62 | De angst die je tegenhoudt

5 jaar geleden telde ik meer dan 3000 euro neer om 2 therapeutische jaartrajecten te gaan volgen.

Zoveel geld had ik nooit eerder uitgegeven. Zeker niet aan therapie. En zeker niet aan mezelf.

Ik had de voorgaande jaren zorgvuldig geld gespaard om erop voorbereid te zijn om er alleen voor te staan met 3 jonge kinderen. Om alleen alle rekeningen te moeten betalen.

Wie onlangs nog naar zijn/haar rekeningen van electriciteit, boodschappen, water en verwarming keek, vooral na Covid, weet wel waar ik het over heb.

Dus nee, ik had geen 3000 euro teveel liggen. En ik vond het enorm angstaanjagend om dit bedrag neer te tellen voor therapie. Want ja, geen garanties dat ik me nadien beter zou voelen, juist?

Ik heb er ook een aantal dingen voor moeten schrappen.

Na mijn narcistische relatie voelde ik me zo uitgeput dat ik geen greintje energie had voor huishoudelijke taken, en had ik mezelf de “luxe” toegestaan om een poetshulp te nemen.

Op het moment dat ik besloot dat ik hulp nodig had om het trauma na deze relatie te verwerken, moest ik dus kiezen. 

Huishoudhulp of psychologische hulp.

Ik heb gekozen voor de psychologische hulp. En ik heb er nog geen enkel moment spijt van gehad.

En ja, de jaren die volgden lag mijn huis er soms rampzalig bij. Ik deed wat ik kon. Maar ik besloot dat mijn psychisch welzijn belangrijker was dan een blinkende vloer.

De enige hulp die ik me nog veroorloofde, was het aanschaffen van een robotstofzuiger (die ik liefhebbend “James” noemde). James deed zijn best om wekelijks even het stof aan te pakken, en dat was okee voor me.

Voor ik besloot om deze fenomenale som uit te geven, had ik heel wat tijd om hierover na te denken. Eén van de trajecten diende zich al een jaar voordien aan, maar het was nog niet het geschikte moment voor me omdat ik toen nog in de narcistische relatie zat.

En ik was al wel zelfbewust genoeg om te beseffen dat je niet kan genezen als je in de situatie blijft die je ziek maakt. Dus ik wachtte af tot ik eindelijk de kracht zou hebben om er een einde aan te maken.

Dus ik had al wel besloten om, als het zo ver was, deel te willen nemen aan het traject. Ik wist alleen nog niet waar ik het geld zou halen.

Uiteindelijk besloot ik dus dat ik er dingen voor zou moeten opgeven. En dat was okee.

Ik besefte namelijk dat ik nooit beter zou worden als ik niet bereid was om mezelf eindelijk op de eerste plaats te zetten.


Intussen heb ik er zelf mijn missie van gemaakt om vrouwen in dezelfde situatie te helpen met wat ik allemaal geleerd heb, in die trajecten, door zelfstudie, in mijn opleiding…

Maar ik ben me er héél erg bewust van dat vele van deze vrouwen niet zulke sommen kunnen opzij leggen. 

Daarom besloot ik om te gaan werken met kortere, betaalbare trajecten. Maximaal 3 of 4 maanden.

Zodat deze vrouwen op elk moment kunnen beslissen of ze verder gaan of niet. Want zo’n grote investering is angstaanjagend.

En het is al zo’n grote stap geweest om uit zo’n relatie te stappen. Ik ga daar niet extra angst aan toevoegen.

Angst is wat je in deze val heeft laten lopen.

Angst is wat je zolang in de relatie heeft vastgehouden.

Angst is wat je je hele leven heeft weerhouden om voor jezelf te kiezen.

Ik wil juist jouw angst wegnemen. 

Jou helpen zonder de angst dat deze hulp jou in een financiële afgrond gaat duwen.


Nu is het financiële plaatje natuurlijk niet het enige dat vrouwen doet twijfelen om in een traject te stappen.

Ze lopen met veel meer vragen rond:

Gaat het de investering waard zijn?

Gaat het echt helpen?

Ga ik me nadien echt beter voelen?

Hoe lang gaat het duren eer ik me beter voel?

Wat gaat dit me kosten aan energie en tijd?

Ga ik dit kunnen opbrengen?

Ben ik bang dat ik het snel ga opgeven omdat ik er de energie niet voor heb?

Kan en durf ik me 3 of 4 maanden engageren?

Wat wordt er van me verwacht?

Ga ik extra stress voelen door deze verwachtingen?

Wat als het niet klikt tussen ons?


Allemaal legitieme vragen.

Laat me hier even op antwoorden.

  1. Gaat het echt helpen?

Hier geldt de regel: je haalt er uit wat je er in steekt. Hoe meer jij bezig bent met de oefeningen op dagelijkse basis, hoe diepgaander het effect zal zijn. Niemand kan jou genezen. Jij moet jezelf genezen. Met behulp van technieken, en mijn ervaring en begeleiding, natuurlijk.

  1. Hoe lang gaat het duren eer ik me beter voel?

Genezen van trauma heeft tijd nodig. Afhankelijk van hoe lang het misbruik duurde en hoe zwaar het was, zal het meer tijd nodig hebben. Daarom is het belangrijk dat je dagelijks oefeningen doet. Hoe meer je de oefeningen doet om je zenuwstelsel te kalmeren, hoe sterker je veerkracht zal worden. Indien je dagelijks oefent, zou je na een maand of 2 toch al een kalmerend effect moeten voelen.

  1. Wat gaat dit me kosten aan energie en tijd?

Je kan oefeningen doen op basis van de opnames van de zelfzorgsessies, die duren 45 tot 60 minuten. Maar er staan ook aparte opnames van meditaties en visualisaties op de lesomgeving, die duren maximaal 15 minuten. Daarnaast heb je dagelijks een 10-tal minuutjes nodig om de vragen te beantwoorden en opnieuw op te reflecteren. Laat ons dus zeggen dat je dagelijks een half uurtje moet uittrekken. Natuurlijk is er niets dat je “moet” doen, maar voor maximaal effect raad ik het wel aan.

  1. Wat wordt er van me verwacht? Ga ik extra stress ervaren door deze verwachtingen?

Ik verwacht dat je je best doet. Niet meer en niet minder. En dat je uitreikt als het niet lukt. Ik ben er voor je, de hele tijd, in die 3 tot 4 maanden. Gebruik mijn kennis en ervaring en onthoud dat ik op exact dezelfde plaats geweest ben als jij. Niets dat je me zal vertellen zal me vreemd in de oren klinken.

Maar weet dat het een engagement van je vraagt. Stap pas in een traject als je daartoe bereid bent. Anders komen we er beiden bedrogen uit. En heb je extra hulp nodig, vraag ernaar. Je hoeft dit niet alleen te doen.

5. Wat als het niet klikt tussen ons?

Bij psychologische begeleiding is het belangrijk dat het klikt tussen jou en je hulpverlener. Daarom doen we ook sowieso het intakegesprek ergens ter plaatse, zodat we kunnen voelen of er een persoonlijke connectie aanwezig is.

Dat intakegesprek vindt wel pas plaats nadat je je ingeschreven hebt. 

Als jij liever vooraf even “de temperatuur van het water voelt”, nodig ik je graag uit voor een GRATIS kennismakingsgesprek. Klik daarvoor op onderstaande knop. Dan kom je in mijn agenda terecht, waar je zelf een moment kan kiezen.


Heb je nog andere vragen, die je tegenhouden om deze stap te zetten?

Schrikt de investering je toch nog af? Laat het me even weten. Je kan sowieso in 2 termijnen betalen, en als het nodig is, bekijken we de mogelijkheid voor meer termijnen.

Maar wacht niet te lang meer met twijfelen. De volgende editie start op 27 september.


En als je toch niet gewonnen hebt, kan je toch nog een korting krijgen op de inschrijvingsprijs.

Klik op de knop om mee te doen met de winactie.

61 | De eerste date

Binnen een maand zal het vijftien jaar geleden zijn dat ik de eerste date met mijn narcistische partner had.

Toen had ik natuurlijk nog niets door. ‘t Is te zeggen… ik had nog voor die eerste date al een hoop rode vlaggen gezien, maar ik besefte toen nog niet dat wat ik toen beschouwde als symptomen van een getraumatiseerd man, eigenlijk de voortekenen van een narcistische persoonlijkheid waren.

Wat hem het meeste voordeel van de twijfel gaf, was de valse vertrouwdheid die hij uitstraalde. Vijftien jaar eerder waren we collega’s. Niet in hetzelfde departement, maar nabij genoeg om hem vaak te zien voorbij wandelen en af en toe een praatje gemaakt te hebben.

En vergeet zijn charismatische uitstraling ook zeker niet. Die donkere ogen die tot in mijn ziel leken te kijken. De zelfverzekerde houding. Zijn welbespraaktheid…

Ik was een vogel voor de kat toen we terug connecteerden op Facebook. Ik had vijftien jaar tevoren al een zwakheid voor hem. En nu ik vrij (gescheiden) was, was er niets dat zijn opmars kon stoppen.

Hij diste een triest verhaal op toen we begonnen te chatten op Facebook. Al enkele keren met de verkeerde vrouw getrouwd en nu vast zittende in een ongelukkig huwelijk waarbij zijn vrouw hem al meerdere keren gevraagd had om te scheiden, maar als loyale partner wilde hij eerder niet opgeven. 

Tot hij mij opnieuw op het lijf liep (so to speak). Ik, zijn soulmate, zijn voor-eeuwig-en-altijd snoepie, zijn alles… Voor mij wilde hij alles opgeven.

Zeg nu zelf, wie zou daar niet voor vallen?

Wel, had je me dat enkele jaren voordien verteld, zou ik je op z’n minst met een scheef lachje aangekeken hebben en bij mezelf gedacht hebben: “Komaan, wie trapt daar nu nog in?” Bovendien was ik (en ben ik nog altijd) niet het soort mens dat iemands huwelijk breekt.

Maar ja, Ik snakte naar aandacht en naar die exacte woorden. En hij beweerde dat het toch al voorbij was…

De maanden waarin we chatten, voor die eerste date, had hij zorgvuldig zijn web gesponnen. Zodat ik niet twijfelde aan zijn woorden, zodat ik hem alle voordeel van de twijfel gaf, zodat ik alle rode vlaggen groen kleurde. Mijn redderscomplex was al geactiveerd en ik was ervan overtuigd dat ik de juiste vrouw op het juiste moment was om hem te genezen.

Ik zou hem helpen om zijn demonen te overwinnen.

The tricky part was dat hij die demonen zelf erkende. Hij gaf toe dat hij een “kort lontje” had, maar dat volgde altijd door redenen die aannemelijk leken (maar eigenlijk gewoon excuses waren, drogredenen dus, waardoor hij helemaal geen verantwoordelijkheid opnam voor zijn gedrag). 

De week voor de eerste date verliep eigenlijk al turbulent. Hij had veel stress op het werk door de lancering van nieuwe computersystemen en ik had al eens een korte sneer gekregen als ik een berichtje stuurde.

Daardoor begon ik te twijfelen of die eerste date wel een goed idee was en ik nam wat afstand. Dat voelde hij weer feilloos aan en hij zette opnieuw een charme-offensief in.

