale media met getuigenissen die heel herkenbaar aanvoelen.

In het begin zal je ze wegklikken. Maar het universum houdt vol. En na een tijd zal je beginnen lezen. En vallen de puzzelstukjes in elkaar.

De dag dat de puzzel plots heel herkenbaar is, verandert je leven voorgoed. Want je staat op een kruispunt. Je moet vooruit, geen weg terug.

Should I stay or should I go?

Dr. Ramani had geen betere titel kunnen bedenken voor haar boek. Want één keer je over de drempel van herkenning bent gestapt, is dat de enige vraag die nog telt.

Er kunnen in je hoofd honderd redenen zijn waarom je zou blijven. En dan moet je aanvaarden dat er nooit iets zal veranderen. Dat op zich is al angstaanjagend.

Maar als je de andere weg kiest, is het nog veel erger. Waar te beginnen?

Zeker als er kinderen zijn, is het best een zwaar kluwen om door te worstelen.

Waar te beginnen? Eerst en vooral wil je je informeren.

Waar kan ik terecht?
Wat zijn de gevolgen van een scheiding?
Hoe begin ik aan een scheiding?
Wat gaat dat me kosten?
Kan ik het betalen?
Kan ik financieel zelfstandig zijn?

Veel vragen die je wil opzoeken. Maar er zijn risico’s aan verbonden als je dat gaat doen.

Veel narcisten controleren heel erg hun slachtoffers.

O ja, ik gebruik heel bewust de term “slachtoffers”. En ik weet dat je jezelf niet graag zo ziet.

Want jij bent een sterke vrouw of man en je houdt je al zoveel jaren sterk. Je voelt je geen slachtoffer, je bent gewoon iemand die blijft geloven in de liefde, dat je partner het helemaal zo niet meent of ziek is, en dat je hem of haar ooit wel zal kunnen genezen.

Nee.

Gaat niet gebeuren. Nooit.

En hoe sneller je dàt aanvaardt, hoe beter je vooruitzichten dat je er ooit uit zal geraken.

Maar controle dus. Hoe onveilig je je thuis voelt, des te onveiliger zal je je voelen als je je computer opzet en zoekwoorden in je browser gaat typen.

Mijn narcist beweerde altijd dat hij er allemaal niks van kende, dat ik de specialist was en vroeg me altijd om hulp als er iets was met zijn computer of facebook.

Ook een tactiek, zich onbekwaam laten uitschijnen, waardoor je je veilig voelt en gelooft in zijn onschuld als er geen “bewijzen” zijn.

Dan heb ik het vooral over chats. Als ik al eens dubbelzinnige chats opmerkte bij hem, verdwenen die nadien. En kreeg ik als reactie als ik hem ermee confronteerde, dat “hij niet eens wist hoe hij die zou moeten verwijderen. Ik wist toch dat hij daar allemaal niks van kent?”.

Alweer een vorm van gaslighting dus.

Als dat gebeurt, moet je des te voorzichtiger zijn als je zoekwoorden als scheiden enzo gaat intypen op je browser. Of nog erger, woorden zoals narcisme.

Gelukkig had hij wel over één ding gelijk, en dat is dat ik wel wat weet over computers. Nou ja, eerder over browsers en hoe je nieuwe accounts kan aanmaken.

Dat bracht me op het idee om een hele nieuwe internet persona te creëren, waarmee ik zonder angst kon dingen opzoeken, deelnemen aan fora en facebook groepen met lotgenoten, blogs schrijven en advocaten contacteren.

Maar naast dit allemaal creëren, moet je ook wel ervoor kunnen zorgen dat dit niet kan ontdekt worden op je computer. Als je een computer hebt van het werk, gaat dat al gemakkelijker.

Maar op een persoonlijke computer, en zeker als je die deelt met je partner, is dat veel moeilijker.

Daarom ben ik nu aan een webinar aan het werken, waarin ik jou kan leren hoe je dit kan doen.

Want veiligheid boven alles. Je wil zeker vermijden dat de angst waarin je leeft, nog groter wordt.

Want als de narcist(e) merkt dat je overweegt om te vertrekken, zal die alles uit de kast halen om je bij zich te houden.

Dat zal gebeuren op positieve manier (beloftes) maar vooral ook op negatieve manier (dreigen en intimideren).

Het eerste dat ik te horen kreeg, was dat ik het zonder hem financieel nooit zou kunnen redden. En dat ik mijn renovaties op mijn buik kon schrijven.

Het eerste lukt me aardig.
Het tweede is, toegegeven, heel wat moeilijker. Ik ben alleenstaande en werk deeltijds en dat maakt het heel wat moeilijker om aan een lening te geraken. Maar het is een prijs die ik graag betaal voor een leven zonder angst.

Want angst is de slechtste raadgever ooit. Angst houdt je tegen om moeilijke beslissingen te nemen.

En dat weten zij ook, daarom gebruiken ze het zo graag als drukkingsmiddel.

Dus is het zo belangrijk dat je op z’n minst de angst kan wegnemen dat er gaat ontdekt worden dat je hulp zoekt.

En dan kan je met gerust gemoed je tweede persona op het web laten begeven.

Mijn tweede persona, die ik hier gebruik, heet Shannon. Eigenlijk in eerste instantie mijn heksennaam. Maar ze is uitgegroeid tot zoveel meer.

Ze heeft heel wat verschillende blogs aangemaakt. Haar eerste blogs gingen eigenlijk over heel persoonlijke dingen, voor er nog sprake was van narcisme. Ze schreef over haar angsten, haar spirituele zoektocht naar zichzelf en naar een doel in haar leven, haar struggles met het moederschap over kinderen met een beperking, haar strijd met het alcoholisme van haar man en zoveel meer.

Dingen die ze liever niet wilde delen met mensen die ze kende, maar ze had het nodig om het van zich af te schrijven en wie weet mensen te vinden die hetzelfde meemaakten.

En toen het universum eindelijk openbaarde wat er aan de hand was in haar relatie, ontstond de blog Leven na narcisme.

Eigenlijk was er eerst de blog Leven na de alcohol, in een (korte) periode dat het leek alsof haar man de alcohol onder controle had. Die blog heeft geen lang leven gehad.

Want eigenlijk besefte ik in die periode dat het gedrag niet verdween als de alcohol even afwezig was. Dat is de eerste stap geweest naar het plaatsen van het gedrag in een andere context. En dat was narcisme.

De rode leidraad in dit alles was het feit dat ik alles van me af kon schrijven.

In een veilige setting, zonder angst om ontdekt te worden. Niet alleen door mijn man, maar ook door familie en vrienden.

Zelf beseffen wat er aan de hand is, is stap één.

Het delen met familie en vrienden is heel wat moeilijker. Het voelt immers aan als falen.
Je schaamt je ook. Omdat je weet dat je omgeving natuurlijk al heel wat langer ziet dat er iets ernstigs mis is.

Tenzij ze ook hun kop graag in het zand steken. En dan is het nog moeilijker, want dan word je nog geconfronteerd met het feit dat ze doen alsof er niks aan de hand is, en alsof ze heel verwonderd zijn dat er iets schortte in je relatie.

Dat ze je niet geloven ook. Of dat het allemaal zo erg toch niet kan zijn.

Allemaal redenen die ervoor zorgen dat het nodig is dat je in alle anonimiteit deze dingen kan neerschrijven en uitspreken.

Als je je niet veilig kan voelen in de “echte” wereld, kan het een life saver zijn om je eigen virtuele wereld te creëren waarin je je wel veilig voelt.

Ook al is het maar voor heel even. Het kan een wereld van verschil uitmaken voor je zenuwstelsel om je af en toe veilig te voelen. Zodat je elke dag een beetje steviger in je schoenen staat om uiteindelijk de juiste weg te kiezen op dat kruispunt.

Hou je ogen op mijn facebook en instagram gericht. Coming up: webinar over hoe je veilig op het web begeven.

En nee, het zal niet over cybercriminaliteit gaan 🙂

20 | Het web van de narcist

Mijn verhaal begint al einde vorige eeuw.

Ja, dat klinkt lang geleden, maar in feite is het gewoon 25 jaar geleden.

Toen leerde ik de man kennen waarvan ik later zou denken dat hij mijn soulmate was.

Van in het begin was er een “klik”, een verbinding die me toen al wat angst aanjoeg. Toen dacht ik dat het “gevaar” er in bestond dat we meer dan vrienden zouden worden, vermits we allebei nog getrouwd waren. En toen was dat nog een grens waar ik niet over wilde gaan.

Maar de connectie was sterk. Zo sterk dat ik zoveel mogelijk in zijn buurt wilde zijn, maar tegelijk ook zo ver mogelijk weg. Er was een duidelijke chemie tussen ons die niet mocht geactiveerd worden.

15 jaar later connecteerden we opnieuw, deze keer op facebook. Ik zag dat hij getrouwd was en hield opnieuw mijn afstand. Enkele maanden later, toen ik bij mijn eerste man vertrokken was, begon hij te beseffen dat ik wel vrij was en begon het offensief.

Ik was in die periode heel kwetsbaar. Na me 25 jaar lang eenzaam gevoeld te hebben in een respectloze relatie, snakte ik zo naar liefde.

In mijn hoofd zat het naïeve droombeeld van de man die mij het mooiste en liefste meisje op de wereld zou vinden en alles zou doen om mij gelukkig te maken. Een man die me zou doen voelen als een koningin.

Mijn hart stond helemaal open, klaar voor mijn ridder op het witte paard. Puur, open en goedgelovig.

Het ideale slachtoffer voor een narcist.

Allereerst was er de aandacht. Er kwamen elke dag reacties op mijn statussen, met grapjes en complimenten. Na enkele dagen zei hij dat zijn zoon hem gezegd had dat hij op de chat moest gaan, want dat iedereen met onze conversaties mee kon lezen.

Gedurende enkele weken werd ik overladen met lieve berichten, waarbij hij zijn verleden heel eerlijk uitgebreid uit de doeken deed. Ik merkte al wel snel dat er een patroon in zat, namelijk dat hij altijd het slachtoffer was.

Maar iedereen kan pech hebben met verkeerde partners (ik ben zelf nu ook al 2 keer getrouwd geweest), dus ik geloofde hem. Want hij leek altijd wel verantwoordelijkheid op te nemen voor een deel van de situatie.

Dubbelzinnig weliswaar. Bijvoorbeeld hoe hij verliefd was geworden op een andere vrouw omdat die er voor hem was terwijl de moeder van zijn kinderen hem enkele maanden had achtergelaten met drie kleine kinderen, om in het buitenland te kunnen gaan werken.

Het leek een aannemelijke reden, maar eigenlijk was het maar een excuus. Maar mijn hart wilde hem geloven.

Plots werd het enkele weken stil op mijn chat. Ik herinner me dat ik zelf even de rem had gezet op de diepte van ons contact omdat hij nog getrouwd was. Intussen had hij me al wel overtuigd dat dat een huwelijk zonder inhoud en liefde was, en dat zijn vrouw hem al vaak zelf om een scheiding had gevraagd.

Maar toch hield ik de boot af. Ik wilde geen echtbreekster zijn. Ik weet niet of dat de reden was voor de plotse stilte, maar ik voelde al snel angst.

Angst voor afwijzing, angst om verlaten te worden. Ook al was er nog lang geen sprake van een relatie, of zelfs maar van uitgesproken gevoelens.

Ik ben toen in een oud mechanisme gevallen. Ik begon zelf berichtjes te sturen, wanhopig voor aandacht. Pas na enkele weken reageerde hij opnieuw. Hij had geen tijd gehad om te chatten, want hij was druk bezig met het inwerken in een nieuwe job, zei hij.

In het begin leek hij verveeld en afstandelijk. Dit activeerde mijn angsten nog meer en ik was toen bereid om eender welk excuus te aanvaarden, zolang hij maar opnieuw aandacht voor me had.

Van de zelfzekere vrouw die enkele maanden voordien al haar moed bij elkaar geraapt had om te vertrekken uit haar vorige relatie, was toen al lang geen sprake meer.

Zo snel kan het gaan. Zo snel zit je in het web. Het aantrekken en afstoten was al begonnen.

Daarna ging het plots in een stroomversnelling. Vermoedelijk door de euforie van opnieuw een goedbetaalde job te hebben nadat zijn zaak failliet gegaan was, vestigde hij zijn volle aandacht op mij.

Toen ik op een zaterdagavond van een fuif bij vriendinnen terugkwam, ontplofte mijn chatbox van zijn berichten. Hij bekende zijn liefde met grote woorden en hopen superlatieven. Ik was de beste, de liefste, de mooiste, de slimste, en hij kon zonder mij niet meer leven.

