Uitgelicht

Wie schrijft, die … overleeft

Het is voorbij. De strijd, de pijn, het verdriet.

Het is voorbij. De hemelse liefde, de aanbidding, de vlinders in de buik, de liefdesbetuigingen, de boeketten, de romantiek.

Het is voorbij. De vernederingen, de scheldpartijen, de helse e-mails, sms’en in caps letters, het geroep, het getier, de bedreigingen, het liegen.


Net voor het einde van de relatie begon ik te schrijven vanuit herstel, vanuit hernieuwd vertrouwen, vanuit nieuwe hoop. Maar het heeft niet mogen zijn.

Toen ik deze blog startte, schreef ik vanuit pijn en verdriet, vanuit gemis en tranen. Van hoop die de grond ingeslagen werd na het ultieme verraad.


Na 10 jaar in een narcistische hel geleefd te hebben, heb ik een jaar aan mezelf gewerkt zodat ik nooit nog in die val zou trappen.

Ik volgde twee jaartrajecten, een therapeutisch en een spiritueel.
Beide hebben ervoor gezorgd dat ik mezelf teruggevonden heb.

Nu gebruik ik mijn levenservaring (zowel over het misbruik als therapeutisch) om andere slachtoffers en overlevers van narcistisch misbruik te helpen zodat ze op een dag ook weer van het leven kunnen genieten.

In plaats van gewoon elke dag in overlevingsmodus te staan.

Voel jij dat het moment gekomen is om voor jezelf te gaan kiezen en jezelf terug te vinden?

Schrijf je in voor de KINTSUGI Jaarreis, mijn jaartraject, via de knop rechts van deze blog.
Daar vind je ook alle info.

Wil je erover praten? Klik op de knop om een afspraak te maken 👇

60 | 1560 keer gebroken

Morgen stel ik mijn nieuwe boek “1560 keer gebroken” voor.

Ik was van plan om de mensen te verwelkomen met de woorden “Welkom op deze niet zo leuke voorstelling”.

Want als mijn naaste, heb je mij zien lijden. En als je het zelf hebt meegemaakt, was het ook geen pretje. Het kan triggers naar boven brengen.

Dus ja, ik nodig je van harte uit voor dit belangrijke evenement, maar het zal geen leuke zijn.

Natuurlijk ben ik fier op mijn boek. Ben ik opgelucht dat ik zo dapper was om alles te kunnen neerschrijven. Maar het was ook zwaar. Enorm zwaar. En nog altijd.

De afgelopen weken lag ik te bed met de griep. En hoewel er inderdaad sprake was van een virale infectie, maakte de dokter er mij attent op dat het niet alleen dat was.

Het herhaaldelijk herlezen van mijn manuscript zorgde er ook voor dat ik die 10 jaar herhaaldelijk herbeleefd heb. En mijn zenuwstelsel is daardoor opnieuw overladen geworden.

Dus na deze boekvoorstelling en mijn signeersessie bij de Standaard Boekhandel op het Gouden Kruispunt op zondag 26 april, neem ik even verlof.


Toen de journalist van Hageland Actueel me vroeg om in te schatten hoeveel mensen met narcisme te maken krijgen in hun leven, schoot me onmiddellijk een cijfer te binnen: 1 op 4.

Ik heb hier geen wetenschappelijk bewijs voor, zelfs nooit artikels over gelezen. Maar in mijn ervaring uit gesprekken met mensen komt 1 op 4, want elke keer ik er over praat met iemand, heeft de andere er zelf ook onder geleden of kent die minstens één persoon in haar of zijn omgeving die het meegemaakt heeft.

Daarom vind ik dat er nooit genoeg over narcisme kan gedeeld, geïnformeerd of gepraat kan worden.


Teveel?

Narcisme. Mensen zeggen dat het woord tegenwoordig veel te vaak gebruikt wordt.

Ik zeg net dat het veel te weinig gebruikt wordt. Het is te zeggen: te weinig op de juiste manier.

Want narcisme is niet zomaar een verzamelnaam voor mensen met een groot ego en een grote mond.

Echt narcistisch gedrag verwoest levens.