Klassiek narcistisch patroon van love bombing, afstoten, negeren en weer aantrekken. 

Mijn leven zou er heel anders uitgezien hebben als ik dit patroon toen al had kunnen herkennen.

Maar er lag nog een lange, pijnlijke les op mijn pad, en ik had nog nooit iets gelezen over narcisme, dus ik zag het niet…

De avond voor de date ontplofte mijn gsm van de sms-jes, in die mate dat het een gezellig samenzijn met studie vriendinnen ernstig verstoorde. Ook dat zag ik pas toen deze een beetje verongelijkt weer vertrokken waren. Zo diep zat ik al in het web, in blinde verliefdheid.

In de fase van love bombing zit je namelijk zo hard in een high (de roze wolk), dat je niets anders meer ziet. 

De dag van de eerste date zelf verliep ook in zo’n high. Maar met één groot verschil. 

Die high was, toen al, gemengd met angst.

Hij overspoelde me met hoge romantische verwachtingen. Dat deed hij al van in het begin, maar tegen die dag dreef hij het helemaal ten top. Onze eerste date zou een sprookje zijn. En moest dus ook starten met memorabele woorden.

Een gewone “hey” zou niet volstaan. In mijn hoofd moest het gepaard gaan met epische vioolmuziek en ronddwarrelende rozenblaadjes… Zo hoog voelden deze verwachtingen aan.

Het resultaat: toen hij uiteindelijk voor mijn deur stond en aanbelde, was ik al helemaal op van de opwinding, maar ook van de spanning, omdat ik nog altijd niet had kunnen bedenken met welke epische woorden ik hem kon verwelkomen.

Dus opende ik de deur en kon ik niets anders doen dan met een stralende glimlach naar hem staren. 

Hij had het natuurlijk wel allemaal goed voorbereid. De woorden “je bent in het echt nog veel mooier” kwamen vlot uit zijn mond gerold. 

Opgelucht antwoordde ik “dankje” terwijl hij mij stevig knuffelde.

Opgelucht omdat hij niet opgemerkt had dat ik uiteindelijk niks had kunnen uitbrengen. Opgelucht omdat hij niet boos op me was.

Opgelucht omdat ik hem niet teleurgesteld had.

Opgelucht omdat ik geen sneer gekregen had op mijn falen.

Het voelde echt wel als falen op dat moment. En dat zorgde er dan ook opnieuw voor dat ik hem nadien nog meer het voordeel van de twijfel gaf. Omdat ik het gevoel had dat ik hem dat verschuldigd was. 

Want ik faalde zo vaak. Ik deed zo vaak de verkeerde dingen. Sprak de verkeerde woorden uit. Reageerde op een verkeerde manier.

Ik had heel wat goed te maken. Vond ik.

Zo diep gaan ze in je hoofd, narcisten. Zodat jij denkt dat jij alles verkeerd doet. En hen daardoor verschuldigd bent om alles van hen ook te accepteren.


Deze eerste date vijftien jaar geleden was zo’n contrast met de eerste date die ik nu vier jaar geleden had.

Laat me je even beschrijven hoe een eerste date met een veilige persoon er uit ziet.

Je voelt je opgewonden en verliefd. Nu ja, ik toch. We hadden al zoveel gepraat en gebeld met elkaar, dat ik het gevoel had dat we elkaar al jaren kenden.

Maar ja… dat had ik vijftien jaar geleden ook.

Wat maakte dan het grote verschil? 

Voor deze eerste date, vier jaar geleden, had ik nog niet één keer het gevoel gehad dat ik iets verkeerd gezegd of gedaan had.  

We spraken allebei rechtuit onze gevoelens en gedachten uit. We luisterden naar elkaar. We lieten elkaar uitpraten. We veroordeelden elkaar niet. We respecteerden elkaars mening, ook al dachten we er niet hetzelfde over.

En ik had niet één keer angst gevoeld. 

Daarom is het zo belangrijk om opnieuw je intuïtie te leren vertrouwen. Naar je lichaam te leren luisteren als je nieuwe mensen ontmoet. 

Of bij gekende mensen . Want soms herken je de patronen ook bij mensen die al jaren in je leven zijn. Maar heb je ook, door een vertekend gevoel van loyaliteit of het gevoel dat je hen iets verschuldigd bent, bij deze mensen jarenlang rode vlaggen genegeerd.

Het is nooit te laat om toxische mensen uit je leven te bannen. Hoe lang of hoe kort ze al in je leven zijn, maakt daar geen verschil in.


Herken je jezelf in dit verhaal? In de twijfel, de rode vlaggen die je groen kleurde, het gevoel dat je iets moest goedmaken?

Dan wil ik je iets zeggen: dat herkennen is al de eerste stap. En je hoeft die volgende stappen niet alleen te zetten.

Volgende week vrijdag start RESTART, mijn 12-weken traject voor vrouwen die deze patronen willen doorbreken en hun intuïtie terug willen leren vertrouwen. Stap voor stap, zonder oordeel.

Klik op de knop om meer te lezen over het traject.

60 | 1560 keer gebroken

Morgen stel ik mijn nieuwe boek “1560 keer gebroken” voor.

Ik was van plan om de mensen te verwelkomen met de woorden “Welkom op deze niet zo leuke voorstelling”.

Want als mijn naaste, heb je mij zien lijden. En als je het zelf hebt meegemaakt, was het ook geen pretje. Het kan triggers naar boven brengen.

Dus ja, ik nodig je van harte uit voor dit belangrijke evenement, maar het zal geen leuke zijn.

Natuurlijk ben ik fier op mijn boek. Ben ik opgelucht dat ik zo dapper was om alles te kunnen neerschrijven. Maar het was ook zwaar. Enorm zwaar. En nog altijd.

De afgelopen weken lag ik te bed met de griep. En hoewel er inderdaad sprake was van een virale infectie, maakte de dokter er mij attent op dat het niet alleen dat was.

Het herhaaldelijk herlezen van mijn manuscript zorgde er ook voor dat ik die 10 jaar herhaaldelijk herbeleefd heb. En mijn zenuwstelsel is daardoor opnieuw overladen geworden.

Dus na deze boekvoorstelling en mijn signeersessie bij de Standaard Boekhandel op het Gouden Kruispunt op zondag 26 april, neem ik even verlof.


Toen de journalist van Hageland Actueel me vroeg om in te schatten hoeveel mensen met narcisme te maken krijgen in hun leven, schoot me onmiddellijk een cijfer te binnen: 1 op 4.

Ik heb hier geen wetenschappelijk bewijs voor, zelfs nooit artikels over gelezen. Maar in mijn ervaring uit gesprekken met mensen komt 1 op 4, want elke keer ik er over praat met iemand, heeft de andere er zelf ook onder geleden of kent die minstens één persoon in haar of zijn omgeving die het meegemaakt heeft.

Daarom vind ik dat er nooit genoeg over narcisme kan gedeeld, geïnformeerd of gepraat kan worden.


Teveel?

Narcisme. Mensen zeggen dat het woord tegenwoordig veel te vaak gebruikt wordt.

Ik zeg net dat het veel te weinig gebruikt wordt. Het is te zeggen: te weinig op de juiste manier.

Want narcisme is niet zomaar een verzamelnaam voor mensen met een groot ego en een grote mond.

Echt narcistisch gedrag verwoest levens.

En ja, men gebruikt het teveel als synoniem voor een rotzak, bedrieger of leugenaar.

Maar men gebruikt het te weinig om psychisch geweld te benoemen in interpersoonlijke relaties.

Geweld dat vergoelijkt wordt door “een kort lontje”, opvliegend karakter, alcoholisme, een slechte dag hebben, trauma, een slechte jeugd…

In mijn ogen geeft dat iemand NOOIT het rechtom iemand anders te misbruiken, psychisch of fysiek.

En toch is dat net wat narcistische personen doen. Zonder schuldgevoelens. Zonder tot verantwoording geroepen te worden.

Ze gebruiken manipulatie en intimidatie, vernedering en gaslighting om mensen in hun greep te houden.

En de gevaarlijkste zijn degenen die dat allemaal doen onder de sluier van gedienstigheid, nederigheid en ogenschijnlijk altruïsme.

Want zij zorgen ervoor dat je als slachtoffer niet geloofd wordt als je er eindelijk mee naar buiten durft te komen. Want de buitenwereld kan dan niet geloven dat zulke mensen in staat zijn tot zulke gruwelijkheden achter gesloten deuren.


Hoe kom je nu vast te zitten in zo’n relatie?

Het begint heel subtiel. Als de narcistische persoon van in het begin zijn kleuren laat zien, zou je er natuurlijk nooit iets mee beginnen. En nochtans is dat wat mij ook overkomen is. Ik zat al in de ban door het subtiele aantrekkingsspel van 15 jaar eerder. Het begon niet met de eerste chats. Het “lovebomben” begon al veel vroeger.

Het lijkt als een vloek uit de sprookjes. Je beseft niet dat je er onder zit, en één keer je het wel ziet, zie je er geen uitweg uit.

Fase 1 Love bombing

Fase 2 Vernederen

Fase 3 Negeren

Fase 4 Hoovering

Dit herhaalt zich de hele relatie. Telkens opnieuw.

Narcistisch misbruik uit zich vooral in psychisch geweld, maar veel narcistische personen schuwen ook niet voor fysiek geweld.

En zelfs dat laat je als slachtoffer gebeuren omdat het er zo geleidelijk in sluipt. Het verhaal van de kikker in de kookpot.

En dat betekent niet dat je zwak bent of was. Ik zei vroeger ook dat ik dat nooit zou laten gebeuren. Ze kiezen er juist vaak de sterksten uit omdat ze dan meer voldoening hebben in hen te breken of zien lijden. Dan voelen zij zich beter en sterker. Zij halen hun identiteit uit anderen.

Het heeft mij 10 jaar gekost voor ik eindelijk de knoop durfde doorhakken. En ik was echt geen zwak naïef wicht.

Ik wist met wat voor man ik getrouwd was. Ik wist het zelfs voor ik met hem trouwde.


Waarom bleef ik dan?

Liefde, of gevoelens die je houdt voor liefde, hoop, dromen, vertrouwen…

in combinatie met

  • een laag zelfbeeld,
  • geloven dat je niet beter verdient,
  • dat je blij moet zijn met de kruimels die je krijgt,
  • het idee dat een normale relatie er zo uit hoort te zien, dat de ups en downs zo horen te zijn,
  • dat je liefde moet verdienen,
  • dat je je ervoor moet wegcijferen,
  • dat je je eigen verlangens niet voorop mag stellen of zelfs uitspreken,
  • dat je je woorden moet inslikken om de lieve vrede te bewaren…

in combinatie met angst: financieel, voor reacties, kinderen kwijtraken

in combinatie met lichamelijke redenen:

  • een letterlijke verslaving door hormonen
    • daarom ook belangrijk om af te kicken, blokkeren
    • elk nieuw contact geeft opnieuw een opstoot van hormonen
  • in een freeze zitten, machteloosheid
  • in overlevingsstand staan

En daarnaast heb je dan je eigen sabotage mechanismen:

  • Hoop, je liegt tegen jezelf
  • Redder complex

En tenslotte: de grootste instinker: ze vertonen “maar” 80% van de tijd dit negatieve gedrag. Die andere 20% gebruiken ze om jouw hoop levend te houden en je het idee te geven dat ze toch niet helemaal slecht zijn.