Tot op dat moment hadden we elkaar nog altijd niet terug in levende lijve gezien, en hij vond het dringend tijd om daar werk van te maken.

Om een lang verhaal kort te maken: enkele weken later trok hij bij me in. Eerst had er nog een ontmoeting met mijn kinderen plaatsgevonden, waarbij hij me prees om mijn goede aanpak van mijn kinderen met autisme. Hij beweerde dat hij zich niet zou bemoeien met mijn opvoeding en dat hij mijn leiding daarin zou volgen. Want ik was een geweldige moeder met zulke prachtige kinderen.

Nu had ik de voorgaande jaren alsmaar het gevoel van het tegendeel gehad. Het zoeken naar de juiste school en aanpak van de kinderen was al jaren een lijdensweg geweest, en het deed deugd dat iemand eindelijk erkende dat ik het toch goed gedaan had.

Mijn moederhart werd gepaaid en ik raakte alweer vaster verstrikt in zijn web.

In de volgende weken waren we in de weekends nooit thuis. Ik had toen de regeling dat mijn kinderen in de week bij mij waren en in het weekend bij hun vader.

Mijn nieuwe liefde vond het zo zielig voor me dat ik in mijn eerste huwelijk nooit verwend geweest was, en was vastbesloten dat goed te maken door elk weekend een uitstap te verzinnen.

(nota: ik vond het toen geweldig dat hij daar zoveel inspiratie in had. Maar als ik nu kijk naar hoe hij het met zijn nieuwe liefde doet, werkt hij blijkbaar altijd hetzelfde lijstje af. Zo vreemd om te zien.)

Op geld werd er niet gekeken en ik kreeg bijna wekelijks een boeket bloemen.

Het klinkt als een sprookje, nietwaar?

Jammer genoeg had het sprookje een schaduwkant.

Elke mooie dag werd bijna steevast afgesloten met veel alcohol.

En daarbij horend het venijn, het schelden en de vernederingen.

Ik vind het nog altijd vreemd als ik aan die periode terugdenk. Ik slaagde er in om mezelf een enorm rad voor ogen te draaien. Elke avond begon bijna op dezelfde manier en liep ook vaak op dezelfde manier af. En toch was er elke keer die onschuldige verwachting bij mij dat het deze keer goed zou aflopen. Af en toe gebeurde dat ook.

Wie wat kennis heeft van psychologie, weet dat partiële bekrachtiging de krachtigste methode is om iemand te conditioneren. Af en toe een goede afloop en je blijft hopen dat het elke keer zo is.

En zo ontstaat ook de verslaving in je hersenen. De afwisseling tussen hoogtes en laagtes zorgt er op den duur voor dat het ook je verwachting is, en je begint het normaal te vinden.

Elke keer dat het weer even goed gaat, laat je jezelf ook aan geheugenverlies lijden. Wellicht ook onder lichte dwang. Hoe vaak me gevraagd werd om het te vergeten, want het was voorbij, kan ik niet tellen. Een nieuwe dag, een nieuwe kans, leek hij altijd te verwachten.

Een slechte dag had volgens hem altijd een reden. En als die reden weg was, was ook hij weer okee en was er geen reden om hier op terug te komen. Als ik dat al eens durfde te doen, vragen om het te bespreken, werd er me verweten dat ik oude koeien uit de gracht haalde.

Dus ik leerde zwijgen en blij te zijn met de goeie momenten.

En die waren er ook, echt waar. Momenten waarop ik opnieuw de beste, de mooiste en de liefste was. En dan vergat ik de slechte momenten weer even. En maakte ik mezelf wijs dat hij inderdaad “even” een slechte dag had gehad.

Boven op het verwijt van de oude koeien werd me ook aangesmeerd dat ik me de dingen niet correct herinnerde. Hij had het nooit zo gezegd, of niet zo bedoeld, of ik had het verkeerd begrepen… In het begin dacht ik dat hij het zich niet herinnerde door blackouts van de alcohol, maar naarmate de jaren vorderden, ben ik me vaak gaan afvragen of het geen bewuste tactieken waren. Wat ik later las over narcisme, bevestigde die vermoedens.

En het had blijkbaar zelfs een naam: gaslighting.

Mijn realiteit begon zo ook steeds verwarder te worden. Mijn enige houvast waren mijn beste vriendin en vijf andere goeie vriendinnen. Maar ook hen durfde ik in het begin niet veel te vertellen. Ik schaamde me dat ik me zo liet behandelen en was bang voor hun reactie. Ik kon de confrontatie met de realiteit niet aan. Ik hield mezelf recht met een fantasiewereld en kon niet riskeren dat deze fantasie zou verbroken worden.

Een tijdje stond daardoor mijn sociale leven op een laag pitje, maar gelukkig hebben mijn vriendinnen me nooit laten vallen. (op één na) Zij zijn mijn redding uiteindelijk gebleken.

Als ik hen niet had gehad om gegrond te blijven in de realiteit, zou ik helemaal geïsoleerd geweest zijn van de buitenwereld. En daarin schuilt het grootste gevaar. Als dat gebeurt, heb je alleen nog maar één contact met de buitenwereld, en ben je volledig van hem afhankelijk.

Je kan alleen geloven wat hij je vertelt. Zo houdt hij controle over je. Want niemand kan hem tegenspreken.

Daarom is het essentieel, als je bevriend bent met iemand in een soortgelijke situatie, om contact met hem of haar te blijven houden.

Laat weten dat je er bent.
Wees de link met de buitenwereld.
Laat hem of haar voelen dat je zonder oordeel achter hen blijft staan.

Dat is niet simpel.
Maar iemand kan pas uit zo’n relatie losraken als die daar klaar voor is.
Ze moeten hun eigen pad volgen en hun eigen levenslessen leren.
Verder kan je niks doen, buiten naast hen lopen op dit levenspad.

Hun hand vasthouden en laten weten dat ze nooit alleen zijn.
Je kan hen ook voorzichtig vragen of ze wel gelukkig zijn zo.
Bewustwording is de eerste stap.

Dat kan lang duren. Bij mij duurde het 10 jaar.

Het bewustwordingsproces kwam bij mij op gang nadat dr. Ramani op mijn pad gekomen is, met haar youtube kanaal en boeken over narcisme.

Daarom is het mijn missie om mensen zoveel mogelijk over narcisme te leren.

Slachtoffers weten meestal wel dat er iets ernstig mis is in hun relatie, maar ze kunnen vaak de vinger er niet op leggen waar het probleem juist zit.

Als ze, net als ik, uiteindelijk de lijst met symptomen onder ogen krijgen en de puzzelstukjes op hun plaats beginnen te vallen, kan het proces beginnen.

Ik wou dat ik kon zeggen dat vanaf dan aan alles eindelijk een einde komt, maar dan begint het pas moeilijk te worden.

Besef.
Knoop doorhakken.
Vertrekken.
Genezen.

Een proces van lange adem.
Maar neem het aan van iemand die het beleefde en overleefde. En nu helemaal voluit lééft.

Het is de moeite waard.

Want jij bent de moeite waard.
Jij mag er zijn.
Jij mag spreken.
Jij mag voelen.

Jij mag zijn.

Helemaal en compleet zoals je bent. Zonder meer.

Je hoeft geen andere persoon te worden om graag gezien te zijn.

19 | No pain, no gain.

Als er iets is waar narcisten meester in zijn, is het manipuleren. In het begin gebruiken ze leugens over hun exen om zich te profileren in een slachtofferrol. De truc die het meest succesvol is, is net genoeg waarheid in de leugen te stoppen om hem geloofwaardig te maken.

Zo nam hij altijd ogenschijnlijk de verantwoordelijkheid op voor zijn aandeel in het feit dat de vorige relaties mislukt waren. Maar hij gaf er dan altijd zo’n draai aan dat het toch allemaal buiten zijn macht lag, dat er altijd omstandigheden waren die de oorzaak waren…

Ik vond het toen allemaal heel aannemelijk klinken. Je kan inderdaad op een bepaald type vrouw vallen of de verkeerde aantrekken, en volgens hem was het telkens zo dat hij voor de volgende viel omdat zijn toenmalige relatie al spaak aan het lopen was.

Voor mij liep het niet anders. Tegen beter weten in had ik me laten overtuigen dat zijn huwelijk voorbij was en dat zijn toenmalige vrouw al lang naar een echtscheiding vroeg, maar dat hij haar meermaals gesmeekt had om toch te blijven proberen.

Toen ik eenmaal op zijn radar kwam en voor hem viel, gaf hij haar dan zogezegd snel toe om bij mij te komen wonen.

Ik vond het toen vreemd dat het toch nog een jaar geduurd heeft eer die scheiding uiteindelijk rond was, maar dat was volgens hem omdat zij veel problemen maakte met de inboedelverdeling.

Het feit dat ze een deel van die inboedel gewoon op straat gezet heeft, was voor mij toen een heel vreemde actie. Natuurlijk heb ik nooit iets gezien van de communicatie tussen hen en ik kon alleen maar zijn verhaal aannemen. Wat ik ook gedaan heb zonder twijfel.

Het is vreemd hoe ze je van in het begin kunnen brainwashen. Ik had mijn hele leven een aantal vaste principes, waarvan ik nooit had gedacht dat ik ze zou overtreden.

Zo zou ik nooit iets beginnen met een getrouwde man. En zou ik me nooit laten slaan.
Beide grenzen heb ik laten overschrijden. En het vreemde is dat mijn hoofd het aanvaardde, dat er een rationele verklaring achter zat.

Toen we anderhalf jaar samen waren, viel hij in een depressie en een burn-out. Hij was geobsedeerd door overdadig veel werken om terug middelen te kunnen opbouwen na zijn faillissement, gestresseerd door elke dag een uur of vijf in de file te staan en getraumatiseerd door één bepaalde ex. Maar zelfs toen ging er nog geen belletje rinkelen.

In zijn depressie eiste hij nog veel meer aandacht van me dan voordien. Ik kon bijna nooit weg met vriendinnen omdat hij dan eindeloze zielige berichtjes zat te sturen die deden uitschijnen dat hij zijn leven ging beëindigen. Idem voor als ik aan het werk was. Meermaals ben ik halsoverkop de auto ingesprongen met een vaag excuus aan mijn collega’s en met angst voor wat ik thuis zou aantreffen.

Meestal zat hij dan gewoon in de zetel te slapen. Ik besefte het toen nog niet, maar hij was dus meestal zijn roes aan het uitslapen en wist nadien nog amper wat hij me allemaal gestuurd had.

Het meest schrijnende voorval, dat bewees in welke mate hij me probeerde te manipuleren, was toen ik op een avond thuiskwam en een bloedspoor aantrof in de gang, dat leidde naar de badkamer, waar hij alweer zijn roes lag uit te slapen.

Omdat ik geen verwondingen zag, bekeek ik het “bloedspoor” sceptisch en besefte dat het gewoon… ketchup was.

Ik kan niet beschrijven wat op zo’n moment door me ging. Ongeloof. Boosheid ook omdat ik besefte dat ik gemanipuleerd werd.

Maar meest van al een soort medelijden. Dat hij zo diep zat dat hij dit gebruikte om aandacht te krijgen. En mijn liefdevol hart zag alleen een getormenteerd man, die ik probeerde zoveel mogelijk te steunen om hem te helpen genezen.

Dit soort van overgedramatiseerde situaties gebeurden wel vaker in die periode. Het verhaal van de thermometer bijvoorbeeld (zie vorige blogs). Soms riepen ze angst bij me op, soms verdriet, soms medelijden. Soms frustratie.

Enkele keren ook boosheid. Zoveel boosheid dat ook ik mijn zelfbeheersing verloor. Kwaad om zoveel onrecht, zoveel manipulatie, zo moe van als pispaal gebruikt te worden voor alles wat er mis ging in zijn leven.

Twee voorvallen deden ook mijn zelfbeheersing verliezen.

Op een avond werd hij wakker uit zijn roes en begon hij me weer de huid vol te schelden. Ik denk dat ik toen net terugkwam van een etentje met vriendinnen, dus ik had weer mijn batterijen een heel klein beetje kunnen opladen. En dat zorgde er ook voor dat ik weer een ietsiepietsie zelfvertrouwen terug had, waardoor ik hem weerwoord begon te geven.

Tegen beter weten in, want dat resulteerde altijd in gescheld op maat, zoals ik het noem. Soms werd ik “algemeen” uitgescholden, als vertegenwoordiger van het vrouwelijk ras dat hem al dat kwaad voordien had aangedaan.

Maar als hij heel venijnig was, werd het gescheld “op maat”, gericht op mijn gewicht, mijn ex, en het ergste: mijn kinderen. Het woord “mongool” viel elke keer, gericht op mijn kinderen met autisme. En ook “vet wijf”, gericht op mijn overgewicht.

Toen ben ik geknapt. En heb ik met volle gewicht mijn hand door de glazen deur geduwd. Puur uit onmacht omdat ik het gescheld niet kon doen stoppen. Wegvluchten naar een andere kamer had geen nut, want hij achtervolgde me elke keer. Als ik dan onder de lakens van het bed vluchtte, trok hij die van me af, en kwam met zijn gezicht heel kort bij het mijne, vertrokken van haat, het gescheld verder zettend.

Een andere keer dat ik mijn zelfbeheersing verloor, was omdat mijn oudste zoon erbij betrokken was. Het kind was toen een jaar of 12.

In die periode had hij de gewoonte om na een episode van zelfmedelijden heel dramatisch naar buiten te gaan met een groot slagersmes, alsof hij er een einde aan zijn leven mee wilde maken. Zodat ik er in paniek achteraan zou gaan en hem zou smeken om het niet te doen. Ik was toen erg onzeker en wilde het niet op mijn geweten hebben dat hem iets zou overkomen als ik er niet op in ging, dus de scène herhaalde zich regelmatig.

Gelukkig deed hij dat alleen als we geen kinderen in huis hadden, in de periodes dat mijn kinderen bij hun vader waren.

Tot op de bewuste dag, toen mijn kinderen er wel waren. Ik stond met hen af te wassen, en hij was, natuurlijk dronken zoals zo vaak, na een betoog van zelfbeklag naar buiten gegaan. Ik was zo met de kinderen bezig dat ik het niet gemerkt had. Mijn oudste zoon had het echter wel gezien, en hij ging hem achterna. Ook dat had ik niet gemerkt. Het was altijd hectisch als ze er waren, en ik geef toe dat ik vaak de kracht niet meer had om een goede moeder te zijn met alle aandacht op elk moment.

Ik herinner me het moment nog heel goed toen mijn zoon weer de keuken in kwam.
Hij stond lijkbleek naar adem te snakken en te huilen.
In zijn handen hield hij een groot slagersmes.

Mijn wereld verstomde op dat moment. Het was alsof ik alleen nog een wit licht zag met in het midden mijn kind.

Ik nam het mes heel voorzichtig snel uit zijn handen. Intussen kwam het er met horten en stoten uit dat hij zijn stiefvader in de tuin gevonden had met dat mes bij zich.

Mijn kinderen hebben altijd een groot hart gehad. Ondanks het vreselijke gedrag van hun stiefvader bleven ze bekommerd om hem, als hij bij de barbecue weer eens lag te slapen op de grond, of dramatisch een verhaal vertelde over hoe slecht hij toch behandeld geweest was door mensen vroeger.

Dus toen mijn zoon hem zo vond met dat mes, was het kind zo bekommerd om hem dat het onmiddellijk dat grote scherp mes uit zijn handen had genomen.

Er gingen toen vele gedachten door me heen. In eerste instantie was ik bang dat mijn kind zich er pijn mee had kunnen doen. Ik controleerde of hij oké was en slaagde erin om hem te kalmeren en zijn gedachten te verzetten door een spelletje of film op tv.

Intussen was ik zelf allesbehalve kalm. De enige emotie die ik toen voelde voor mijn man, was boosheid. Boos om wat had kunnen gebeuren met mijn kind en dat grote mes.

Toen de kinderen weer veilig en gekalmeerd achter de tv zaten, ging ik naar buiten, op zoek naar de boosdoener van al dat onheil.

Ik vond hem slapend op de trampoline. Na enkele minuten naar hem gestaard te hebben, bereikte mijn boosheid het punt van woede. Ik vond dat hij het recht niet had om daar zo ongenaakbaar te liggen slapen. Ik wilde dat hij besefte wat hij gedaan had. Dat hij verantwoordelijkheid zou opnemen voor wat er met mijn kind had kunnen gebeuren.

Ik probeerde hem wakker te schudden want ik wilde schreeuwen tegen hem, ik wilde mijn boosheid uiten. Maar hij was zo ver weg, dat hij niet eens bewoog toen ik hem bij zijn schouders nam en hem probeerde door elkaar te schudden.

En toen ben ik opnieuw geknapt. Ik gaf hem een slag in zijn gezicht om hem wakker te maken. En toen hij ook daar niet op reageerde, sloeg ik opnieuw. En opnieuw. En opnieuw.

Ik ben er zeker niet fier op. De mensen die me goed kennen, weten dat ik geen vlieg kwaad zou doen. Maar op dat moment toen… wilde ik hem pijn doen. En heb ik eigenlijk misbruik gemaakt van het feit dat hij niet kon reageren. Als hij nuchter was geweest, had ik dat nooit durven doen, uit angst om slaag terug te krijgen.

Als er dingen zijn waar ik écht spijt van heb, zijn het zulke momenten. Dat ik mijn eigen grenzen heb overschreden.

Zo ver kunnen narcisten je brengen. Op den duur herken je jezelf niet meer.
Je doet dingen die niet in je karakter liggen.
Je laat dingen gebeuren die je normaal nooit zou accepteren.
Je hebt ook geen energie meer om er allemaal vragen bij te stellen.
Heel je leven is gericht op overleven en proberen de vrede te bewaren.

Ook al betekent dit dat je daarvoor een heel andere persoon moet worden.

Het heeft me nadien een heel jaar gekost om mezelf terug te vinden. En in wezen ben ik nu zelfs meer dan ik ooit geweest ben.

Het is zeker een levensles geweest. Soms moet je eerst tot op de bodem afgebroken worden om weer herboren te kunnen worden. Alle muren die je je hele leven hebt opgebouwd om te overleven, moeten weer neergehaald worden.

Dus misschien is het mijn lot geweest om dit mee te maken opdat ik zou kunnen zijn wie ik nu ben.

Maar soms vraag ik me toch af of er geen minder pijnlijke manier zou geweest zijn.

Niet vaak echter. Ik aanvaard dat het universum werkt zoals het werkt.
En dat alles altijd gebeurt met een reden.

Ik heb twee slechte relaties verduurd opdat ik nu de juiste man op het juiste moment kon vinden. En ik zou niet als iemand anders in deze relatie willen gestapt zijn. Want ook hij verdient de beste versie van mij die ik kan bieden.

Net zoals ik die ook verdien. Ik ben blij met wie ik nu ben.
En ik denk dat iets minder drastisch dat nooit had kunnen teweegbrengen.

No pain, no gain. Of zoiets 🙂

18 | Normaal is relatief

Onlangs deelde ik een post met een quote erbij die beschreef hoe je een ogenschijnlijk banale anekdote aan het vertellen kan zijn, waarna je beseft dat je vrienden stilgevallen zijn en naar je te zitten staren.

In een relatie met narcistisch misbruik geraak je gewoon aan een hoop dingen blijkbaar.

Vijf jaar geleden startte ik mijn nieuwe job als secretaresse bij de KU Leuven. Tot dan had ik zeven jaar in Tessenderlo gewerkt, waarbij ik het traject van 35 km telkens met de auto aflegde. Het gebouw was op een industrieterrein gelegen en met het openbaar vervoer niet vlotjes bereikbaar vanuit mijn woonplaats.

Naar Leuven gaan werken was niet mijn eerste keuze. Na jaren in Brussel gewerkt te hebben, had ik gezworen nooit meer werk aan te nemen in die richting. Het vooruitzicht om weer uren onderweg te zijn in de file, stootte mij toen zo hard af, dat ik richting Limburg keek toen ik in 2010 opnieuw aan het werk wilde gaan. 

Ik had toen bewust enkele jaren thuis doorgebracht bij mijn kindjes. In het begin voelde dat vervullend aan, maar toen ze begonnen naar school te gaan, voelde ik weer de pijn en verbittering naar boven komen in mijn eerste huwelijk, die ik even vergeten was door de voldoening om voor mijn kindjes te zorgen. Ook al was dat niet gemakkelijk, want zodra ze hun schooltraject begonnen, stapelden de problemen zich op, tot de diagnose autisme gesteld werd en het duidelijk was waar de problemen vandaan kwamen. 

En dan spreek ik niet over autisme als een probleem, maar eerder hoe de maatschappij, en vooral het schoolwezen, hiermee omgaat.

Na heel wat zoekwerk kwamen ze op hun pootjes terecht in het bijzonder onderwijs en kalmeerde er heel wat in mijn leven dat tot dan toe toch ook niet gemakkelijk om te dragen geweest was.

En ik begon te beseffen dat het nu tijd was om voor mezelf te zorgen. Want ik had die jaren in de zoektocht één ding goed beseft: dat ik er alleen voor stond. Mijn toenmalige man zei dat hij vertrouwde op mijn oordeel in alle beslissingen, maar voor mij was dat synoniem aan zich er niets van moeten aantrekken. Alle beslissingen kwamen op mij. 

En eerlijk, zo wilde ik het ergens ook wel. Ik voelde me altijd aan mijn lot overgelaten, als vanzelfsprekend aangenomen, nooit gesteund…  Als je noodgedwongen altijd alle beslissingen moet nemen, kun je het op den duur ook niet verdragen dat iemand zich plots begint te bemoeien.

Dus ik besloot dat, als ik toch alles alleen moest doen, ik het ook liever écht alleen deed.

En tegelijk ook de kans kon hebben om voor mezelf te zorgen.

En de kans ook kon hebben om iemand te vinden die me wél zou steunen en liefhebben.

Dus zocht ik opnieuw werk en vond een leuke interessante job in Tessenderlo, met de perfecte uurregeling. Meer dan 60% werken kon ik niet, vanwege de schooluren van het bijzonder onderwijs (zonder voor-en naschoolse opvang) en de afstand tussen die school en mijn werk. 

Toen ik zeven jaar later opnieuw besloot om van werk te veranderen, wilde ik verandering. Ik had het werk als Order Administrator altijd graag gedaan, maar ik voelde dat ik iets anders wilde. Nog in dezelfde richting wel, maar toch ietsjes anders. 

Uit de loopbaanbegeleiding die ik gevolgd had, bleek dat ik wel in het juiste soort job zat (administratie), maar dat ik eerder een andere sector uit moest.

Dus toen ik op de vacature voor mijn huidige job uitliep, vielen de puzzelstukjes op hun plaats. En ook al trok het vooruitzicht om opnieuw de richting van de file uit te gaan me niet erg aan, het woog niet op tegen de job zelf. 

Dus in plaats van op een half uur met de auto op mijn werk te zijn, was ik nu met de bus anderhalf uur onderweg.

En dat is op dat moment echt een zegen gebleken. 

Het alcoholmisbruik van mijn tweede man bevond zich toen op een piek. Hij had geen bedrijfswagen meer nadat hij thuis had gezeten met een depressie en elke dag dat hij weg was met mijn auto, hield ik mijn hart vast en bad ik dat hij elke keer weer heelhuids zou thuis geraken.

Ik had al enkele staaltjes meegemaakt van zijn rijgedrag als hij gedronken had en er zijn momenten geweest dat ik vreesde voor mijn leven als hij weer eens een zware voet had of over een drempel zwalpte met de auto. Mij laten rijden was meestal geen optie, dat krenkte hem in zijn eer.

Omdat ik medelijden met hem had en hem niet nog minder mans wilde laten voelen, liet ik het maar gebeuren. Maar ik leefde elke dag met de angst.

Ik denk dat ik een week of twee aan het werk was in mijn nieuwe job, toen ik telefoon kreeg. 

Hij overstelpte me altijd de hele dag met chats en sms-jes, (meestal geen leuke als hij weer gedronken had) maar bellen deed hij nooit, dus ik had al een akelig gevoel toen ik de telefoon opnam. 

Dat gevoel werd bevestigd toen hij zonder nog maar dag te zeggen een tirade begon af te steken, over dat ik kwaad op hem zou zijn en hem zou buitengooien, over een hoop onsamenhangende dingen. Toen ik hem vroeg waar hij het in hemelsnaam over had, kwam het er uit. “Ik heb de auto perte totale gereden”.

Toen was het even stil. Ik stond stil in de gang en stopte met wat ik bezig was. 

Alle gedachten in mijn hoofd verstomden en het enige dat ik kon denken, was:

“Daar heb je het. Wat ik al lang voorspeld en gevreesd had.”