Als mensen dit tegen me zeggen, reageer ik altijd zo:

  1. Hoeveel % misbruik is aanvaardbaar??
  2. Mensen denken vaak dat hun “echte karakter” de goeie momenten zijn en dat het hun evil twin is die op de slechte momenten naar boven komt. Naar mijn mening is juist die evil twin hun echte karakter, en spelen ze gewoon toneel op de goeie momenten.

HOE GERAAK JE ER NU UIT?

Toen ik na 8 jaar eindelijk besefte waar ik mee te maken had, hebben verhalen en getuigenissen van lotgenoten me geholpen om eindelijk 2 jaar later de knoop door te hakken.

Zo lang duurde het eer ik 3 dingen kon en wilde aanvaarden die noodzakelijk zijn:

  1. Dat het geen losstaande feiten waren, maar een gedragspatroon
  2. Dat het patroon een gekend fenomeen was en narcisme heet
  3. Dat dit ook als gevolg had dat er nooit iets zou veranderen

Daarom heb ik ook dit een boek geschreven over mijn ervaringen, zodat mensen zich er in kunnen herkennen en zo het eerste zaadje zaaien dat ze nodig hebben.

Maar vooral ook voor hun omgeving. Want deze kunnen vaak niet begrijpen waarom iemand zo lang in zo’n relatie blijft zitten, of dat het allemaal zo erg niet kan zijn.

Tenslotte, als je niet elke dag bont en blauw rondloopt, kan het toch zo erg niet zijn?

En dat ongeloof uit zich soms in secundair trauma zoals verwijten maken, schuldgevoel aanpraten, vinden dat het slachtoffer overdrijft…


Disclaimer: het boek is gebaseerd op mijn ervaringen, maar niet alles is letterlijk gebeurd zoals beschreven . Het is niet bedoeld om iemand aan te klagen. Het is geschreven vanuit puur therapeutisch oogpunt voor hen die zich hierin kunnen herkennen en daardoor ook durven kiezen voor zichzelf.

Wil je erover praten? Check dan even mijn website.


📅 Welkom op de boekvoorstelling op zaterdag 18 april om 14u in Zaal “Vivaldi” van het GC De Maere in Tielt-Winge

58 | Braindump

In het jaar naar aanloop van de definitieve breuk, begon ik meer en meer therapeutische hulp voor mezelf te zoeken, omdat ik intussen wel door had dat er weinig zou veranderen en belangrijker: dat HIJ nooit zou veranderen.

Ik schreef me in bij meerdere korte trajecten van mijn vroegere therapeute, die nu ook online coaching deed en leerde toch wel al wat belangrijke tools om me recht te houden in de intussen schrijnende situatie waar ik me in bevond.

Eén van de technieken die ze ons aanbood, was de braindump. Die bleek zo waardevol dat ik het intussen ook volledig geïntegreerd heb in mijn eigen trajecten.

Braindump

Bij een braindump ga je rustig zitten met pen en papier en zet je een kook- (of ander) wekkertje op 15 minuten en dan ga je schrijven. Of doodelen. Of kleuren. Wat er ook maar voor jou werkt om je hoofd leeg te maken. Gedachten, ideeën, to-do-lijstjes, gevoelens, tekeningetjes… Hoe je je uitdrukt, maakt niet uit. Als het je hoofd maar leeg maakt.

Vanzelfsprekend kwam mijn toenmalige man héél veel voor in die schrijfsels. Ik zorgde er nadien altijd voor dat ik die zo discreet mogelijk liet verdwijnen, want ik wist wel wat de gevolgen zouden zijn als hij op zo’n schrijfsel zou stoten.

Meestal verscheurde ik het in duizend stukjes en zorgde ik ervoor dat het onderaan in de papierafval terechtkwam.

Waar een narcist toe in staat is

Maar op een keer gebeurde het dat het papier net opgehaald was door de gemeentelijke afvalophaling en dat de snippers dus gewoon in de papiermand lagen. Ik had ervoor gezorgd dat ik ze in zo klein mogelijke stukjes gescheurd had, maar dat kon niet baten…

In de “ruzies” (die meestal monologen van zijn kant waren en waarbij ik amper een woord uitbracht), kwam het enkele dagen later op de proppen. Hij begon zinnen te quoteren uit mijn schrijfsels. Ik stond even perplex bij de realisatie en kon geen reactie over mijn lippen krijgen.

Hij merkte het verschil in mijn reactie op en barstte uit: “Dacht je dat je dat voor mij verborgen kon houden? Je onderschat mijn kunnen! Snippers houden mij niet tegen, ik ben de beste in puzzelen!”

En met een schampere lach ging hij verder met zijn monoloog.

Ik luisterde niet meer, maar na die uitbarsting zorgde ik er voor dat ik mijn schrijfsels altijd verbrandde in plaats van ze te verscheuren.

Hoe vaak ik in die relatie ook geconfronteerd werd met waar hij toe in staat was… het kon altijd nog erger…

55 |  Muziek en de missie

Ik zit momenteel in een rustfase. Dat betekent mezelf terugtrekken, me wat afzonderen van het dagelijkse leven. 

Tegelijk betekent dat ook liggende taken en to-do lijsten laten liggen, wat al veel moeilijker is voor mijn hoge verantwoordelijkheidsgevoel. Maar ik moet het leren loslaten. Mijn hoofd heeft rust nodig.

Wat hierbij helpt, kan contradictorisch klinken, maar dat is: muziek. Luisteren naar muziek. Okee, dan kun je misschien zeggen: dan vul je je hoofd toch gewoon met iets anders? En ja, dat is ook zo. Maar het stopt je hoofd wel met altijd nadenken en malen over alles. 

Stilte is nog moeilijk, dat geef ik toe. Maar ik ben al lang blij als ik de cyclus van rond spinnende gedachten kan stoppen.

Aan de andere kant helpt het me ook te focussen. Naar muziek luisteren doet het ronddraaien van gedachten stoppen en de focus in één richting brengen.

Je zou denken dat dan vooral rustige, meditatieve muziek hierbij kan helpen, maar dat klopt niet. Toch niet voor mij, althans. Zolang ik de muziek maar mooi vind, werkt alles. Van het engelachtige gezang van Mei-Lan tot Linkin Park of Rammstein.

Muziek helpt me ook bij een hele variëteit van bezigheden: van strijken en koken tot bloggen en taken die veel concentratie vragen zoals structureel werken aan mijn website.

Aan mijn behoefte om dingen te doen met muziek, kan ik ook voelen hoe het gesteld is met mijn behoefte aan rust. De laatste weken werd dat steeds meer en pas na een tijdje besefte ik dat het tijd is om een stap terug te zetten. Van alles.

Van mijn huishouden, dingen die ik moet regelen voor de kids, mijn job in loondienst… en uiteindelijk ook mijn missie.

Die stap terugzetten is noodzakelijk om opnieuw zicht te krijgen op waar ik mee bezig ben en waar ik mijn prioriteiten wil leggen.

Meestal dringen prioriteiten zich op. Bepaalt een tijdlijn welke taken je eerst moet doen. Daar wil ik nu van af stappen. 

Okee, er blijven altijd dingen die dringend(er) zijn, zoals de taart bestellen voor de verjaardag van de kids. Maar andere dingen zoals mijn strijk gaan niet lopen (helaas). En ja, dat heeft dan tot gevolg dat ik soms in de mand met propere kledij even moet graven om die bepaalde broek voor mijn oudste te vinden, of dat ik haar naar de wasdraad stuur om die broek er zelf af te halen. Was heeft prioriteit, strijk niet.

Dit zijn nu huishoudelijke dingen die ik als voorbeeld geef, maar je begrijpt me wel.

Sommige prioriteiten dringen zich op, andere kan je best voor een tijdje naast je neerleggen.

Dat is heel moeilijk, want die blijven natuurlijk een eigen leven leiden in je hoofd. En daar helpt muziek dus bij, om die stemmen tot zwijgen te brengen.

De fout die veel mensen maken, is denken dat scrollen op sociale media die stemmen ook tot zwijgen brengt. Maar je vult je hoofd dan met veel meer prikkels en dat helpt echt niet.

—

Slachtoffers van narcistisch misbruik worden vaak geplaagd door flashbacks. Herinneringen die keer op keer in je hoofd afgespeeld worden en waarbij je hoofd soms probeert scenario’s te bedenken om dingen anders te laten aflopen, ofwel gewoon pijnlijke herinneringen opnieuw oprakelt. 

Waarom gebeurt dat? Waarom doen we onszelf hiermee pijn? Wel, ten eerste is er natuurlijk die trauma band, maar ook is er het ongeloof waar we mee worstelen. Twijfels die boven komen. Was het echt zo erg? Hebben we het zelf niet “gedramatiseerd”? Hebben we het eigenlijk niet zelf uitgelokt en is het daarom te vergoelijken hoe hij ons behandelde? Verdienden we het niet?

Daarnaast kunnen we soms ook zelf moeilijk geloven wat ons overkomen is. Hoe kan iemand echt zo slecht zijn, vragen we ons dan af. Wat bezielt hen om ons zo te behandelen? 

Als we uit de relatie zijn, mist ons lichaam ook plots die afwisselende hormonen en gaan we denken dat we hem of haar missen. Een leven zonder alle drama lijkt saai en we gaan soms het drama opnieuw opzoeken of uitlokken. 

Daarom gaan mensen vaak in de weerstand als ik hen aanraad om helemaal “no contact” te gaan. Ze denken dat ze “gerust” zijn als de narcistische persoon hen met rust laat, maar ze beseffen niet dat hun lichaam constant in waakzaamheid blijft zolang er een kanaal open blijft staan waarop er plots een bericht weer een heel drama kan geven.

Ze beseffen niet dat ze hiermee ook eigenlijk zelf blijven hopen op dat drama. Niet bewust, natuurlijk. Maar de trauma band met die lichamelijke verslaving aan de afwisselende hormonen wil de band in stand houden.

Je kan hen dat natuurlijk niet kwalijk nemen. Een verslaving is heel moeilijk om te overkomen en vraagt vaak harde beslissingen. Op dat vlak stap ik meestal voorbij mijn zachte aanpak en ben ik streng naar mijn cliënten toe. Ik verplicht hen natuurlijk tot niets, maar ik laat duidelijk blijken dat zolang zij die stap niet zetten, ze niet verder kunnen met hun genezing.

Als we dan in de discussie komen over gedeeld ouderschap, raad ik hen aan om 1 kanaal open te houden: een apart, speciaal hiervoor aangemaakt emailadres. Dat je alleen opent als je je er mentaal op hebt voorbereid. Maar dat je niet onverwacht kan overvallen met berichten dus en dus hoeft je systeem niet meer in constante waakzaamheid te blijven vastzitten.

Dat zijn allemaal logische adviezen, maar als je vast zit in zo’n cyclus, is het soms moeilijk om dingen objectief te bekijken. 

En daarom ben ik er dan, om hen te helpen. Want mensen zien het vaak niet als ze er in zitten.