Aan de andere kant van de lijn klonk de vraag of ik hem gehoord had. En het enige dat ik kon uitbrengen, was “tja, het zat eraan te komen, zeker?”.

Ik hoorde nog een hoop excuses aan over wiens schuld het was dat hij van de weg afgeweken was en waardoor hij de gevel van een huis en een verlichtingspaal geraakt had.

Het kon me allemaal niet schelen.

Het proces-verbaal dat ik later te zien kreeg, bevestigde mijn vermoedens over het alcoholgebruik.  

Het verbaast me soms nog op de dag van vandaag hoe kalm ik op die momenten was.

Of dat dacht ik toen toch.

Ik denk dat het eerder apathisch te noemen is.

Want als je het “normaal” vindt dat je man vroeg of laat ergens tegenaan knalt door zijn alcoholisme, dan ben je al ver weg, denk ik. 

Dan zijn je grenzen niet meer vervaagd, maar gewoon niet meer bestaande.

De beste metafoor die hiervoor bij me opkomt, is die van een rek die je rond diepvrieszakjes in de vriezer gedraaid hebt. Als je die uit de diepvries haalt, is het alsof die uitgerokken zijn en zo blijven. Er zit dan geen rek meer op. Pas als je de vrieskou er af laat komen en de rek ontdooit, gaat die weer naar zijn normale staat en is die weer rekbaar.

Zo voelt het ook aan na een narcistische relatie. Je veerkracht is zo ver uitgerokken geweest dat je niet meer weet dat er nog een normale staat is, laat staan dat je nog weet hoe je hier terug naartoe kan.

Het is pas nadat je uit de relatie geraakt bent, dat je beseft hoe verknipt je realiteit geweest is in al die jaren.

En hoe abnormaal gedrag je nieuwe normaal geweest is.

In die tijd had ik het gevoel dat het echt alleen eigen was aan mijn situatie. 

Maar na het lezen van veel getuigenissen van mensen in narcistische relaties ben ik beginnen beseffen dat het eigen is aan die relaties.

En dat ik niet alleen was. 

17 | Dromen van genezing

Gisteren las ik een post op instagram die me raakte. 

Dat gebeurt natuurlijk wel meer, vermits ik vooral mensen volg die me inspireren, zowel in positieve als in negatieve zin. In negatieve zin noem ik het dan eerder “triggers”.

Dingen die me terugbrengen naar mijn verleden. En ja, ik volg die bewust, omdat ik mijn triggers wil overwinnen. Hoe meer ik ze kan verwerken in een veilige setting, hoe minder impact ze op me hebben.

De post ging over trauma bond, en beschreef hoe een vrouw getuige was van huiselijk geweld. Een man die overstuur leek en zijn vrouw achterliet, haar uitscheldend, en intussen liep de vrouw er vertwijfeld achteraan, hem smekend om terug te komen. Zelfs toen hij haar een mep gaf waardoor ze op de grond viel, stond ze weer recht en liep ze opnieuw achter hem aan.

Als je getuige bent van zo’n scène, zal er wel vanalles door je hoofd gaan als je een bewust en volwassen mens bent. Gedachten zoals “waarom laat ze hem niet gewoon gaan”, “waarom laat ze toe dat ze zo behandeld wordt”… Onbegrijpelijk gedrag in de ogen van een mens die het nooit zelf meegemaakt heeft.

Degenen die het wel meegemaakt hebben… zullen het maar al te goed herkennen.

Ook ik.

Het is vreemd hoe je je partner die jou mishandelt, uitscheldt en vernedert, kan gaan zien als een klein kind. Een kind dat je wil genezen, ervoor zorgen en het liefhebben. Hoeveel driftbuien het ook heeft.

Want daar komt het uiteindelijk vaak op neer. Een narcist gedraagt zich vaak als een klein kind, stampvoetend op de grond omdat het niet krijgt waarvan het vindt dat het recht op heeft. Een kind dat liegt om aan straf te ontsnappen. Een kind dat stiekem wegglipt om zijn eigen zin te gaan doen terwijl het weet dat het niet mag. Een kind dat vanalles verzint om aandacht te krijgen.

De grappigste anekdote die ik daarvan heb, voelt  eerder om te huilen aan. Want narcisten kunnen ook niet verdragen dat er iemand meer aandacht krijgt dan zij. Dan lijkt het vaak alsof ze een trapje hoger gaan en iets groter verzinnen omwille van de aandacht.

Ik was enkele dagen thuis met griep. Alhoewel ik na een drietal dagen al vrij goed opnieuw mijn taken op me nam, had mijn toenmalige man me wel die drie dagen moeten helpen met de kinderen en het huishouden. En in de lijn van de verwachtingen werd ook hij plots ziek, en natuurlijk was hij “erger” ziek dan ik. Vaak duurde het zelfs niet tot ik hersteld was. Het was alsof ik mijn eigen ziek-zijn opzij moest schuiven om zijn erger-ziek-zijn aandacht te geven.

Op een gegeven moment nam hij demonstratief zijn koorts op en kondigde dramatisch aan dat hij 40° koorts had. Toen ik met een sceptische blik naar hem keek, duwde hij de thermometer snel af.

Nu ben ik zelf niet van gisteren, en na enkele jaren bij een narcist ontwikkel je toch een sterk zesde zintuig – ook al luister je er meestal niet naar.  Ik wist dat een digitale thermometer de laatste meting toont als je die herstart voor een nieuwe meting. Toen ik 36° zag verschijnen, wist ik niet of ik moest lachen of huilen. En zoals zo vaak vroeg ik me af hoe je in hemelsnaam je partner zo voor de gek zou willen houden.

Dit is nu een ludiek voorbeeld. Ik herinner me veel ergere scènes. Scènes waarvoor ik me lang geschaamd heb, omdat ik niet kon geloven wat ik allemaal gedaan en getolereerd heb. Intussen kan ik er met een milde blik naar kijken, omdat ik weet dat het mechanismen waren die buiten mijn controle lagen toen.

Toen we pas samen waren, vertelde mijn toenmalige partner hoeveel pech hij had gehad met een zelfstandige onderneming, die failliet verklaard werd. Hij had een hoop leningen hoofdelijk ondertekend en zat dus diep in de schulden.

Op een avond vertelde hij me dat hij de ideale oplossing gevonden had. Ik zou een lening nemen voor hem om alles af te betalen en hij zou die gespreid aan me terugbetalen. We waren toen nog maar enkele maanden samen en ik zat nog op de roze wolk, maar er begonnen een hele hoop alarmbellen te rinkelen op dat moment. Ik had toen het “geluk” dat ik nog vasthing aan leningen met mijn eerste man, dus dat plannetje ging niet door. 

Op dat nieuws reageerde hij heel negatief en venijnig. De angst voor zijn reacties zat er toen al diep in en ik was opgelucht dat ik een reden had om nee te zeggen.

Zijn voormalige zaak bevond zich aan de andere kant van het land, en op een dag bevonden we ons daar in de buurt, toen hij besloot even door zijn “oude buurt” te rijden. Eerst leek het melancholie zoals hij wees waar zijn zaak geweest was en wie zijn buren waren, maar al snel sloeg het om naar een heel akelige sfeer. Hij werd venijniger met elke seconde. Uiteindelijk stopten we ergens om iets te drinken – voor hem alcohol, natuurlijk. Met de verwachte gevolgen.

Ik herinner me niet meer waarom ik achter het stuur zat, maar op een gegeven moment bevonden we ons op de ring, en was ik zijn gescheld zo beu dat ik er op reageerde en het kwam tot een fikse ruzie. Plots stapte hij uit, midden op de oprit van de autostrade, waar we stonden aan te schuiven. Hij wandelde gewoon de autostrade op.

Helemaal in paniek, reed ik tot naast hem, hem smekende om terug in te stappen. Hij weigerde, bleef me uitschelden en stapte gewoon verder.

Ik ben stapvoets voor hem blijven rijden en uiteindelijk is hij opnieuw ingestapt. 

Tot op de dag van vandaag vraag ik me nog altijd af waarom ik niet gewoon kon denken “naar de hel met hem” en gewoon verder gereden zijn, hem aan zijn lot overlatend.

Natuurlijk was dat niet de enige gelijkaardige scène. Ook al vroeg ik het me nadien af, ik reageerde telkens opnieuw op dezelfde manier. En hij wist dat. Ik denk dat hij enorm kickte op de macht die hij over me had.

Zo was er ook de uitstap naar Maredsous. Nadat ik durfde reageren, ontstond er alweer een heftige ruzie waarop hij wegstapte en me achterliet. Ik ging opnieuw de auto halen en begon rond te rijden in een omgeving waar ik totaal de weg niet wist, geen idee had in welke richting hij verdwenen was, de hele tijd sms-en aan het sturen in de hoop dat hij me zou vertellen waar hij was. 

Het was al meerdere uren later voor ik hem terugvond, in het donker in the middle of nowhere. En toen ik hem vond, was ik opgelucht. Ik zou het mezelf nooit vergeven hebben als er hem iets moest overkomen zijn toen. Ondanks hoe hij me behandelde.

Toen we op het ergste van zijn alcoholverslaving naar een psychiater gingen en ik het aandurfde om hem tegen te spreken als hij loog over hoe “goed” zijn week geweest was, deed hij nadien alsof het niet erg was en we gingen gezellig uit eten na dat gesprek.

Natuurlijk duurde het niet lang of dat draaide uit tot een venijnige monoloog van zijn kant en toen ik ging afrekenen en me omdraaide, was hij verdwenen. Alweer probeerde ik hem via sms te overtuigen om me te vertellen waar hij was. Op een gegeven moment schreef hij dat hij te voet onderweg was naar huis. 

Alweer in paniek ben ik van Tienen (waar we uit eten waren) naar huis gereden, verschillende keren, over verschillende routes. Het was intussen donker, en ik tuurde wanhopig naar de kant van de weg in de hoop hem te ontwaren. Intussen stroomden de tranen uit mijn ogen.

Toen ik twee of drie keer over en weer gereden was, parkeerde ik me opnieuw in Tienen en zat ik uit onmacht te huilen in de auto. Het was intussen een half uur stil geweest op de chats en ik zat radeloos rond me te kijken, niet wetende wat te doen.

Dan stuurde hij me een sms dat hij in een bepaald café zat. Waar hij dus de hele tijd al had gezeten. En helemaal niet te voet onderweg naar huis was.

Een gevoel van ongeloof en woede ging over me heen. 

Een normaal mens zou de auto gestart hebben en weer naar huis gereden zijn, juist ?

Een normaal mens die niet in zulke situatie zit, ja, dan wel.

Maar dat was niet het geval voor mij.

Ik zat niet in een normale relatie. Ik zat in een relatie met narcistisch misbruik.

And that messes with your head. Big time.

Ik ben dus niet terug naar huis gereden. Ik ben uitgestapt en op zoek gegaan naar hem in dat café. Waar ik hem ladderzat vond terwijl hij andere mensen in dat café lastig viel. Ik heb geprobeerd hem mee te krijgen, maar hij was te ver weg. Ik kan het alleen omschrijven als een soort psychose, er viel geen redelijk woord mee te praten.

Uiteindelijk zag ik in dat ik hier niets meer kon doen, en ik ben uiteindelijk toch opnieuw naar de auto gegaan en naar huis terug gereden. Huilen deed ik niet meer. Ik was doodop van alle emoties en voelde me alleen nog verdoofd.

Die nacht sliep ik bijna niet. Ik was bang dat hem iets zou overkomen zijn. Of erger, dat hij ergens op een bank had moeten slapen en dat ik de prijs ervoor zou moeten betalen.

Geen van beide scenario’s kwamen uit. Nadat hij ‘s middags nog niet gereageerd had op mijn sms-en en telefoontjes, ben ik beginnen bellen naar ziekenhuizen. Toen niemand hem daar op de lijst staan had, belde ik naar de politie. Met de bedoeling hem als vermist op te geven.

Ik kan niet beschrijven hoeveel schaamte me overviel toen ik zijn naam noemde en de agente aan de telefoon zei “ah die? Die zit al de hele nacht in onze cel.” Opgepakt voor openbare dronkenschap. Ze hadden verschillende agenten nodig gehad om hem in toom te houden bij de arrestatie. Ik mocht hem enkele uren later gaan ophalen.

Elke keer als ik dacht dat mijn emotionele rollercoaster niet meer harder kon gaan, of dat ik niet dieper meer kon vallen… slaagde hij er in om toch dat extra duwtje te geven.

Terwijl ik onderweg was, gingen er veel gevoelens door me heen. In eerste instantie was ik natuurlijk kwaad op hem. Ik had geen idee wat ik hem zou zeggen als ik hem zou zien. Ik wilde roepen en tieren op hem, hem door elkaar schudden voor alle ellende van de vorige dag.

Er was geen parking voor de deur van het politiebureau, dus ik moest wat verder gaan parkeren. Terwijl ik naar het bureau stapte, zag ik hem van ver al staan buiten.

Zijn lichaamshouding was die van een geslagen hond, en terwijl ik stapte, voelde ik mijn woede wegzakken en overgaan tot mededogen.

Toen ik voor hem stond, durfde hij me niet aankijken. Hij straalde schaamte en schuldbesef uit en ik dacht: “Misschien is dit het punt. Dat hij eindelijk inziet dat het zo niet verder kan. En zal hij vanaf nu echt veranderen.”

En ik heb hem gewoon omhelsd. En zonder iets te zeggen zijn we naar huis gereden. 

Het zijn die momenten dat je hele realiteit altijd op zijn hoofd zetten. Eén moment van vermeende schaamte of schuldgevoel, en je hebt weer hoop. Eén moment dat je geliefde zijn schild van venijn en agressie laat zakken en je vergeeft hem weer.

Er zijn véél van die momenten geweest. Momenten die me deden twijfelen. Dat hij het echt niet zo slecht meende. Dat hij oprecht berouw kon hebben.

En misschien was dat ook echt zo. Voor een heel kort moment. Voor het ego het weer overnam en vond dat de rest van de wereld moest boeten om hem zo te doen voelen.

Mensen met narcisme kunnen niet om met negatieve gevoelens. Ze moeten een ander altijd de schuld kunnen geven of hun omgeving ervoor laten boeten.

De impact van deze gebeurtenis duurde niet lang. Enkele dagen later was hij alweer moe, of had hij pijn, of had iemand kritiek op hem, of was er een commentaar op facebook die in zijn verkeerde keelgat schoot… en moest ik het weer ontgelden.

Ik heb altijd gedacht van mezelf dat ik een goed mens was. Dat mijn inlevingsvermogen en vergevingsgezindheid kwaliteiten waren. Maar op dat moment waren dat mijn valkuilen.

Valkuilen die ervoor gezorgd hebben dat ik véél langer dan normaal heb vastgehouden aan hoop.

Omdat ik dacht dat ik deze hulpbehoevende man, die ik beschermde als een kind, kon genezen.

Eigenlijk kan je zeggen dat een slachtoffer van narcistisch misbruik constant in een droom leeft. Een droom waarin ze haar man kan genezen.

Maar ze beseft niet dat het eigenlijk een nachtmerrie is.

16 | Patronen

Mensen vragen soms hoe het komt dat ik in hemelsnaam in zulke omstandigheden bij zo’n man kon blijven.

Het antwoord daarop is niet eenvoudig. Er zijn een hoop mechanismen die in werking treden als je in een toxische relatie zit.

In de eerste plaats hou je oprecht van je partner. Je kan de eerste jaren niet geloven dat het echt een patroon is dat nooit zal veranderen. Je blijft leven op hoop en op beloftes die nooit ingelost worden. En zeker als je een vergevingsgezind persoon bent dat mensen meerdere kansen geeft. Of in het geval met narcisten duizend kansen. En als dat gecombineerd is met alcoholisme, nog veel meer.

Ten tweede ontstaat er een patroon dat relatieverslaving heet. Door de extreme ups and downs van met de grond gelijk gemaakt te worden en de volgende dag weer opgehemeld te worden, komen er stoffen in je hersenen vrij die een verslaving doen ontstaan.

Het brengt het romantische concept van “ik ben verslaafd aan jou” tot een heel andere orde.
En het is allesbehalve liefdevol.

Ik heb natuurlijk altijd wel geweten dat ik er ook aan geleden heb, maar ik dacht niet in grote mate.

Deze week kreeg ik daar een heel ander zicht op.

Een bevriende phd-student waar ik vijf jaar geleden mee samen werkte, maakte indertijd een studie over inclusie bij de universiteit. Op een dag deed hij een oproep naar mensen om er aan mee te werken. Hij zocht mensen met een bepaalde identiteit die heel wat impact op hun leven had. Ik grapte (min of meer) of vrouwen die getrouwd zijn met een alcoholist, hier ook voor in aanmerking kwamen. Het antwoord was positief en niet zo veel later zat ik op het stoeltje voor de camera.

Het project zelf kwam nooit echt helemaal van de grond. En eigenlijk misschien maar beter ook. Ik zei in het interview dat ik mijn toenmalige echtgenoot ervan zou op de hoogte brengen, maar uiteindelijk heb ik dat nooit aangedurfd.

Tot voor kort herinnerde ik me het interview nog vaag, tot het ter sprake kwam in één van onze gesprekken. Ik wilde het laten zien aan mijn liefste. Waarom weet ik niet goed. Vaag had ik een gevoel van fierheid omdat ik het aangedurfd had mijn verhaal voor camera te brengen.

Die fierheid verdween echter snel toen ik het youtube filmpje opende en mezelf daar zag zitten op het stoeltje. Het was alsof ik naar een vreemde keek. Eerst en vooral verafschuwde ik mijn gestalte. Het overgewicht, hoe mijn haar lag… Het eerste dat ik dacht, was “my god, ging ik zo naar het werk?”.

En dan begon ik te vertellen in het filmpje.

Zelfs nu, terwijl ik dit schrijf, heb ik het moeilijk om het onder woorden te brengen.

De vrouw op het stoeltje vertelde hoe ze zichzelf niet zag als een slachtoffer. Hoe haar man toch veel moeite deed en in de kern een goede man was. Hoe ze niet wilde dat mensen medelijden met haar hadden, dat ze een sterke onafhankelijke vrouw was die wist wat ze deed, elke keer als ze haar alcoholist een nieuwe kans gaf.

Hoe ze “maar” enkele keren fysiek geweld had ervaren. Op het einde vroeg ze de interviewer zelfs om die passage er uit te knippen, want ze was geen mishandelde vrouw. Het waren toch “maar enkele klappen” die ze gekregen had.

Ik keek naar de vrouw die een schim was van wie ze ooit was. Van wie ik nu ben.
En ik zag het concept van relatieverslaving door heel andere ogen.

Wat ik vooral nu besef, is hoe moeilijk het echt voor mijn omgeving moet geweest zijn.

Ik geloofde in mijn man. Ik hield oprecht van hem. Ik gaf hem alles wat ik had.
Lichaam en ziel. Geloof en vertrouwen. Liefde en vergiffenis.

Maar mijn omgeving had die gevoelens helemaal niet voor hem. Zij zagen alleen hoe fundamenteel onrechtvaardig ik behandeld werd.

Ik moet oprecht toegeven dat ik bij het zien van die vrouw op het stoeltje, haar bijna bij de hand zou genomen hebben en haar naar een vluchthuis voor vrouwen zou gebracht hebben, samen met haar kinderen.

Het heeft een diepe indruk op me achtergelaten.
En tegelijk versterkt het me in mijn missie.

Er zijn ontelbare vrouwen (en mannen) die zich op dit moment in dezelfde situatie bevinden.
En ik wens voor hen dat ze er niet zo lang over doen om te beseffen dat ze meer waard zijn dan zo behandeld te worden.

Dat niets, maar dan ook niets, en zeker geen zogenaamde liefde, het rechtvaardigt dat je mishandeld wordt.

Want als je iemand graag ziet, behandel je je geliefde zo niet.
Een mishandelaar kiest ervoor om te mishandelen.
Dat doe je niet “per ongeluk”.
De berekendheid waarmee het gebeurt, spreekt het idee tegen dat het “buiten hun controle” ligt.

Manipulatie is een bewuste keuze.
Je partner slaan is een bewuste keuze.
Je partner uitschelden is een bewuste keuze.
Je partner vernederen is een bewuste keuze.

Laat je nooit wijsmaken dat het jouw schuld is. Dat jouw reacties het “uitlokken”.

Ik denk dat ik nu voor mezelf weet waarom ik in eerste instantie nooit echt iets met mijn diploma psychologie gedaan heb.

Ik kan niet onpartijdig zijn in deze gevallen. Ik spreek voor degenen die niet durven spreken.
Ik leer hen om zichzelf graag te zien.

Zodat ze inzien dat ze het waard zijn om voor zichzelf te kiezen.
Zodat ze inzien dat ze dit gedrag niet moeten blijven pikken.

En in het geval van narcisten is het mijn inziens een verspilling van energie om een manier te vinden om met hen samen te leven. De enige manier is er uit stappen.

Ik besef natuurlijk dat dat niet altijd evident is, of zelfs door omstandigheden heel moeilijk.

De grootste struikelblokken zijn de financiële middelen en de kinderen.

Partners durven niet vertrekken omdat ze geen geld hebben, omdat de narcist altijd alles onder controle had.
Partners zijn bang om de kinderen in een scheiding te betrekken, dat de narcist hen als pionnen gaat gebruiken om hen nog meer te dwarsbomen.

Ik heb ook in die situatie gezeten. Tweemaal al. Het vraagt veel voorbereiding en rekensommen maken. En het resultaat is dat je het nadien met heel wat minder moet stellen.

Maar geloof me, het is die prijs dubbel en dik waard.

Er staat geen prijs op je veilig voelen
Er staat geen prijs op eindelijk niet meer in constante angst moeten leven.
Er staat geen prijs op niet meer in elkaar duiken bij elke scheldpartij of hand die opgeheven wordt.

En de kinderen zijn gelukkig elk moment dat ze niet bij de narcistische partner moeten zijn.
Dat is het enige dat nog schort in onze maatschappij.
Ik weet dat de rechtbank gemakkelijk oordeelt voor co-ouderschap.
Het concept van narcisme is nog veel te weinig gekend en er wordt veel te weinig rekening gehouden met de wensen van de kinderen, die liefst zo weinig mogelijk tijd moeten doorbrengen met de narcistische ouder.

Ook dat versterkt mij in mijn missie. Hoe meer mensen er over weten en praten, hoe meer bewustwording er komt. En niet zomaar dat het een hype zou zijn.

Mensen moeten echt bewust worden over wat narcisme is en wat voor schadelijke invloed ze hebben op hun omgeving.

Ik weet ook dat mensen vaak schermen met het argument dat een narcist er pas één is als hij of zij de klinische diagnose gekregen heeft.
Medisch gesproken is dat correct. Dan pas hebben ze een “stoornis”.

Maar in mijn ogen is het stellen van het schadelijke gedrag zonder de diagnose zeker even schadelijk en “gestoord”. En maakt het de gevolgen zeker niet minder schrijnend.

Het maakte voor mij geen verschil uit of mijn man de diagnose had, toen hij mij stond uit te schelden.
Het maakte geen verschil uit of hij de diagnose had, toen hij me een blauwe lip sloeg.

Het maakte wel verschil uit toen ik besefte dat hij de kenmerken van narcisme had, dat ik besloot om een einde te maken aan mijn relatie.

De vrouw op het stoeltje was zich daar toen niet bewust van.
Ze dacht toen nog dat het “alleen” alcoholisme was, en dat ze dat kon overwinnen, dat ze hem kon genezen.

Voor narcisme is er geen kans op genezing.

Ik had haar dat willen vertellen, vijf jaar geleden.

Maar ik weet ook dat een mens pas een knoop kan doorhakken als de nood hoger is dan de angst, of erger: de hoop.

En de vrouw op het stoeltje liep nog over van liefde en hoop.

Ik kan alleen maar blij zijn dat ze drie jaar later wel voor zichzelf heeft durven kiezen.
Dat ze vond dat ze meer waard was dan wat ze kreeg.

En vooral… dat ze niet meer wilde wat ze kreeg.
Dat ze eindelijk kon zeggen: NEE! IK WIL DIT NIET MEER!

NOOIT MEER.

NEVER AGAIN.

15 | Licht

Scheiden doet lijden.

Een waarheid als een koe, zoals men dat zegt.

Ook al weet je dat je een beslissing neemt die je al jàren geleden had moeten nemen, om jezelf en je kinderen te onttrekken aan een toxische omgeving, toch is die knoop doorhakken een zware dobber.

Het wil ook niet zeggen dat het jou zelf geen pijn doet, ook al neem je zelf de beslissing.

Ik weet dat mensen die het niet meegemaakt hebben, er vaak weinig begrip voor kunnen opbrengen. Hoe je nog verdriet kan hebben om een partner die je leven tot een hel maakte.

Vertrek dan gewoon. Dat zeggen ze.