—

Hetzelfde gevoel heb ik als ik naar verhalen van mensen luister waarin – voor mij – het narcisme in hun relatie duidelijk aanwezig is. En het verwondert me dan soms nog hoe zij het niet zien, en hoe hoognodig het is dat mensen geïnformeerd worden over narcisme.

Natuurlijk heb ik ook ooit op dat punt gezeten als ik eerlijk ben. Iedereen kent het begrip narcist, maar wat het echt inhoudt, daar hebben ze vaak geen idee van.

Ze kunnen soms het schadelijk gedrag wel vastpakken en beschrijven en toch niet beseffen dat ze met narcistisch gedrag te maken hebben. 

Als er ooit momenten zijn dat ik twijfel of ik nog verder wil gaan met mijn missie, hoef ik maar zulke getuigenissen te lezen om te weten dat het nog zo hard nodig is dat mensen leren over narcisme.

En vooral dat ze, als ze beseffen dat het narcisme is, hier ook een aantal harde conclusies bij moeten trekken.

Onlangs las ik weer een vrouw die dergelijk gedrag beschreef bij haar partner, en ze stelde de groep (vrouwelijke ondernemers) volgende vragen:

  • is dit gedrag normaal of oké in een relatie?
  • Herkent iemand dit soort controle of wantrouwen van een partner?
  • Hoe zijn jullie hiermee omgegaan?

En dan moet ik even diep ademhalen. Want ik voel zo erg haar pijn. En ik voel me machteloos. Want ze zit duidelijk nog in een fase van ontkenning.

Het gedrag dat ze beschreef was helemààl niet “normaal of oké”. En dat zal ze ook al wel beseffen.

Bij de vraag naar gelijkaardige verhalen is ze al op zoek naar lotgenoten. Om te horen dat ze niet gek is en dat ze de dingen wel ziet hoe ze zijn.

Maar het meest verscheurend voor mij is de laatste vraag: hoe zijn jullie hiermee omgegaan? 

Hoe maak je iemand in die fase duidelijk dat het nooit zal veranderen? Ze zoekt nu naar advies hoe ze deze situatie kan “oplossen”.

Een relatie met een narcistische persoon – en ik heb het over alle vormen van relatie: ouder, collega, vriend(in), partner – kan niet “opgelost” worden.

Je kan technieken leren om jezelf er in overeind te houden, ja. Maar het zal niets veranderen aan hun gedrag. Het zal niets veranderen aan de pijn die jij dagelijks voelt. Je kan je leren afschermen, maar dan ga je meestal jezelf afsluiten. En je zal er zeker nooit in gelukkig worden.

Nu weet ik dat veel mensen in zo’n relatie zich al op één of andere manier hebben neergelegd bij de situatie. Dat ze denken dat ze het niet verdienen om gelukkig te zijn. 

Of gewoon geen idee hebben hoe het voelt om gelukkig te zijn. Meestal omdat ze het nog nooit in hun hele leven hebben ervaren. En je kan niets missen dat je nooit hebt gehad. Of je denkt dat je “af en toe opgelucht voelen” al genoeg is. Dat je niet meer nodig hebt.

Dat is zo hartverscheurend. Want stuk voor stuk zijn het prachtige mensen die geluk verdienen. 

—

Dus… ook al functioneer ik momenteel op een lager pitje… mijn missie blijft duidelijk. Er is nog veel werk aan de winkel om de wereld bewust te maken van het bestaan en de effecten van narcisme en narcistisch misbruik. 

Daarom ga ik dieper naar binnen, in mezelf. En schrijf ik weer zoals in het begin. 

Mijn blogs en mijn Narc Talks, daar is het allemaal mee begonnen. En daar ga ik zeker mee verder.

—

Ik neem ook even deze gelegenheid om mijn nieuwste boek voor te stellen: De illusie doorbroken. Dit is een samenbundeling van mijn eerste 52 blogs, voor mensen die liever lezen in een fysiek boek of gewoon even kunnen stoppen met lezen en het later weer oppikken.

Mediums zoals deze blog maken het soms moeilijker om ernaar terug te keren, omdat je intussen al naar een andere website bent gegaan en eigenlijk vergeten was dat je mijn blogs aan het lezen was. 

Vaak heb je wel het voornemen om nog meer te lezen op een later moment, maar ja… we weten allemaal hoe dat gaat.

Een boek in fysieke vorm of als e-book maakt het gemakkelijker om dat voornemen te volbrengen.

👉 Je kan beide hier kopen.

Je ondersteunt hiermee mijn missie ook dus ik ben je alvast heel erg dankbaar.

Verspreid mee het woord, lieve lezer. 

Dankjewel.

54 |  Over zelfbescherming: hoe je leert ademen in toxische relaties

Onlangs kreeg ik de vraag hoe je best kan omgaan met (schoon)ouders die over je grenzen gaan. Ik adviseerde haar wat ik altijd aan mijn cliënten zeg als het gaat over omgaan met narcistische personen, of dat nu je (schoon)ouders, je man/vrouw of een baas of collega gaat, en dat is het volgende: neem afstand, ga niet in conflict of zelfs niet in interactie. Negeer of blokkeer.

“Ja, dat is niet zo handig als het om mijn moeder gaat die ongevraagd in de tuin staat”, antwoordde ze. Het werd even stil en ik kon horen hoe ze haar adem inhield.

Onwillekeurig hou ik dan ook even mijn adem in. Want ik voel wat ze bedoelt. De beklemming die zich vastzet op je hart, je longen, je hele borstkas. En dan word ik ook even terug naar het verleden gekatapulteerd. Hoe vaak ik stopte met ademen als ik bij mijn therapeute op de stoel zat. Hoe zij dan even diep in en uit ademde. En hoe ik dat automatisch mee deed. En daarmee weer kon ontspannen en uit de blokkering komen.

Want je kan als therapeute je eigen zenuwstelsel gebruiken om dat van je cliënt te helpen co-reguleren. Een simpele maar zo effectieve methode. Mensen beseffen niet dat je het doet en dat is ook niet nodig. Wat het belangrijkste is, is dat het werkt.

Zelfs online. Ook achter je computerscherm kan je perfect zien en horen wat er bij je cliënte gebeurt. Voor mensen die het niet gewoon zijn, kan dat even een aanpassing vragen. Maar onderschat de kracht van online niet.

Ik heb zelf geen praktijkruimte. Ik weet dat dit soms cliënten tegen houdt omdat ze denken dat online niets uithaalt of hetzelfde effect niet kan hebben. Maar ik weet ook dat het vaak niet evident is voor vrouwen die pas uit een narcistische relatie zijn (of erger: er nog in zitten) om zich te verplaatsen. 

Vaak hebben ze al zoveel om handen om hun leven opnieuw op de rails te krijgen, kost een verplaatsing ook nog extra geld en tijd, en jaagt het hen angst aan om op zoek te moeten gaan naar een onbekende en onvertrouwde locatie, dat het echt wel een onoverkomelijke hindernis kan lijken. 

Daarom bied ik hen begeleiding aan in het comfort en de veiligheid van hun eigen huis. Vrouwen die nog in een relatie zitten met een narcistische partner moeten ook geen excuses verzinnen waar ze waren op dat bepaalde moment. 

Dus ja, online heeft toch veel voordelen, vind ik zelf. 

Maar goed, we ademden dus samen even enkele keren in en uit en ik vroeg of ze al geprobeerd had om gewoon haar moeder te negeren. Ik zag een verschrikte blik op haar gezicht komen. “Dat kan ik toch niet doen?”

Een narcistische partner is heel erg om mee om te moeten gaan, omdat je er dag in, dag uit mee moet samenleven. Maar eens je er in slaagt om die uit huis te krijgen, zijn er veel hulpmiddelen om hun invloed zo veel mogelijk uit je leven te bannen. 

Maar een narcistische ouder is een andere zaak. Het is al heel moeilijk om van je loyaliteit naar een partner af te geraken, maar een ouder… dat is een veel hardere noot om te kraken. 

Want ja, die heeft jou je leven gegeven, juist? Dus moet je daar je hele leven dankbaar voor zijn. Mag je hen niet uit je leven weren, mag je hen niet negeren, tegenspreken, ongehoorzaam zijn… Juist? 

Wel, als kind heb je geen keuze. Je hangt nu eenmaal van hen af voor je overleving. Als zij je geen eten of onderdak geven als jij ongehoorzaam bent, ga je dood. Zo simpel is dat. En zo ontstaan dus overlevingsmechanismen.

Maar eenmaal je volwassen bent, en je jezelf in leven kan houden, hoef je het niet meer te pikken als ze zich onmenselijk gedragen. Als ze je de hele tijd ondermijnen, uitlachen, vernederen,… gewoon je slecht over jezelf laten voelen.

Dan mag je ze best mijden, negeren of blokkeren. Maar mensen vinden dat vaak heel onoverkomelijk. Blijkbaar is biologische procreatie reden genoeg om misbruik te moeten tolereren. 

Denk hier eens aan: het gaat om één sexuele daad tussen jouw ouders die een biologische reactie als gevolg had. Ja, het resultaat ben jij. Maar “verdienen” jouw ouder(s) dan ook die loyaliteit als zij zich niet als een mature ouder gedragen hebben? Jou niet in jouw psychische noden voorzien hebben?   

Ja, ze hebben je eten gegeven. Ja, ze hebben je onderdak gegeven. (In het beste geval) Maar waren ze er voor jou als je verdriet had? Zàgen ze het überhaupt dat je verdriet had? Gaven ze je knuffels? Moedigden ze je aan? Hadden ze respect voor jouw grenzen? Luisterden ze naar jou of snoerden ze je de mond als je je mening probeerde te geven? Vooral als die mening niet met de hunne overeenkwam?

Loyaliteit moet je verdienen, vind ik. Zelfs als het je ouders zijn. Maar we zijn vaak grootgebracht met de overtuiging dat we hen die verschuldigd zijn, ook als ze die niet verdiend hebben. En daar wringt het schoentje dus.

Dus ja, die verschrikte blik krijg ik wel vaker te zien. Maar we zijn volwassen nu. Onze partner of onze ouder verdient die loyaliteit niet als ze ons slecht behandelen of behandeld hebben.

Wat ons dan te doen staat, is onze grenzen bewaken. 

Mensen hebben echter vaak een verkeerd beeld over wat dat juist inhoudt, grenzen stellen. Ze denken dat het betekent dat je specifiek en luidop moet zeggen: “dit wil ik niet (meer)”, of “stop ermee” of iets dergelijks.

Maar dan heb ik slecht nieuws voor je: bij een narcistische persoon kan je dat zeggen tot je blauw bent… echter gaat het niets uithalen.

Een narcistische persoon ziet dat juist als een uitdaging. Kijken hoever hij/zij kan gaan. Of net een indicatie dat dit iets is waarmee je pijn kan doen of gemanipuleerd kan worden. Het geeft een kwetsbaarheid aan. En daar maakt een narcistische persoon graag misbruik van.

Hoe ga je er dan wel best mee om?

Het advies dat ik haar gaf, was om met kleine stapjes te werken. Kleine grenzen trekken, kleine signalen geven… het storend gedrag gaan ontmoedigen. Bijvoorbeeld zelf weggaan om boodschappen te gaan doen als haar moeder zou opdagen. 