Gewoon. Vertrekken.

Of “gewoon” zeggen dat hij moet vertrekken.

Gewoon. Vragen.

Bij een toxische relatie en specifiek een relatie met narcistisch misbruik, bestaat er geen “gewoon”.

Al je kracht wordt aan je onttrokken. Narcisten zijn echte energievampiers. Daarmee hopen ze dat je nooit de kracht zal hebben om aan hen te ontkomen.

Kracht.

Toen ik, anderhalf jaar geleden, snel de echtscheidingspapieren naar mijn advocate bracht, haalde ik opgelucht adem. De grootste stap was genomen. Nu kon ik beginnen uitkijken naar het einde.
En dus ook naar het begin.

Een nieuw begin van een nieuw leven. Een leven zonder constante angst. Ik wist wel dat ik daar ook aan zou moeten werken. Al in mijn jonge jaren bleek ik heel onderhevig te zijn aan angsten. De therapeute die ik had in mijn jonge twintiger jaren, zei het eens tegen mijn toenmalige echtgenoot (nummer 1 dus, de vader van mijn kinderen). Dat ik zo bang was van alles. Voor alles. Dat het mijn beslissingen op alle vlakken soms blokkeerde.

En toch slaagde ik er altijd in om de nodige knopen door te hakken.

Ik deed onlangs een test om mijn super power te onthullen. Dat blijkt voor mij nu net kracht te zijn, moed en doorzettingsvermogen. Alhoewel het nut van het soort test nog moet blijken uit een webinar die ik morgen heb, lijkt het resultaat me toch op het lijf geschreven te zijn.

Kracht. Tegen wil en dank. Want heb je ooit echt een keuze? Als je dreigt te verdrinken, begin je toch ook te spartelen in de hoop dat je boven blijft? Is dat dan kracht? Of de moed der wanhoop?

Anyway… daar wilde ik het in deze blog niet specifiek over hebben. Alhoewel het wel meespeelt in hoe de gebeurtenissen, die ik nu ga beschrijven, zich ontwikkeld hebben.

Nadat ik de papieren ingediend had, was ik ook wel bang. Bang dat het geweld nog erger zou worden. Bang dat hij op zijn toezegging zou terugkomen om zo snel mogelijk te vertrekken.

De eerste dagen scheen hij zijn best te doen om snel een appartement te vinden. Maar de eerste die hem wel zinden, bleken meestal pas binnen enkele maanden beschikbaar te zijn.
Ik heb snel duidelijk laten blijken dat dit geen optie voor mij was. Als het kon, wilde ik dat hij al de volgende dag weg zou zijn. Het was gewoon nog onhoudbaar, nu de knop omgedraaid was, om zijn gedrag te verdragen. Om zijn aanwezigheid te verdragen. Om de ogenschijnlijk trieste en verslagen blikken te verdragen.

Ik kon het niet meer opbrengen, echt niet.

Geen greintje empathie was er nog in mij over voor deze man die mij en mijn kinderen zo’n pijn had gedaan. Als “beloning” voor alle liefde die ik hem gegeven had.
En nu was het weg. Ik voelde niks meer, alleen nog leegte.
Het was op. Ik was op. Ik had niks meer te geven.

Na enkele dagen geen reactie van mij gekregen te hebben op het trieste vertoon, begon zijn gedrag weer te keren. Het gebruikelijke venijn werd een tandje hoger geschakeld.
Af en toe zakte het weer als het nodig was dat hij met mij communiceerde, omdat hij alweer iets nodig had. Dan gedroeg hij zich weer “normaal”.

We kwamen overeen dat hij eerst iets kleins zou zoeken dat onmiddellijk beschikbaar was en dat zijn spullen dan bij mij zouden blijven staan tot hij iets groters zou hebben. Dat betekende dus wel minstens een jaar, maar ik was zo opgelucht met deze oplossing, dat ik onmiddellijk toegezegd heb.

Tweede vraag was financieel. Hij moest daarvoor dus ook de gebruikelijke borg kunnen betalen. Alhoewel zijn loon 3 keer zoveel was als het mijne, had hij geen spaargeld.
Enkele jaren voordien had hij mijn auto kapot gereden en me die kosten terugbetaald, en daarmee kon ik hem die som dus voorschieten. Gelukkig dat ik altijd heel spaarzaam geweest ben met mijn 60% loon, of ik was met hem al lang de armoede in beland.

Alweer die kracht en doorzettingsvermogen, misschien?

Toen dat alles geregeld was, kon ik eindelijk beginnen aftellen. Omdat ik echt niet meer kon verdragen om nog veel in zijn aanwezigheid te zijn, ging ik enkele dagen op verlof met mijn kinderen. Om ook hen te sparen van zijn erger wordende gedrag.

Die dagen waren leuk en ontspannend voor ons en ik had weer hernieuwde moed om de laatste dagen met hem door te spartelen.

De thuiskomst was vreselijk. Hij straalde zoveel haat uit dat ik écht bang werd voor onze levens. Ik durfde geen moment meer met hem alleen zijn of mijn kinderen alleen bij hem laten.

Ik contacteerde één van mijn beste vriendinnen, die gelukkig snel kon komen. Ik stond haar buiten op te wachten want ik durfde niet meer in mijn huis bij hem te zijn.

Nadat ze mij wat gekalmeerd had, ging ze binnen polshoogte nemen en bleek hij te liggen slapen in de zetel. Natuurlijk, dat was de oorzaak. Alcohol. Alweer.

Mijn angst veranderde in afgrijzen en walging. Ik kon en wilde hier niet meer blijven in die laatste week voor zijn verhuis.

Een andere goeie vriendin had een appartement aan zee en gelukkig kon ik daar enkele dagen verblijven. En bij mijn ouders kon ik dan de laatste twee dagen overbruggen.

Ik ben iedereen nog altijd super dankbaar. Zij hebben mij het leven gered, denk ik vaak. Ik weet niet tot wat hij nog in staat zou geweest zijn onder de invloed van alcohol.

De volgende dag, toen hij weg was naar zijn werk, heb ik de kinderen en het hoogst nodige ingepakt en zijn we dus die laatste week op de vlucht geslagen. Uit mijn eigen huis.

Het ergste vond ik het voor de kinderen. Ze hadden van hun eigen spaarcentjes een gaming computer gekocht en waren doodsbang dat hij die zou kapot maken. Het zou niet het eerste geweest zijn dat hij in een vlaag van woede had kapot gemaakt. Of onder de invloed van alcohol, zoals mijn auto. 1 kamer kon ik op slot doen, maar van de andere had ik geen sleutel meer. Maar dat risico moesten we maar nemen. Beter materiële schade dan ons leven.

Die laatste week ervaarde ik als het ultieme laagste punt van mijn relatie. Aan de ene kant was ik opgelucht dat we veilig waren, aan de andere kant helemaal verslagen. Hoe diep kan je zakken als je moet wegvluchten van je partner.

Nochtans was het niet de eerste keer. Ik was voordien al enkele keren met de kinderen, zonder schoeisel of andere benodigdheden, de auto moeten inspringen om ons in veiligheid te brengen voor zijn gewelddadigheid. Maar dan kon ik altijd terugkeren zodra hij zijn roes lag uit te slapen.

Nu, zo een hele week op de vlucht, was toch ingrijpend. Ik heb buiten het gezichtsbereik van de kinderen zitten huilen. Verslagen, vermoeid, leeg. Vol schuldgevoel dat ik het zo lang heb laten duren. Als ik naar mijn kinderen keek, die alleen hun gsm hadden om zich mee bezig te houden, voelde ik me zo ellendig. Gelukkig was het vrij goed weer aan zee en kon ik hen nog wat bezig houden met wandelingen en iets lekkers gaan eten.

Zodra hij besefte dat ik weg was, was hij weer beginnen smeken dat we naar huis zouden komen, dat we niks te vrezen hadden. Maar ik vertrouwde hem niet meer. En ik ging zeker geen enkel risico meer nemen. Ik kreeg nog wat schuldbewuste mails en dan doofde het uit.
Ik was er niet kwaad voor, ik had rust nodig in mijn hoofd. En ik had geen enkele behoefte om nog op eender welke manier met hem te communiceren.

Het enige dat ik nog met hem besprak, was de uiteindelijke verhuis van de noodzakelijke dingen die hij zou meenemen. Omdat hij zelf geen auto of rijbewijs had op dat moment, moest ik hem zelf nog verhuizen ook.

Achteraf bekeken, vraag ik me nog altijd af waarom ik dat allemaal gedaan heb, in plaats van hem te zeggen dat hij zelf zijn plan moest trekken. Maar ik vond dat ik het beter kon doen, dan had ik er tenminste controle over dat hij daadwerkelijk weg zou zijn.

Vrienden verklaarden me voor gek dat ik dat nog gedaan heb, maar het was dus niet helemaal zonder eigenbelang.

Wat ik wel geweigerd heb, is hem nog met me te laten meerijden naar zijn nieuwe appartement. Geen haar op mijn hoofd dat er aan dacht om nog een half uur met hem alleen in de auto te zitten.

Gelukkig is mijn vader ook meegereden om alle spullen te kunnen verhuizen, ik wilde het ook niet alleen doen. Ik was te bang geworden voor de toestand waarin hij zich zou kunnen bevinden. Gelukkig was hij nuchter, zelfs wat ontredderd. Het raakte me bijna opnieuw in mijn hart.

Bijna.

Het afscheid zelf was toch nog verrassend emotioneel. Hij is beginnen huilen toen ik instapte om te vertrekken, en bijna had ik mijn armen om hem heen geslagen om hem te troosten. Zoals ik 10 jaar lang gedaan had.

Opnieuw leek hij de kwetsbare man vol schuldbesef die me zo dikwijls had weten te overtuigen om bij hem te blijven en hem te blijven vergiffenis schenken.

Ik raakte zijn arm even aan en zei dat het me ook speet hoe het allemaal is moeten lopen.
De aanraking gaf zo’n schok dat ook ik mijn tranen heb moeten verbijten. Ik mocht niet laten zien dat het me ook pijn deed, een moment van kwetsbaarheid zou hem hoop geven en weer een heel proces in gang zetten van mij bestoken met berichten.

Nee, ik moest sterk zijn. Het duidelijke signaal geven dat het onherroepelijk voorbij was.

Kracht en doorzettingsvermogen.

Op dat moment, ja.

Tien minuten later, alleen onderweg naar huis, ben ik helemaal gebroken.

Alle pijn die ik de laatste weken had moeten inhouden omwille van de kinderen, kwam naar boven en ik ben luidkeels beginnen huilen. Echt heel luid. Ik heb mijn muziek even luid gezet, kwestie van geen rare blikken te krijgen van mensen rond me.

Na deze deugddoende ontlading, kwam een enorme rust over me heen.

Het was eindelijk voorbij. Echt helemaal voorbij.

En voor het eerst zag ik weer licht voor me. Ik had de tunnel verlaten en kon weer de wereld voor me en rond me zien.

En ik zag dat het goed was.

14 | Voorbij

Eens je tot de realisatie gekomen bent dat je partner een narcist(e) is, begint er een heel proces in je hoofd en je hart.

Je denkt “ja, eindelijk zijn de puzzelstukjes in elkaar gevallen, eindelijk is het duidelijk waar het gedrag vandaan komt!”.

Maar… wat dan?

Dan zit je daar. Net bekomen van de aha-erlebnis. De kortstondige euforie van het besef dat het allemaal niet aan jou lag, ebt weg. En wat overblijft is leegte. Pijn. Verdriet.

Het besef dat het ook een eindpunt is.

Het einde van je relatie.
Het einde van je hoop dat het allemaal ooit nog goed komt.
Het einde van de droom van een leven samen.
Het einde van je leven zoals het op dat moment is.

En ook al is dat laatste iets goeds, je wil het nog niet loslaten.
Je bent het gewoon.
Op een vreemde manier voelt het veilig, want het is bekend.
Het onvoorspelbare gedrag is op een vreemde manier ook voorspelbaar.

Het idee dat je actie gaat moeten ondernemen, jaagt je schrik aan.
Het idee dat je leven gaat veranderen, maakt je bang.
Het idee dat je niet weet hoe je er aan moet beginnen, geeft je paniekaanvallen.

En tegelijk… als je even een moment van stilte ervaart… en je probeert je in te beelden…

Hoe het zou zijn om niet meer elke dag op eieren te lopen…
Hoe het zou zijn om niet elke keer in angst thuis te komen…
Hoe het zou zijn om niet meer elke keer je adem in te houden als je een berichtje binnen krijgt op je smartphone…
Hoe het zou zijn om vrolijk thuis te komen van een koffie met vrienden en geen nare blikken te zien die op je wachten…
Hoe het zou zijn om liefde voor iemand te voelen, die hetzelfde aan je teruggeeft zonder iets van je te verwachten…

En je voelt je overstromen met een warm gevoel… een veilig gevoel…

Ik weet het. Het doet pijn om je dit in te beelden, en meestal wuif je het beeld snel weg als het bij je opkomt.

Maar deze keer voelt het anders. Je voelt dat er iets veranderd is. Je weet dat je hét punt voorbij bent.

The point of no return.

Eén keer de knop omgedraaid is, is er meestal geen weg meer terug.

Want je weet dat je niet meer terug wil. Je weet dat je meer wil dan dit leven in angst en pijn.

In juni 2021 dacht ik dat ik dat punt gepasseerd was. Ik had documenten van het internet gehaald voor een EOT (Echtscheiding Onderlinge Toestemming) en ik had een inventaris opgemaakt van de dingen die we gemeenschappelijk gekocht hadden, en een verdeling gemaakt onder ons.

En toch slaagde mijn toenmalige echtgenoot er in om me nogmaals te overtuigen. Even klonken de beloftes en smeekbedes gemeend, werd er beloofd om mee te werken aan relatietherapie. En ja, ik ben gezwicht. Ik wilde niet verweten worden dat ik niet àlles geprobeerd had om het te laten werken.

Alhoewel ik dat eigenlijk al 1000 keer gedaan had. Voor mezelf wist ik dat wel, maar ik wilde dat ook hij het besefte. Want al die 1000 voorgaande keren had het niks uitgehaald.

Diep vanbinnen wist ik echter dat mijn knop al 90% omgedraaid was, en ik wilde er eindelijk korte metten mee maken als de relatietherapie op niks zou uitdraaien.

Ik contacteerde een advocate en liet alle nodige papieren al opmaken. Ik wist dat, als het einde er echt aan kwam, dat ik snel zou moeten reageren als hij bereid zou zijn om de papieren te tekenen, en ik wilde ook duidelijk het signaal geven dat het écht voorbij was.

Ja, de angst zat er in dat hij ging tegenwerken en dat we in een vechtscheiding zouden terechtkomen. Dus ik maakte in stilte alle voorbereidingen en wachtte op de dag die onvermijdelijk zou komen.

Heb ik zelf écht mijn best gedaan in de relatietherapie? Ik denk het wel. Maar ik stelde me niet meer op als de immer vergevingsgezinde vrouw die alweer alles probeert om het goed te maken. Ik stelde me op als de sterkte vrouw die ik me probeerde te voelen, met de duidelijke grens dat het genoeg geweest was.

Dat gooide natuurlijk olie op het vuur en er was van beide kanten weinig sprake van toenadering. Ik probeerde hem duidelijk te maken dat alles het gevolg was van zijn gedrag. Hij probeerde het zo te manipuleren dat alles de schuld was van mijn kinderen en mijn mislukte opvoeding.

Ik weet niet of dat bijgedragen heeft tot zijn crisis op de dag dat het allemaal eindigde.
Ik zal nooit weten wat er juist gebeurd is dat hem bracht tot de acties die alles kapot maakten.

Bij elke stemmingswisseling leek het alsof hij van persoonlijkheid veranderde, dus ik was al wel wat gewoon.
Maar wat er die dag gebeurde, was onbegrijpelijk. Ik kan het niet anders omschrijven dan dat er kortsluiting moet opgetreden zijn in zijn hoofd.

Twee van mijn kinderen worstelen al enkele jaren met hun genderidentiteit. Ik had er weinig met hem over gedeeld, want hij gebruikte hun autisme al om hen mee uit te schelden (het woord “mongolen” viel regelmatig), dus ik wilde niet dat hij dat ook zou gebruiken om hen bewust mee te kwetsen.

Want zoals bij mij, stopte hij pas in de periodes van misbruik als hij hen met de grond gelijk gemaakt had.

Ik had hem vooraf gewaarschuwd dat dat voor mij het breekpunt zou zijn. Als hij dat ooit zou gebruiken tegen hen, zou het voor mij gedaan zijn.

Hij was al enkele keren bij het schelden in die richting gegaan, maar als ik hem waarschuwde, hield hij zich alsnog in. Maar ik zag het zo al erger worden, en ik wist dat hij vroeg of laat over de schreef zou gaan.

Natuurlijk hoopte ik van niet. Zelfs na meer dan 9 jaar misbruik, hoopte ik nog altijd dat er op een dag een mirakel zou gebeuren en dat hij het licht zou zien en de lieve man zou worden waarop ik dacht dat ik verliefd geworden was.

En dan kwam dé dag.

Ik had een halve dag vrij en de roep van de zee kwam weer bij me op. Ook al zou ik langer onderweg zijn met de trein dan dat ik echt aan zee zou zijn, stapte ik op de trein met de hoop op een namiddag rust.

Eerst was hij begripvol en enthousiast, tot hij me vroeg wat we ‘s avonds zouden eten.
Vermits ik maar een halve dag had, zei ik hem dat ik waarschijnlijk pas laat zou terug zijn.
Dat was altijd zo bij mijn uitstapjes en het was nooit eerder een probleem.
Ik voelde dat er bij hem wat weerstand ontstond, maar ik wilde er deze keer geen rekening mee houden.
Ogenschijnlijk legde hij zich erbij neer en hij zou zelfs voor het eten voor mijn kinderen zorgen.

Tijdens mijn uitstapje kreeg ik ogenschijnlijk normale sms-jes, die ik niet onmiddellijk bekeek want ik wilde genieten van de rust aan zee. Ik nam de tijd om mijn situatie te overdenken en nam het besluit dat ik me niet meer zou laten leiden door angst. Dat ik mijn leven verder zelf in handen wilde nemen.

Toen ik op de trein naar huis stapte, merkte ik dat er plots weer heel veel berichten in mijn inbox zaten. En zoals altijd bleek dat niet veel goeds te voorspellen.

Naast zijn berichten stonden er ook van mijn twee oudste kinderen in. Die me anders nooit iets stuurden. Dat deed mijn alarmbellen nog luider klinken.

Wat ik las, tartte al mijn verbeelding. Blijkbaar was hij begonnen met mijn kinderen alweer uit te schelden, deze keer specifiek gericht op het gender issue en was hij een telefonische oorlog begonnen met de vader van mijn kinderen én mijn ouders.

Verslagen heb ik zitten huilen op de trein. Toen en daar heb ik moeten toegeven dat het voorbij was. Echt voorbij. Er zouden geen kansen meer gegeven worden.

Ik heb gereageerd op zijn berichten dat ik bij thuiskomst de papieren zou klaarleggen voor hem voor te ondertekenen en dat ik hem verder niks meer te zeggen had.

En ik heb hem geblokkeerd op alle kanalen waar hij contact met me kon opnemen.

Na mijn kinderen nog even wat gerustgesteld te hebben dat ik onderweg was en dat het allemaal voorbij was nu, heb ik de rest van de treinrit nog zitten huilen.

Het was voorbij.

De strijd, de pijn, het verdriet.

De hemelse liefde, de aanbidding, de vlinders in de buik, de liefdesbetuigingen, de boeketten, de romantiek.

De vernederingen, de scheldpartijen, de helse e-mails, sms’en in caps letters, het geroep, het getier, de bedreigingen, het liegen.

Eindelijk was het voorbij.

13 | Wanneer je beseft dat het narcisme is

Wanneer kom je tot het besef dat je een relatie hebt met een narcist?

Dat vroeg Annick me in de podcast die je eergisteren kon beluisteren. Ik moest daar toen even over nadenken. Zoals ik in mijn vorige blog schreef, rol je er geleidelijk in, zodat je het niet echt beseft.

Natuurlijk voel je wel dat het hélemaal niet okee is hoe je behandeld wordt. Maar je wordt gebrainwasht, of zoals het in het narcisme-landschap genoemd wordt: ge-gaslight

(de term komt uit een film van Alfred Hitchcock)

Gaslighting betekent dat je beleving van de realiteit zo in vraag gesteld wordt, dat je gaat geloven dat je alles verkeerd ziet, hoort en voelt. Zo erg dat je op een bepaald moment gesprekken gaat beginnen opnemen, zodat je later voor jezelf kan horen dat het wel degelijk zo gegaan is als jij het je herinnert.

En ja, ook ik heb dat gedaan. Ook met de bedoeling om het te kunnen laten horen aan mensen die het nog altijd niet willen geloven. Of in de rechtbank als het tot een vechtscheiding zou komen. Gelukkig is dat niet gebeurd bij mij, maar dat het van een leien dakje gegaan is, kan ik ook niet zeggen. Maar dat is voor een andere blog.

In elk geval, als je in je relatie begint te beseffen dat je zoiets zou willen doen, gesprekken opnemen om zeker te zijn dat je niet gek bent, ga er dan maar van uit dat er iets ernstigs mis is. Dat je gemanipuleerd wordt. 

En begin dan eens rond te kijken en te horen. 

Ik weet niet meer hoe het bij mij juist gebeurd is, maar op een gegeven moment ben ik bij youtube filmpjes van Dr. Ramani beland, die een heel kanaal over narcisme heeft. 

De kenmerken die ze beschreef, klonken zo bekend in de oren.

Eigenlijk, nu ik dit zo schrijf, herinner ik het me plots weer. Mijn ex had/heeft een alcoholprobleem. Ik ben een tijdje lid geweest van facebook zelfhulpgroepen voor partners van alcoholisten. Ik heb zelfs een eigen website erover gemaakt, met de bedoeling een forum te bieden voor lotgenoten. Toen nog vanuit de insteek om onze partners te helpen, want ze hadden het toch zo moeilijk. (sorry als ik hier wat sarcastisch klink, maar het leek altijd alsof wij als slachtoffers niet het recht hadden om het er moeilijk mee te hebben)

Dat kreeg ik trouwens als verwijt elke keer ook te horen, als ik kloeg dat hij zich weer niet aan zijn beloftes hield. Dat ik niet elke keer oude koeien uit de gracht mocht halen, want zo steunde ik hem niet. Ik moest vooral begripvol en geduldig zijn. Ik begreep toen niet hoe de AA-leden elkaar zo aanspoorden om met hun partner om te gaan, maar nu ben ik ervan overtuigd dat het vooral hijzelf was die deed alsof het vanuit de AA kwam. Gaslighting alweer.

En geloof me, ik héb véél geduld gehad. 1000 keer opnieuw vergeven, telkens opnieuw geloofd dat het vanaf nu beter zou zijn. Ik haalde helemaal geen oude koeien uit de gracht, want dat betekende alweer veel verbaal geweld en hervallen in alcoholmisbruik, dus daar paste ik wel voor op.

In de zelfhulpgroepen waarvan ik lid was, begon vaak het woord “narcisme” te vallen. De gedragingen die werden besproken, vielen vaak samen met gevolgen van alcoholisme, dus ik besteedde er toen niet zoveel aandacht aan.

Dan gebeurde “het incident”. Ik dacht dat dat het keerpunt zou zijn, dat hij niet lager meer kon vallen, dat het toen eindelijk gedaan zou zijn.

Ik ga er niet vaag over doen. Naarmate mijn kinderen ouder werden, begonnen ze veel minder tolerant naar hem te worden. Op zijn scheldpartijen werd gereageerd en hij werd er nog agressiever van. Het idee om tegengesproken te worden, was onaanvaardbaar voor hem. En als hij dan ook nog gedronken had, werd hij helemaal agressief, ook fysiek. Op een dag ontstond er een schermutseling tussen hem en mijn twee 17-jarige zonen, en brak hij de neus van mijn oudste zoon. 

Ook dat vergaf ik hem. Zelfs mijn zoon vergaf het hem. Want hij had het toch zo moeilijk. Hij was ziek.

En daarom nam ik hem mee naar de huisdokter. Mijn voorwaarden: terug naar de AA, aan de medicatie tegen alcoholmisbruik en in therapie.

Gedurende een half jaar ging dat beter. Ik kan niet zeggen “goed”, maar het ging beter. 

Maar natuurlijk duurde het niet lang. Ik begon te vermoeden dat hij de medicatie niet nam, want hij kwam opnieuw aangeschoten thuis na het werk. Dus telde ik het aantal pilletjes in het doosje. En dat bleef soms dagen na elkaar hetzelfde aantal.