Daar voelde ze zich ook niet goed bij. “Ik moet toch niet vluchten als zij er is? Uit mijn eigen huis?”

Jezelf uit een toxische situatie halen is niet vluchten. Het is jezelf beschermen. 

Het is dezelfde reactie die ik heb als ik in een conflictsituatie zit met één van mijn kinderen, die OCD heeft. OCD is een opstandige-gedragsstoornis waarbij iemand zich afzet tegen elke vorm van gezag of dwang. Dit kan situaties geven waarbij je het gevoel hebt dat die persoon altijd het laatste woord moet hebben. Want elk weerwoord krijgt een weerwoord van hem/haar.

Mijn narcistische ex-partner had daar heel veel problemen mee, want hij wilde zelf altijd het laatste woord hebben. Hoe vaak ik ook probeerde om OCD uit te leggen, hij vond dat een kind het laatste woord niet mocht hebben en dus kregen we eindeloze discussies die altijd escaleerden.

Ik heb geleerd om in zulke discussies maximaal drie keer mijn standpunt te geven en mijn kind daarna het laatste woord te laten hebben. Gewoon omdat ik een volwassene ben en ik het laatste woord niet altijd hoef te hebben. Omdat het mijn energie niet waard is. Omdat het ook geen zin heeft. Omdat er in een discussie niet altijd een “winnaar” hoeft te zijn.

Een buitenstaander kan bij het observeren van die interacties misschien het idee hebben dat ik over mijn grenzen laat gaan op dat moment. Maar het tegendeel is waar: ik bewaak net mijn grenzen door mijn energie niet van me te laten wegnemen.

Jezelf uit een toxische situatie halen geeft een krachtig signaal. Het betekent dat je jezelf belangrijk genoeg vindt om jezelf te beschermen.

Welk advies kan ik nog geven dat mijn cliënte kan helpen in zulke situaties?

  1. een energetische grens trekken: je ogen sluiten en jezelf visualiseren in een beschermende bubbel, terwijl je affirmaties zegt zoals “Dit is mijn huis, mijn energie, mijn rust. Wat van haar is, mag bij haar blijven”
  2. een symbolische grens trekken: misschien een poortje plaatsen, een bordje met “gelieve aan te bellen”, een tuinhek dat niet zomaar meer open kan… Dat geeft een stille grens: “Dit is mijn terrein”.
  3. een neutrale respons klaar hebben indien je geconfronteerd wordt met de vraag waarom dat poortje daar plots hangt: “Ik heb nood aan meer privacy en rust in mijn tuin”, of “Ik probeer meer rust te hebben”.
  4. de vluchtreactie omvormen tot een bewuste keuze: “Als ze in de tuin is, kies ik dat moment om iets te doen voor mezelf: even wandelen, iets leuks gaan doen…”

Genezen van narcistisch misbruik begint op het moment dat je stopt met vechten om gezien te worden door iemand die dat niet kan. 

Wanneer je kiest voor je eigen rust, voor jezelf, ook al knaagt dat schuldgevoel. 

Het is eng om los te laten wat ooit vanzelfsprekend leek, maar juist daar vind je jezelf terug.



In Kintsugi, mijn traject voor vrouwen die herstellen van narcistisch misbruik, leer je hoe je je grenzen weer voelt, bewaakt en respecteert. Zodat je niet langer overleeft, maar echt leeft.

Klik hier voor meer info over Kintsugi.
Je staat er niet meer alleen voor 🤗

52 | Secundair trauma

Ik hoor vaak dat mensen aanklagen dat narcisme een hype is, dat je niet zomaar mag zeggen dat je ex een narcist is… Ervaring leert me dat degenen die zulke uitspraken doen, dikwijls zelf narcistische personen zijn, ofwel de flying monkeys van een narcist.

Een flying wat? Ja, een flying monkey. Vertaald naar het Nederlands: een vliegende aap. Vraag me niet wie er die term uitgevonden heeft, maar in het Engels klinkt het beter, dus ik gebruik de Engelse term, want de betekenis komt niet zo over in het Nederlands.

Taalkunde terzijde, wat is een flying monkey juist? Een flying monkey is eigenlijk gewoon een helper van een narcist, vaak zonder dat ze dat zelf doorhebben. Zo zou je het kunnen zeggen:

“Een ‘flying monkey’ is iemand die door een narcist wordt ingezet om hun werk voor hen te doen. Dat kan zijn: informatie over jou doorgeven, druk op je zetten, of jou proberen te overtuigen dat de narcist gelijk heeft. Vaak denkt die persoon dat ze gewoon helpen of bemiddelen, maar eigenlijk spelen ze het spel van de narcist mee.”

Vergelijk het met de film The Wizard of Oz: de boze heks stuurt vliegende aapjes op pad om haar vuile werk te doen. In het echte leven zijn dat vaak vrienden, familieleden of collega’s die onbewust boodschappen van de narcist doorgeven of jou proberen te manipuleren.

Als ik zo over deze term nadenk, ben ik me er bewust van dat ik zelf een flying monkey geweest ben, als zijn partner. Zo probeerde ik zijn kinderen ervan te overtuigen om meer op bezoek te komen bij hun papa, terwijl ik goed genoeg wist dat dat niet gezond was voor hem. 

Waarom deed ik dat dan? Beschaamd moet ik toegeven: uit zelfbescherming. Als ze op bezoek waren, was hij lief, zorgzaam. Hij maakte grapjes. Hij was even twee dagen niet boos op me omwille van de meest gekke redenen. Tot ze weer vertrokken waren. Dan kwam de nare man weer boven, want hij kreeg nooit een duidelijk antwoord wanneer ze weer zouden komen, en dat frustreerde hem heel erg.

Dus ja, het was fijner voor mij als ze regelmatig kwamen. Dus toen hij op een keer voor de zoveelste keer in het ziekenhuis lag omdat hij een dronken ongeval had, en zijn jongste me aan de telefoon vroeg of hij gedronken had, loog ik. De eerste keer toch. Ik voelde me zo slecht over die leugen, dat ik bij de volgende gelegenheid, jaren later, toen ik de vraag opnieuw kreeg, deze keer de waarheid vertelde. Maar toen was ik er voor mezelf al uit dat ik er een einde aan moest maken, en had ik het gehad met voor hem op te komen en zijn daden te vergoelijken naar anderen.

Maar goed, daar gaat mijn blog niet over. Mensen die dus klagen dat “wij” te snel zeggen dat onze ex een narcist is, vallen dus meestal in de categorie “flying monkey”, ofwel druipt het narcistisch gedrag er zelf van af. 

Zo getuige een post die ik onlangs las in één van de facebookgroepen die ik volg. Daarin steunen we elkaar en zijn er geen vooroordelen. Meestal niet. Af en toe lijkt er wel een narcistische persoon zelf in te infiltreren. Je merkt dat meestal aan de aanvallende toon waarmee die praat en mensen in twijfel gaat trekken. Ze beseffen dat natuurlijk zelf niet – want welke narcist is nu zelfbewust – maar je haalt ze er zo uit. 

En toch geef ik ze meestal nog het voordeel van de twijfel, en reageerde ik zoals ik meestal reageer op die vraag of aantijging. Ik zeg dan: “Wat maakt het uit of de persoon een labeltje heeft gekregen van een psychiater. Als hij narcistisch gedrag vertoont en zijn medemens(en) traumatiseert, zijn de gevolgen even erg, label of niet”. De reactie was veelzeggend: “Jullie zijn zelf narcistisch, ik weet genoeg, doei!” 

Projectie en aanvallen, we kennen het allemaal goed genoeg, nietwaar?

Maar waarom is het nu zo moeilijk om echt vast te stellen of iemand “echt” narcistisch is? Wel, dat komt omdat er meerdere “soorten” zijn. En de meesten zijn dan nog een mix van soorten. De openlijke narcist is het gemakkelijkst te herkennen. Die doet alsof hij overal de beste is, de slimste, de grootste… Die zie je al van ver afkomen. Daar kan je ook het gemakkelijkst mee leren omgaan: je sluit je af, je reageert niet op hem… en niemand gaat je dat kwalijk nemen, want ze zien allemaal ook zijn narcistisch gedrag. Hetzelfde geldt voor de antagonistische narcist en de kwaadaardige narcist. Die vallen je overal openlijk aan, proberen altijd negatieve reacties uit te lokken, zijn impulsief en roekeloos…

De meer “gevaarlijke” soorten zijn de verborgen narcist en de filantropische narcist, omdat die op het eerste zicht “goeie” mensen lijken, gevoelige en empathische zielen. Maar achter de schermen vertonen ze hetzelfde gedrag als voornoemde soorten. Daarnaast manipuleren ze je ook met gaslighting (dat  is iemand bewust laten twijfelen aan zijn eigen herinneringen, gevoelens of gezond verstand om macht of controle te krijgen), vernederen ze je, lachen je uit, minimaliseren je gevoelens… Terwijl ze voor de buitenwereld de ideale partner spelen.

Als ik terugdenk aan het gedrag van mijn narcistische ex, zie ik van alle soorten wat in hem.

Toen ik hem leerde kennen, was hij een manager en vertoonde hij vooral het gedrag van een openlijke narcist. Maar in de lovebombing fase (overdonderen met liefde) toonde hij zich gevoelig en empathisch en leek hij bekommerd om het leed van de wereld. Dat trok me erg in hem aan. Hij praatte vaak over hoe jammer hij het eigenlijk vond dat hij door zijn vroegere schoonvader “gedwongen” was om ambitieus te zijn, (want anders was hij niet goed genoeg voor diens dochter) en dat hij liever een zorgende rol had opgenomen in de maatschappij.

Dus toen hij in een burn-out terechtkwam en een carrièreswitch wilde maken, leek het beroep van zorgkundige een logische keuze. Ik twijfelde er geen moment aan dat hij er goed in zou zijn. En hij ook niet, al was het niet op de manier die ik voor ogen had. In het begin leek het allemaal te draaien om “het verzorgen van oude mensen”, maar begon hij zich al snel te profileren als beter-weter en begon hij collega’s de les te spellen en zelfs veranderingen af te dwingen bij de directie van de zorginstellingen waar hij werkte. Want hij was manager geweest, dus hij had de perfecte expertise van beide jobs, dus hij wist het beste waar het schoentje wrong in de organisatie. 

Als hij dit thuis aan me vertelde, geloofde ik dat ook. Hij klonk altijd zo zelfzeker en overtuigd van zijn standpunt. Na een tijd vertelde hij soms ook over reacties van zijn collega’s (meestal om zijn verontwaardiging erover uit te drukken) en begon ik in te zien dat hij het misschien toch niet altijd bij het juiste eind had. Hij stelde zich soms ook heel hard op naar zijn “cliënten”, de zorgbehoevende mensen waarvoor hij moest zorgen. Hij wees hen hard terecht als ze – naar zijn mening – verwend of hooghartig gedrag vertoonden, en uit zijn uitleg kon ik soms ook begrijpen dat hij hen soms ook letterlijk hardhandig behandelde. 