Ja, zo ver komt het. Als partner val je in acties die je nooit had durven denken. Die je nooit had durven nodig achten. Je telt pilletjes. Je checkt uitgaven. Je checkt hun online activiteiten, waar ze zijn (of ze inderdaad zijn waar en wanneer ze zeggen dat ze zijn), je check zelfs hun chats. Dingen waar ik zeker niet fier op ben. En ik wou dat ik kon zeggen dat ik niets vond. Helaas ben ik gezegend met een zesde zintuig, dat zegt dat er iets niet pluis is als dat ook echt zo is.

Maar er is dus een korte periode geweest (geen zes maanden, alhoewel ik voor hem toen een heuse trofee in plexiglas heb laten maken om zijn zes maanden te vieren) dat hij niet of weinig onderhevig was aan alcohol.

Maar het ging niet echt veel beter. Het gedrag zwakte af, maar het bleef. 

En toen ben ik gaan beseffen dat het niet aan de alcohol lag. Er was iets mis met hem zelf.

Dat was een zware dobber voor mij. De hoop dat het eindelijk zou beteren en dat hij zou kunnen genezen, werd de kop ingedrukt. 

Maar wat was er dan wel aan de hand? En toen herinnerde ik me de gesprekken in de zelfhulpgroepen. De naam Dr. Ramani kwam ter sprake en ik begon me te verdiepen in haar video’s en verhalen van lotgenoten.

Het is een bevreemdende ervaring. Je denkt dat je verhaal in het begin een sprookje was dat geleidelijk uitgroeide tot een nachtmerrie. Je denkt dat je speciaal was, dat jouw verhaal uitzonderlijk is.

En dan lees je verhalen die lijken alsof je ze zelf hebt neergeschreven. Je leest woorden die gezegd werden, die ook uit de mond van jouw geliefde kwamen. Je hoort beschrijvingen van situaties die identiek zijn aan de jouwe. 

En dan besef je: er is een patroon. Hij is niet zomaar een man met bepaalde gedragingen, het is een patroon en het heeft een naam. 

Narcisme.

Als ik het woord vroeger hoorde, dacht ik dat het synoniem was voor een mens met overdreven eigendunk en ijdelheid. Iemand die irritant kon zijn, maar verder onschadelijk was voor zichzelf en/of zijn omgeving.

De eerste keer dat ik besefte dat het ook negatieve gevolgen had, was toen mijn ex zelf bij de psychiater buiten kwam en heel ontdaan vertelde dat deze hem gezegd had dat hij ernstige kenmerken van narcisme vertoonde.

Ik heb toen veel moeite moeten doen om niet te lachen en te zeggen “ja, deuh!”.

Toen was het even amusant, maar toen ik me er in begon te verdiepen, verging het lachen me steeds minder.

Ik kocht het boek van Dr. Ramani: “Should I Stay or Should I Go? – Surviving a relationship with a narcissist”.

En toen gingen mijn ogen open. Helemaal open.

Alle puzzelstukken vielen op hun plaats. En tegelijk stortte mijn wereld in elkaar.

Het heeft een naam. Het zijn persoonlijkheidseigenschappen en niet het gevolg van alcoholisme. 

En het is ongeneeslijk.

En daar sta je dan. En je beseft dat je inderdaad jezelf de vraag moet stellen.

Should I Stay or Should I Go.

Het klinkt als een liedje. Maar eigenlijk is het een doodvonnis voor je relatie.

Voor alle hoop die je nog had. Voor alle dromen waar je je nog aan vasthield.

En tegelijk voel je opluchting. 

Eindelijk besef je dat je zelf nergens de schuld aan had. Dat je niks anders had kunnen doen om het te doen werken. Waarom niks hielp. 

Het was een verloren zaak vanaf het moment dat je hem in je hart sloot. En geen enkele gram liefde meer had daar iets aan kunnen veranderen.

Je weet dat je alles gedaan hebt wat je kon. En daarom weet je ook dat het okee is om het los te laten.

Het is niet opgeven. Het is niet falen.

Het is gewoon de dingen accepteren die je niet kan veranderen, de moed hebben om de dingen te veranderen die je wel kan veranderen, en de wijsheid hebben om het verschil te zien.

Wat je dus wel kan veranderen, is de relatie stopzetten.

Of je kan accepteren dat het nooit zal veranderen.

Een tussenweg is er niet.

12 | De kikker in de kookpot

Vorige week was ik zelf te gast in een podcast. Topfit met Annick maakte een reeks met getuigenissen van mensen die slachtoffer zijn of waren van een narcist(e).

Hoewel het een vrij korte podcast is en er dus weinig kans was tot veel diepgang, hebben haar vragen me toch aan het nadenken gebracht. Ik denk dat het tijd is om mijn verhaal te brengen. Echt te brengen. Geen quotes van andere narcisme coaches met daar in het kort mijn ervaring bij. Mijn eigen teksten. Mijn eigen coaching.

Laat me beginnen met een onderscheid te maken in het landschap van narcisme coaching.

Als je googelt op “narcisme coach”, kom je terecht bij twee types.

Enerzijds heb je de coaches die slachtoffers van mensen met narcisme, al dan niet met de echte diagnose van NPS (Narcistische Persoonlijkheidsstoornis), helpen. 

Anderzijds heb je de coaches die de narcisten helpen. Ik weet niet of je hier kan spreken van mensen met NPS helpen, vermits het inzicht vereist om hulp te zoeken of zelfs maar te beseffen dat je hulp nodig hebt. Het is een contradictio in terminis. Maar goed, waarschijnlijk bestaan er mensen die op de grens leven, die beseffen dat hun gedrag niet okee is en hier iets aan willen doen.

Ik dacht vaak dat mijn tweede man hiertoe behoorde. Maar nu besef ik dat hij me gewoon zei wat ik wilde horen. Zodat ik zijn toevoer zou blijven van energie. Net genoeg kruimeltjes toegooien zodat ik bleef hoop hebben. Ik dacht dat het hetzelfde kon zijn als met het alcoholisme, dat hij een tijd onder controle scheen te hebben.

Alhoewel ik ook hierover mijn twijfels heb nu. Niemand kan zo goed alles verstoppen als een verslaafde. Een deel van zijn manipulatie bestond er ook in dat hij toegaf dat hij op bepaalde momenten zijn drank verstopte, zodat het leek alsof hij nu “echt wel” helemaal eerlijk was.

Maar goed. Ik ga proberen om het wat chronologisch neer te schrijven. Met deze inleiding wil ik vooral duidelijk maken dat, als ik het over mijn roeping als narcisme coach heb, het gaat om het helpen van de slachtoffers. Mijn lotgenoten.

De eerste vraag die Annick stelde, ging over hoe ik ben beginnen beseffen dat mijn ex een narcist is.

Alhoewel ik me heel bewust ben van de kenmerken van narcisten, moest ik toch even nadenken. Je rolt als het ware in de relatie en het misbruik, zodat het moeilijk is om te bepalen wanneer je ogen echt open gingen.

Ik gebruik graag de metafoor van de kikker in de kookpot hier. 

Als je een kikker in een kookpot met kokend water gooit, zal die er onmiddellijk uit springen.

Maar als je hem in koud water zet en de kookpot langzaam opwarmt, zal hij het niet merken tot het te laat is en zal hij sterven of zwaar beschadigd er uit kunnen klimmen. 

Zo gaat het ook met misbruik. 

De eerste keer dat ik besefte dat zijn gedrag écht niet okee was, gebeurde toen we een week of twee samen waren. Ik was, voor we een relatie begonnen, enkele keren op date gegaan met een andere man. Ondanks het feit dat we zelfs op dat moment nog geen gevoelens voor elkaar uitgesproken hadden, reageerde hij altijd extreem jaloers als dit nog maar ter sprake kwam. 

De eerste keer dat ik zijn ogen zag hard worden van haat, was omdat ik een sms-je kreeg van genoemde man. Alhoewel ik toen al aan deze duidelijk gemaakt had dat ik intussen een relatie had en geen interesse meer had in contact. De sms was onschuldig genoeg, een vraagje hoe het met me was. Geen sexting of ongepast taalgebruik. Maar het was genoeg om mijn “nieuwe liefde” aan te zetten tot venijnige uitspraken met ogen die gevuld waren met haat. De eerste keer dat ik bang was van hem.

En na een half uur sloeg dat plots weer om naar liefdevol mijn hand vastpakken en sorry zeggen, dat hij me zo graag zag, dat hij het idee van iemand anders in mijn leven niet kon verdragen. Opgelucht keek ik in zijn ogen en zag opnieuw de liefde en ik probeerde alle rode vlaggen die in mijn rug staken, te negeren. Ik gaf mezelf de schuld en blokkeerde genoemde man in mijn gsm en op alle andere communicatiemiddelen. Oef, het gevaar was geweken.

De tweede keer gebeurde toen we een maand of twee samen waren. Hij werkte toen als manager bij een startend outlet bedrijf, met lange stresserende dagen. Als hij dan thuiskwam na een vermoeiende dag en de nodige tijd in de file, was het eerste dat hij deed, een aperitiefje nemen, om “de vermoeidheid af te schudden”. Dat gebeurde dagelijks. Het voelde niet goed aan, maar hij deed er luchtig over, dus ik maakte er (nog) geen probleem van. 

Soms leek het alsof hij al elders ook een aperitiefje genomen had, want hij kwam ogenschijnlijk liefdevol thuis, wat dan na enkele minuten oversloeg naar een venijnig humeur. Ik lette heel erg op hoe ik hem ontving, altijd met een stralende glimlach en liefdevolle knuffel, hoe moe ik zelf ook was. 

Op die bewuste avond was ik te moe om te koken en had ik pizza in de oven gezet. Zijn oven, die hij mee verhuisd had, en die ik totaal nog niet gewoon was. Hij kwam ook veel later thuis dan hij aangekondigd had (wat mijn idee nog versterkte dat hij elders al een tussenstop gemaakt had, lees: op café) en oogde heel vermoeid en geïrriteerd. In een poging om de pizza warm te houden, had die langer dan voorzien in de oven gestaan en het resultaat was een zwart geblakerd baksel. 

Toen hij daar een blik op wierp, werd hij woedend. Hoe kon ik zo dom zijn, kon ik nog geen pizza opwarmen, het was al erg genoeg dat ik niet de moeite gedaan had om te koken, wat een stom wijf was ik toch.

En dan dwong hij me om de pizza zelf op te eten.

Eerst weigerde ik, en ik probeerde aan de situatie te ontsnappen. Toen ik de deur van de keuken opende, werd mijn pols hardhandig vastgepakt en werd ik op mijn stoel geduwd. Dreigend torende hij boven me uit en beval me om de pizza op te eten.

Ik bevroor, niet begrijpend waar ik dit verdiend had, denkende dat het inderdaad allemaal mijn schuld was, en ik begon de pizza in stukken te snijden terwijl de tranen over mijn wangen liepen. Toen ik het tweede stuk in mijn mond stak, legde hij zijn hand zachtjes op de mijne en deed me stoppen. 

Ik werd opnieuw overladen door excuses, kreeg een stevige knuffel en hij zei dat hij snel wel zelf iets zou koken. Dat ik eventjes mocht gaan zitten, dat hij begreep dat ik de oven nog niet kende en dat hij me graag zag, maar dat hij gewoon een slechte dag had op het werk. 

Helemaal onder de indruk van wat er gebeurd was, ben ik bevend gaan zitten, terwijl de tranen nog prikten achter mijn ogen. Maar ik durfde ze niet meer laten zien. Alles hoorde weer okee te zijn en mijn verdriet laten zien, hield het risico in dat hij weer zou hervallen in zijn eerder humeur. Dus ik slikte alles in, en probeerde weer mijn liefdevolle glimlach boven te toveren.

Ik ben de “gelukkige” bezitter van een overlevingsmechanisme dat “rationaliseren” heet.

Geef een aanvaardbare verklaring voor een traumatische gebeurtenis, en mijn hersenen accepteren het. Het wordt gearchiveerd in een zijspoor en zorgvuldig afgesloten, zodat ik de pijn erachter niet herbeleef.

En zo werd ik in staat om na de nodige excuses terug in mijn liefde te tappen en hem te vergeven. Want hij had het zo moeilijk, en ik wilde hem helpen, hem genezen. Met genoeg liefde zou dat wel lukken. Hij deed toch zijn best, niet ? Of zo leek het toch. 

De rode vlaggen in mijn rug werden mee gearchiveerd op het zijspoor.

Dus ja… de vraag wanneer ik het me realiseerde? Pas na 9 jaar. Maar ik zat toen al 9 jaar in de kookpot.