Dat joeg me schrik aan. Maar, ook weer egoïstisch van mij, dacht ik dan vooral aan het feit dat hij zijn job zo kon verliezen. En dan zat ik weer de hele tijd thuis met een gefrustreerde man. Het was altijd in mijn belang dat hij gelukkig was in zijn job, met zijn kids… in het algemeen met zijn leven buitenshuis. Want daar kon ik geen invloed op uitoefenen. Thuis kon ik nog proberen de situatie onder controle te houden. Dacht ik toen. De waarheid was natuurlijk dat ik helemaal niets onder controle had. De enige die ten alle tijde de touwtjes in handen had over wat er gebeurde en hoe het gebeurde, was hij.

Zijn gedrag was ook kenmerkend voor narcisme op die manier dat hij ervan overtuigd was dat wetten en grenzen nooit voor hem golden. Op een gegeven moment werkte hij voor een organisatie die mobiel hulpbehoevenden gingen verzorgen en had hij na zijn dienst een aanrijding met zijn bedrijfswagen. Vanzelfsprekend had hij toen weer gedronken en de politie trok zijn rijbewijs in voor 14 dagen. Hij liet het na om dit te laten weten aan zijn werkgever en bleef gewoon zijn job doen. 

Zijn overtuiging dat hij extreem intelligent was, werd tegengesproken door het feit dat hij, ook onder invloed alweer, op zijn facebookpagina hierover getuigde. Niet in detail natuurlijk. Maar eerst ging hij klagen over de intrekking van zijn rijbewijs en daarna postte hij foto’s als hij aan het werk was om te getuigen hoe goed hij toch was in zijn job en voor zijn “menskes”.  Als hij dan weer nuchter was, haalde hij die posts er snel weer af, maar genoeg mensen hadden het gezien intussen en niet lang daarna liep hij tegen de lamp en verloor hij zijn job.

Zijn verontwaardiging werkte hij natuurlijk thuis uit, op mij. Gelukkig was hij vlot van tong en had hij snel een andere job. In die periode waren mijn kids er gelukkig nooit, want na een incident (een poging van mij om te verdwijnen), had hun vader besloten hen bij hem te houden. En ik kon het hem niet kwalijk nemen.

Ik heb hen twee jaar moeten missen. Twee jaar waarin ik hen sporadisch een namiddag mocht gaan halen (onder voorwaarde dat mijn narcistische man niet thuis was) en voor de rest weinig contact met hen had. Mijn hart brak en ik huilde elke dag in stilte. Veel zorgzaamheid kregen ze ook niet bij hun vader, maar ik wist dat ze tenminste veilig waren. Zo zie je maar, dat de typische afzondering waar je in terecht komt, niet alleen geldt voor familie en vrienden, maar soms ook voor je eigen kinderen. Alweer een ingrijpend gevolg van een relatie met een narcistische persoon.

Het is voor overlevers van zo’n relatie vaak heel moeilijk om over deze dingen te praten. Je krijgt dan uitspraken te horen als “Maar je kinderen gaan toch voor alles? Hoe heb je dat kunnen toelaten?” “Hoe kon je daar dan nog zoveel jaren bij blijven?” “Zag je dan niet hoe hij/zij was?” 

De schuldgevoelens waarmee je uit zo’n relatie komt, zijn hartverscheurend. Ja, ik zag het allemaal. Ja, ik wilde mijn kinderen ook boven alles stellen. 

Maar hij had ook goeie periodes, die me bleven doen hopen dat het toch nog goed kon komen. Ook al wist ik diep vanbinnen dat ik hem uiteindelijk hier nooit voor zou kunnen vergeven.

Ik voelde me verlamd. Ik voelde me machteloos. Waardeloos. Ruggegraatloos.

Ik was de hele tijd bang. Voor zijn stemmingswisselingen. Voor zijn agressief gedrag. Voor zijn haat.

Wist je dat er zoiets bestaat als secundair trauma? Dat is extra trauma dat bovenop je oorspronkelijke pijn komt, doordat anderen je niet geloven, het bagatelliseren of jou zelfs de schuld geven. Je wordt als het ware opnieuw getraumatiseerd door alle ongevoelige reacties die je krijgt.

Dat is ook één van de redenen waarom ik deze blogs blijf schrijven. In principe heb ik mijn blog niet meer “nodig”, omdat ik bezig ben alles in één verhaal te gieten, in een boek. Maar waar mijn blog ontstond als uitlaatklep voor mezelf en herkenning voor anderen, is die nu uitgegroeid tot hulpmiddel voor anderen. 

Ik wil hiermee jou, lieve lezer, een hart onder de riem steken. En misschien val ik in herhaling met sommige verhalen (ik weet niet altijd welke verhalen ik nu al verteld heb), ik hoop dat de boodschap altijd duidelijk overkomt: dat jij niet a (meer) alleen bent.

Ik schrijf openlijk over wat mij overkomen is, opdat jij dat niet hoeft te doen. Zodat je dat secundair trauma kan vermijden.

Dit extra trauma kan zwaar voelen, alsof niemand echt ziet wat je doormaakt. Maar herstel is wél mogelijk, ook als je vertrouwen een flinke deuk heeft gekregen. In mijn jaartraject begeleid ik je stap voor stap om weer rust te vinden, jezelf terug te ontdekken en opnieuw hoop te voelen voor de toekomst.

Je hoeft dit niet alleen te doen. Ik loop naast je, bij elke stap vooruit… en ook de stappen die je af en toe onvermijdelijk achteruit zal doen. Dan neem ik je bij de hand en help ik je weer vooruit.

Ontdek hier hoe mijn traject jou kan ondersteunen.

Als je erover wil praten, stuur me gerust een berichtje (via het menu kom je op mijn instagram en facebook). Ik maak altijd tijd voor je 🌼


Gratis webinar op woensdag 10 september om 20u
“Narcistisch misbruik ontmaskerd”

Toen ik zelf uit een narcistische relatie kwam, wist ik niet waar te beginnen om weer te genezen. In mijn gratis webinar vertel ik kort hoe narcisten te werk gaan, maar vooral hoe jij de schade kunt herkennen én beginnen herstellen. Je krijgt inzichten die je helpen begrijpen wat er met je gebeurd is en hoe je weer kracht, rust en hoop terugvindt.

👉 Meld je hier gratis aan en zet je eerste stap naar herstel.

51 | Ik mag boos zijn

Ik was vroeger nogal een opvliegend meisje. Ik kropte alles op omdat ik me niet durfde uitspreken en op een gegeven moment was mijn emmer vol en <bam> de boel ontplofte.

Dan verhief ik mijn stem (beter gezegd: ik riep) en flapte er alles tegelijk uit. Meestal kwam mijn boodschap dan gewoon niet over omdat ze verdronk in een waterval van woorden.

Ik heb in mijn leven veel gezwegen. Een hoop frustraties opgekropt. Eerst tijdens mijn jeugdjaren, daarna in mijn partnerrelaties. Ik begon nochtans altijd zelfverzekerd, ik ging gewoon mijn mening zeggen. Maar ik stootte op een muur van ego’s die vonden dat ze mij een toontje lager moesten laten zingen. Dat voelde als een stevige afwijzing en laat dat nu mijn grootste angst zijn. Dan schiet mijn overlevingsmechanisme “pleaser” in gang en ga ik mijn woorden weer inslikken.

De zwaarste gevolgen daarvan ontstonden toen ik aan kinderen begon. Onmiddellijk gezegend met een tweeling, die prematuur geboren werd en een moeilijke thuiskomst hadden na 5 weken op de neonatale afdeling, kreeg ik het heel moeilijk. Ik was helemaal overweldigd en er snel van overtuigd dat ik het niet aankon. Daarnaast was er de vader die weinig aanwezig was en ik werd een overstreste, oververmoeide, eenzame en verbitterde moeder. 

En als ik overweldigd was, stapte ik over op de manier dat ik het altijd gedaan had, en dat was roepen. En tot mijn grote schaamte volgde er soms een tik bij als ik me helemaal machteloos voelde met drie jonge, drukke, lawaaierige kinderen. 

Op een dag besloot ik dat het genoeg geweest was en stapte ik naar een therapeute. Zij leerde mij in eerste instantie tot rust komen door te mediteren. Ik was in het begin heel sceptisch, want hoe konden enkele minuten per dag in stilte gaan zitten nu ervoor zorgen dat ik beter met mijn kinderen kon leren omgaan? Ik besefte toen nog niet dat niet mijn kinderen het probleem waren (of de oorzaak van mijn probleem), maar dat de frustraties van ergens anders kwamen. Namelijk het gevoel dat ik er alleen voor stond en niemand had om op te steunen. Ik was boos op hun vader omdat hij 3 kinderen wilde en er dan niet mee de verantwoordelijkheid voor opnam. 

Ik besefte ook niet dat het mediteren niet ging om die paar minuten rust per dag, maar om het leren van je lichaam om je eigen veiligheid te vinden en daar ook op te kunnen terugvallen op moeilijke momenten.

Mediteren heeft mijn leven veranderd. Echt wel. Ik ben soms nog ongeduldig, maar ik beheers mijn frustraties (meestal 🙂) beter. Ik ben niet meer opvliegend, ik heb veel geduld, of ik kan me toch ertoe brengen om geduldig te reageren… zolang mensen niet over belangrijke grenzen gaan.

Ik heb me er al vaak over verwonderd dat ik weinig boosheid voel naar mijn tweede partner, de narcistische persoon, ondanks de hel waar hij me heeft door laten gaan. In het begin was er veel pijn en verdriet, maar boosheid… heb ik eigenlijk weinig gevoeld. Wel een vastberadenheid, een stevige overtuiging dat ik dit nooit meer zal laten gebeuren. Maar boos? Nee.

Nochtans is het wel een gezonde stap in het rouwproces waar je door moet na een toxische relatie. Nu ben ik wel heel boos geweest nadat ik pas de beslissing genomen had. Ik kon niet vriendelijk meer tegen hem zijn, ik wilde hem gewoon uit mijn leven. Dus ik heb altijd verondersteld dat dat mijn boosheidsfase geweest is.

Tot enkele dagen geleden. Ik voelde me nadien wat beschaamd, want … ik verloor mijn “cool”. Eerlijk gezegd was het lang geleden dat ik me nog zo boos gevoeld heb. Boos tot in de tippen van mijn tenen.  Nee, ik ben niet uitgevlogen, ik heb niet geroepen, maar het is toch wel even blijven nazinderen. Ik heb me wel stevig uitgesproken en misschien iets luider en harder gepraat dan ik had willen doen.

Wat was er gebeurd? Wel, ik kreeg een brief in de bus. Op de naam van mijn ex. Bijna 4 jaar na zijn vertrek. Nu gebeurt dat wel meer met bepaalde reclame en die gooi ik dan gewoon bij het papier.

Deze keer was zijn naam er echter in handschrift op geschreven en daarover was een sticker gekleefd met de tekst “aan de bewoner van dit adres” en mijn adres eronder. De brief kwam van het psychiatrisch ziekenhuis waar hij 11 jaar geleden opgenomen geweest is omwille van zijn alcoholisme en waar hij nadien met zijn narcistische kwaliteiten erin geslaagd is om als vrijwilliger aan het werk te gaan als pastoraal medewerker. Onder het motto “doe wat ik zeg, maar doe zeker niet wat ik doe”. Zoals we allemaal veel narcistische personen kennen, met mooie praatjes maar hun eigen woorden niet nalevend.

Ik deed de envelop open (tenslotte was die aan mij gericht, want hij woont hier niet meer) en vond een vrijwilligersovereenkomst tussen hem en het ziekenhuis. Op MIJN adres nog steeds. Getekend enkele weken geleden met “gelezen en goedgekeurd”. 

Dit maakte mij heel erg boos. Gaf hij nog altijd mijn adres op? In het begin van onze relatie is hij jaren “zonder adres” geweest omwille van zijn faillissement om niet gevonden te kunnen worden door schuldeisers, en ik kreeg plots een heel erge déjà vue. Staat mijn adres nog altijd overal op zijn officiële documenten? Het gaf me een heel onveilig gevoel. Het gevoel dat er alweer ongevraagd en bewust over mijn grenzen gegaan was.

Ik heb onmiddellijk de telefoon genomen om naar het ziekenhuis te bellen. In niet mis te verstane woorden heb ik duidelijk gemaakt dat ik er niet mee gediend was dat hij in hun bestand nog altijd op mijn adres stond. En of ze dat stante pede konden corrigeren.

Ik stond te trillen op mijn benen van boosheid, bijna woede. Ik ben beleefd gebleven, want de onthaalmedewerkster kon natuurlijk nergens aan doen, maar ik ben toch harder geweest dan ik normaal doe.

Op zich vind ik het een gezonde reactie van mezelf. Maar toch voelde ik me achteraf weer schuldig. Omdat ik te hard gesproken had. Omdat ik boos geworden was. 

En dat op zich is dan weer een mooie les geweest. Eigenlijk ben ik fier op mezelf. Dat ik me heb durven uitspreken. Ook al was het tegen de verkeerde persoon. Maar ik heb een grens getrokken. Ik heb “nee” gezegd. Ik heb niet gezwegen. En ik heb me min of meer beheersd.

En toch… kruipt dat schuldgevoel er altijd in, he. Had ik eerst moeten afkoelen? Had ik de brief gewoon moeten weggooien en doen alsof het niet erg was? Had ik niet overgereageerd?

Had ik het recht niet om boos te zijn? En daar komt de aap uit de mouw.

MAG ik boos zijn als er over mijn grens gegaan wordt?
MAG ik uitspreken dat dit niet okee is?

Aan wie stel ik nu die vraag? Vroeger bepaalden anderen wat ik wel en niet mocht zeggen.

Wel, nu neem ik mijn kracht terug.
De enige die hierover beslist, ben ik.

En ik beslis dat ik boos mag zijn.
Ik heb correct gereageerd, niemand uitgemaakt, geroepen of getierd.

Ik heb mijn grens gesteld.

En ik beslis dat dit helemaal okee is.

Ik ben fier op mezelf.


Afgelopen week hield ik een gratis 7-dagen challenge om te beginnen met genezen na een narcistische relatie.

Daarin is het onderdeel “zelfliefde” van groot belang.

Door zelfliefde leer je je grenzen trekken. Durf je je grenzen te trekken.

Maar ook boosheid is hiervoor nodig. Je moet zo boos worden als er over je grenzen gegaan wordt opdat je durft wegstappen van je pleaser-gedrag en je mond durft opentrekken.

De belangrijkste stap in je genezingsproces is jezelf waardevol genoeg vinden zodat je jezelf toelating kan geven om boos te worden. Om voor jezelf op te komen. Om nee te zeggen.

Jezelf graag zien.

Morgen is de laatste sessie van de challenge. Toevallig (of niet?) hebben we het vanavond en morgen over zelfliefde en zelfzorg.

Laat jij jezelf al toe om boos te worden? En kun je jezelf ervoor vergiffenis schenken?

Kom vanavond zeker eens luisteren!

Wanneer: om 20u30

Waar: op mijn facebookpagina

Zie ik je daar?

49 | Starten met bewustwording

Genezen na een narcistische – of in het algemeen toxische – relatie gaat niet vanzelf. En je geneest ook nooit helemaal ervan.

MAAR je kan de juiste hulpmiddelen leren om die aan te pakken. En elke keer dat je ze aanpakt, haal je er een stukje van de lading af tot de herinneringen vervagen en ze bijna geen emotionele waarde meer hebben.

Maar tegen je alle trauma verwerkt hebt, zullen er al heel wat jaren gepasseerd zijn. Je kan genezen, maar er zal af en toe iets blijven hangen en je kan er een leven lang mee bezig zijn om alles te verwerken.

Het belangrijke is dat je leert hoe je ermee om kan gaan zodat ze je leven niet meer overheersen.

Waarom begin ik mijn blog hiermee? 

Wel, ik wil vooral eerlijk zijn. Ik heb nu een mooi leven en ik ben gelukkig. Ik werk al meer dan 4 jaar aan mijn genezingsproces, maar dat zal ook nooit ten einde zijn. Mensen vragen me vaak “ben je dan nu genezen?” omdat ze “mijn niveau” willen bereiken. 

Ze denken dat ik nooit meer terugdenk aan al die vreselijke momenten in die 10 jaar dat ik in een narcistische relatie gezeten heb. Dat ik geen schrikreacties meer heb als er plots een traumatische herinnering opduikt. Dat ik mijn adem niet meer even inhou als een gebeurtenis beelden aan vreselijke scènes naar boven brengt. Dat bepaalde dingen me geen angst meer geven. Dat ik niet meer vermijd om mijn narcistische ex tegen te komen. Dat ik niet bang ben dat mijn kinderen hem gaan tegenkomen en ook traumatische herinneringen gaan herbeleven.

Een relatie met een narcistische persoon is ronduit traumatiserend. Het is niet iets waar je “zomaar” over heen raakt, of iets dat weggaat “mettertijd”.

Daarnaast heb je natuurlijk ook vaak (meestal) de combinatie met een kindertijd waarin je dingen meegemaakt hebt die je gevoelig en ontvankelijk gemaakt hebben voor narcistische personen. Niet gezien worden als kind, jezelf moeten aanpassen om toch maar een beetje liefde te krijgen, of zelfs maar aandacht, jezelf niet mogen zijn, het gevoel hebben altijd “teveel” te zijn, te druk, te luid… Daardoor ontwikkel je een leegte die je later wanhopig probeert op te vullen, met relaties waarvan je denkt dat ze zo horen te zijn. Omdat dat het enige soort relatie is dat je kent.

Je hebt dus veel meer te verwerken dan alleen trauma uit de narcistische relatie. Voor je in zo’n relatie stapt, heb je al een zwaar rugzakje. Dan krijg je daar die zware rugzak uit de narcistische relatie bij… Dus het is niet te verwonderen dat het een hele tijd duurt eer je die rugzakjes verwerkt hebt. 

En je kan ze niet zomaar ledigen door ze op de grond uit te kappen. Nee, je moet voorzichtig elke steen uit de zakjes halen, bekijken, verwerken en dan kan je het op de grond leggen.

Met elke steen bedoel ik wel niet “elke herinnering”. De stenen vertegenwoordigen het trauma. Onverwerkte energie in je lichaam, veroorzaakt doordat je in moeilijke situaties er niet in slaagde om de stress op dat moment te verwerken en los te laten.

Daarom is het belangrijk om met je lichaam te gaan werken in therapie. 

Daarom is het ook belangrijk om bewust te zijn van wat er gebeurt in je lichaam op elk moment.

Bewustzijn is het beginpunt van genezing.
Bewust zijn van wat er gebeurt in je lichaam.
Bewust zijn van je emoties.
Bewust zijn van je gedachten.

Als je niet weet wat er gebeurt, gaat je hoofd er zelf verhaaltjes over verzinnen. Een verklaring zoeken of zelf geven. Je gaat het aanvaarden als waarheid en het vaak als een excuus gebruiken. Of het gaat je vasthouden in de bevroren staat, die zich uit als machteloosheid, depressie, burn-out, oververmoeidheid… En je geeft het op want het voelt uitzichtloos.

Uit je kindertijd breng je ook een hoop overlevingsmechanismen mee. Slachtoffers van narcistische personen worstelen vaak met perfectionisme, uitstelgedrag, faalangst, constant bezig willen zijn, emo-eten, niet kunnen ontspannen, gedachten die blijven ronddraaien…

Het is belangrijk om ook daar bewust van te zijn. 

Sinds ik me bewust werd van mijn missie om de gevaren van narcisme meer “op de kaart” te brengen door mensen te informeren en te leren hoe ze kunnen herstellen van de gevolgen, kom ik regelmatig in een “flow”.

Dan rollen de ideëen uit mijn hoofd en ben ik vaak dagen en weken bezig met deze uit te werken. Dat is positief. Ik had vroeger geen idee wat ik wilde doen met mijn leven. Ik wilde zo graag iets betekenen voor de wereld en sinds mijn missie duidelijk werd, ben ik blij en gelukkig op elk moment dat ik hiermee bezig kan zijn.

Maar… hoezeer het ook helend werkt voor mij, blijkt het ook een valkuil te zijn. Niet de missie op zich, maar het constant ermee bezig zijn.

Uiteindelijk kan ook dit vluchtgedrag zijn. Door met de missie bezig te zijn, met anderen te helpen, moet ik niet met mezelf bezig zijn.

En ik ben na een heel jaar zo bezig geweest te zijn, gaan beseffen dat ik het contact met mezelf weer verloren was. 

De “practice what you preach” (doe zelf wat je anderen zegt te doen) is ergens verloren gegaan vorig jaar. Was het hoogmoed? Dacht ik inderdaad dat ik wel “genoeg” genezen was, dat ik het niet meer nodig had om mijn eigen methodes te blijven gebruiken? Was het angst? Dat ik bij het vertellen van mijn ervaringen weer traumatische herinneringen onder ogen zou moeten zien?

Gas terugnemen blijkt echter moeilijker dan ik dacht. Ik begon met mijn weken anders in te delen. Ik ging een week “missie” afwisselen met een week “zelfzorg”. Maar in realiteit bleek het toch moeilijk om in de zelfzorgweek af te stappen van het werken aan mijn missie.

Misschien zat daar ook het probleem. Ik begon mijn missie als “werk” te zien. Want je ziet overal hoe coaches snel duizenden euro’s horen te verdienen met de hulp van de juiste business coach, want als je dat niet verdient, ben je dus niet goed bezig en heb je zo’n (dure!) coach nodig. Ik begon te denken in “verdienmodellen” en “producten” die geld opleveren. Ik volgde zoveel mogelijk webinars over “jezelf verkopen”, en probeerde verschillende strategieën uit in mijn posts. Het voelde allemaal vreselijk. Dit was niet wat ik wilde doen en zeker niet waarom ik 3 jaar geleden met deze blog en mijn instagram kanaal begonnen ben.

Natuurlijk heb ik ook dromen. En kosten. Al mijn kanalen, website en vele andere software die ik gebruik voor mijn missie kosten geld. Als ik mensen wil blijven verder helpen, moet ik natuurlijk ook euro’s vragen voor mijn hulp.

Maar eerlijk gezegd wil ik daar niet bezig mee zijn. Ik wil mezelf niet “verkopen”. Ik wil dat mensen die mijn hulp nodig hebben mij vinden en zelf gaan voelen of ik de juiste coach, raadgever of hulpverlener voor hen ben.

Door deze realisatie ben ik me er bewust van geworden dat ik “back to basics” moet. En deze keer echt. ‘s Ochtends wakker worden en gaan voelen. Niet onmiddellijk mijn gsm pakken en gaan scrollen. 

Het is nog een proces dat traag op gang komt. Afremmen is zo moeilijk. Maar juist daarom zo hard nodig. Hoe meer je merkt dat het je moeite kost om af te remmen, hoe meer dat een teken is dat je dat juist dringend moet gaan doen.

Jammer genoeg blijf je meestal doorgaan tot je lichaam zelf je tot een halt roept. Je wordt ziek, je voelt je nooit uitgerust, en als je te lang doorgaat, val je in een burn-out of krijg je een auto-immuunziekte.

Wacht niet tot het zo ver is.

Ik heb het allemaal meegemaakt. En het is niet omdat je uit de relatie bent, dat je er niet meer gevoelig voor bent. Het blijft oppassen en alert zijn voor de signalen van je lichaam.

Gelukkig zijn er ook de kleinere “wake-up calls”. Een vakantie bijvoorbeeld. Die je plots ook dwingt tot pauze nemen, en waarbij je dan gaat merken hoe moeilijk dat voor je is.

Ik had de voorbije week 3 dagen vakantie. Ik ging met mijn liefste en zijn kids naar een vakantiepark. De eerste dag voelde ik me vreselijk moe. Ik weet het aan de autorit, maar eerlijk, het was maar 2,5u rijden dus dat kon niet echt het probleem zijn.

Maar ik besefte dat het natuurlijk meer was dan dat. Als je de dag start met een batterij van 100%, is zo’n autorit geen probleem. Maar als je je dag gestart bent met 50% of minder, verandert dat de zaak.

Dus heb ik beslist om de dagen nadien ‘s ochtends eerst te gaan voelen hoe het zat met mijn batterij en mijn ochtendroutine daarnaar aan te passen.

Normaal heb ik een vaste ochtendroutine, wat op zich goed is. Routines zorgen ervoor dat je tijd neemt voor jezelf, maar het probleem is dat ze ook een automatisme kunnen worden. Altijd hetzelfde doen verlaagt je bewustzijnsniveau.

Wat ik nu de afgelopen dagen eerst doe, is eerst gaan peilen naar mijn energie, naar mijn lichamelijke gewaarwordingen en naar mijn emoties.

Vanmorgen wilde ik starten met affirmaties om “overvloed” uit het universum aan te trekken. De bedoeling is dat je dan overtuigd moet zijn van wat je zegt, er zelf in geloven. Maar ik voelde het niet. Ik ging voelen en besefte dat ik me angstig voelde. Net omdat ik het niet geloofde. Ik voelde het “imposter syndrome”, dat ik niet goed genoeg was, dat ik het niet waard was om mensen te helpen…

Dus ben ik een tapping gaan doen op angst. Deze doe ik vaak met de deelneemsters uit mijn trajecten omdat deze zo krachtig is. 10 minuten tapping en je voelt je al heel wat rustiger. 

👉 reclame: in mijn RESTART traject doen we elke 2 weken een zelfzorgsessie in groep waarin  we technieken zoals tapping samen doen en je kan de opname hiervan nadien zo vaak mogelijk gebruiken als nodig

Na de tapping ben ik opnieuw gaan voelen, deze keer naar wat ik eventueel nog nodig had. Ik voelde nog altijd een beetje angst en heb dan een meditatie gedaan met muziek uit de Meditation Moments app, met bilaterale muziek. Ik had hier al ervaring mee toen ik zelf brainspotting therapie volgde en deze was perfect om weer in mijn lichaam te komen en me terug te brengen naar een gevoel van “welzijn” door de Felt Sense methode (term van Peter Levine, zo’n beetje de grondlegger van trauma werk).

Felt Sense is moeilijk uit te leggen. Je leert die het beste door het te ervaren. Omdat dat ook zo’n krachtige methode is, heb ik zo’n oefening in mijn gratis challenge van komende week opgenomen. 

Ik heb zo een hele lijst met methodes die mij heel erg geholpen hebben tijdens mijn genezingsproces en die me, zoals je kan lezen, me nog altijd elke dag helpen.

Daarom vind ik het zo belangrijk om deze ook aan anderen te leren.

Naast mijn opleiding in psychologie (bachelor echter, daarom mag ik mij geen “psycholoog” of “therapeut” noemen) heb ik een intuïtieve coaching stijl (die mensen toch als therapeutisch ervaren), methodes waarvan ik weet dat ze echt geholpen hebben, en natuurlijk het feit dat ik me niet moet “inbeelden” wat je hebt meegemaakt, want ik heb er letterlijk in gezeten.

Wil je graag gratis eens voelen hoe het is om met mij te werken? Gedurende een hele week?

Hier vind je alle info (ik ga het hier niet toevoegen want mijn blog is al veel te lang geworden 😉).

Zie ik je zondag? ✨

48 | Valentijn

Ik wilde beginnen met schrijven dat ik in de 10 jaar in de narcistische relatie elke keer op Valentijn overladen werd door cadeautjes, maar eerlijk gezegd… herinner ik me er niet veel meer van. Ik heb bewust alle foto’s over en met hem verwijderd en nu kan ik me met de beste wil van de wereld niet meer voorstellen wat hij me allemaal gekocht heeft op elke Valentijnsdag.

Ik denk dat het begon met mooie grote kaarten met veel liefdesverklaringen, nadien aangevuld met steeds duurdere cadeau’s, waarschijnlijk naargelang het gevoel dat hij had dat hij iets goed te maken had.

Want dat was ook wel zo. Niet dat dure cadeau’s ooit een impact op mij hebben, maar het was wel een maatstaf voor de ernst van zijn daden.

Wat ik me wel herinner, is het gevoel. De eerste jaren vond ik het super lief voor enkele seconden, voor het besef kwam dat het maar loze woorden waren. Maar ze voedden de hoop dat het beter zou worden of dat het vanaf dan gedaan zou zijn met de lelijke woorden en dus schakelde ik op dat moment mijn gezond verstand eigenlijk uit. Want dat verstand zei me dat ik het niet mocht geloven.

Maar ja… het betekende even een avond zonder lelijke woorden… dus ik klampte me eraan vast. En ik schakelde mijn gezond verstand uit dat me waarschuwde dat tegen dat de avond om zou zijn, ik alweer uitgescholden, vernederd en gekleineerd in mijn bed zou liggen, in een foetushouding mijn tranen proberen binnen te houden tot hij zou slapen. 

Als hij sliep, was ik veilig. Vaak deed hij na zijn slaap ook alsof er niets gebeurd was en startten we ogenschijnlijk elke dag met een schone lei. Mijn leven werd dus een aaneenschakeling van normale gesprekken die overgingen in scheldpartijen, eindigend in de slaap der onschuldigen.

En ik begon te verlangen naar de nacht. Dan werd de “reset” of “herstart” knop ingedrukt en begon alles opnieuw. Maar het feit is dat het elke dag op dezelfde manier eindigde.

Ik begon te verlangen naar slaap. Als ik sliep, voelde ik ook de pijn en het verdriet niet. Na mijn slaap zou de dag weer opnieuw gestart zijn. Alle pijn werd onder de mat geschoven en als ik er iets over durfde zeggen, kreeg ik letterlijk het verwijt dat het geen nut had om telkens oude koeien uit de gracht te halen. Oude koeien die dus nog geen dag oud waren.

En ja, natuurlijk wilde ik het ook niet opnieuw oprakelen. Ik wilde niet dat hij opnieuw over hetzelfde boos op me zou worden.

Ook al had ik er niets mee te maken. Onze “ruzies” het eerste jaar gingen over zijn ex. Zij had zijn leven verwoest, zij was de schuld van zijn faillissement, zij had zijn winkel laten verkommeren terwijl hij voor zijn leven vocht in het ziekenhuis (lees: een gastric bypass onderging voor zijn overgewicht), zij kocht veel te dure materialen voor de zaak… Ik luisterde empatisch en probeerde hem te troosten en te kalmeren… En op een gegeven moment pauzeerde hij even, staarde voor zich uit… en dan werden zijn ogen zwart.

Elk mens die ooit met een narcist te maken gehad heeft, kent de zwarte ogen. Ogen vol haat. Op dat moment weet je dat je niet meer praat met de persoon waar je van houdt. Op dat moment verandert hij in iemand anders. Of beter gezegd, op dat moment krijg je zijn ware “ik” te zien.

Ik heb geleerd me klein te maken als die ogen me aankeken, hard, gevoelloos, vol met haat… Op dat moment zag hij mij ook niet meer. Hij zag me als het object waar hij als zijn haat op kon projecteren. Een object dat hij op dat moment wilde vernietigen. En hij genoot van het effect dat zijn hatelijke woorden hadden op dat object.

Ik denk dat ik op dat moment ook veranderde na een tijd. Ik leerde buiten mijn lichaam te treden om de pijn niet te moeten voelen. Meestal begon ik te huilen, focuste ik op mijn eigen tranen en ademhaling en probeerde ik om zijn woorden niet te horen. Mijn tranen waren een poging om medelijden bij hem te wekken zodat hij zou stoppen, maar meestal hadden ze het tegenovergestelde effect.

Dus probeerde ik om weg te vluchten. Ik probeerde me op te sluiten in de slaapkamer, maar dan probeerde hij de deur in te beuken. Om schade te vermijden liet ik ze dan maar los en kroop ik in bed onder de lakens. Die trok hij dan van me af en kwam met zijn gezicht vlak voor het mijne schelden. Soms kwam daar fysiek geweld ook bij: ik werd door elkaar geschud, in mijn gezicht geslagen, hardhandig vastgehouden…

En als hij tevreden was dat hij me helemaal klein had gekregen, hield hij ermee op. Meestal ging hij dan verder de fles wijn leegdrinken, kroop in bed of in de zetel en sliep zijn roes uit.

Als de volgende ochtend zijn ogen open gingen, zag ik ze naar mijn ogen zoeken. Ik dacht dan een schijntje van schuldgevoel of schaamte te zien, of ik hoopte dat toch, en slaagde er in om een glimlach tevoorschijn te toveren. Dan nam hij me in zijn armen en in stilte werd alles weer onder de mat geveegd.

Nee, ik herinner me niet meer wat ik al die jaren op Valentijn kreeg. Maar ik herinner me wel dat het geen liefdevolle dagen waren…. Net zoals de meeste andere dagen.


Ik overleefde 10 jaar narcistisch misbruik.

Ik kwam hier gebroken uit en wist niet meer wie ik was.

Ik heb mezelf heropgebouwd en voel me nu sterker dan ooit.

Dat wil ik ook voor jou.

En ik kan je ermee helpen.

In mijn RESTART traject leer je hoe je je leven weer kan oppakken, hoe je met je trauma kan leren omgaan, hoe je weer van jezelf kan leren houden, hoe je je ex kan leren loslaten en de ultieme afsluiting te hebben: gelukkig worden zonder hem.

Ik zou heel dankbaar zijn als ik jou hierin kon verwelkomen en samen met jou op pad gaan naar jouw genezing.
Hier vind je er meer informatie over.