En ja, men gebruikt het teveel als synoniem voor een rotzak, bedrieger of leugenaar.

Maar men gebruikt het te weinig om psychisch geweld te benoemen in interpersoonlijke relaties.

Geweld dat vergoelijkt wordt door “een kort lontje”, opvliegend karakter, alcoholisme, een slechte dag hebben, trauma, een slechte jeugd…

In mijn ogen geeft dat iemand NOOIT het rechtom iemand anders te misbruiken, psychisch of fysiek.

En toch is dat net wat narcistische personen doen. Zonder schuldgevoelens. Zonder tot verantwoording geroepen te worden.

Ze gebruiken manipulatie en intimidatie, vernedering en gaslighting om mensen in hun greep te houden.

En de gevaarlijkste zijn degenen die dat allemaal doen onder de sluier van gedienstigheid, nederigheid en ogenschijnlijk altruïsme.

Want zij zorgen ervoor dat je als slachtoffer niet geloofd wordt als je er eindelijk mee naar buiten durft te komen. Want de buitenwereld kan dan niet geloven dat zulke mensen in staat zijn tot zulke gruwelijkheden achter gesloten deuren.


Hoe kom je nu vast te zitten in zo’n relatie?

Het begint heel subtiel. Als de narcistische persoon van in het begin zijn kleuren laat zien, zou je er natuurlijk nooit iets mee beginnen. En nochtans is dat wat mij ook overkomen is. Ik zat al in de ban door het subtiele aantrekkingsspel van 15 jaar eerder. Het begon niet met de eerste chats. Het “lovebomben” begon al veel vroeger.

Het lijkt als een vloek uit de sprookjes. Je beseft niet dat je er onder zit, en één keer je het wel ziet, zie je er geen uitweg uit.

Fase 1 Love bombing

Fase 2 Vernederen

Fase 3 Negeren

Fase 4 Hoovering

Dit herhaalt zich de hele relatie. Telkens opnieuw.

Narcistisch misbruik uit zich vooral in psychisch geweld, maar veel narcistische personen schuwen ook niet voor fysiek geweld.

En zelfs dat laat je als slachtoffer gebeuren omdat het er zo geleidelijk in sluipt. Het verhaal van de kikker in de kookpot.

En dat betekent niet dat je zwak bent of was. Ik zei vroeger ook dat ik dat nooit zou laten gebeuren. Ze kiezen er juist vaak de sterksten uit omdat ze dan meer voldoening hebben in hen te breken of zien lijden. Dan voelen zij zich beter en sterker. Zij halen hun identiteit uit anderen.

Het heeft mij 10 jaar gekost voor ik eindelijk de knoop durfde doorhakken. En ik was echt geen zwak naïef wicht.

Ik wist met wat voor man ik getrouwd was. Ik wist het zelfs voor ik met hem trouwde.


Waarom bleef ik dan?

Liefde, of gevoelens die je houdt voor liefde, hoop, dromen, vertrouwen…

in combinatie met

  • een laag zelfbeeld,
  • geloven dat je niet beter verdient,
  • dat je blij moet zijn met de kruimels die je krijgt,
  • het idee dat een normale relatie er zo uit hoort te zien, dat de ups en downs zo horen te zijn,
  • dat je liefde moet verdienen,
  • dat je je ervoor moet wegcijferen,
  • dat je je eigen verlangens niet voorop mag stellen of zelfs uitspreken,
  • dat je je woorden moet inslikken om de lieve vrede te bewaren…

in combinatie met angst: financieel, voor reacties, kinderen kwijtraken

in combinatie met lichamelijke redenen:

  • een letterlijke verslaving door hormonen
    • daarom ook belangrijk om af te kicken, blokkeren
    • elk nieuw contact geeft opnieuw een opstoot van hormonen
  • in een freeze zitten, machteloosheid
  • in overlevingsstand staan

En daarnaast heb je dan je eigen sabotage mechanismen:

  • Hoop, je liegt tegen jezelf
  • Redder complex

En tenslotte: de grootste instinker: ze vertonen “maar” 80% van de tijd dit negatieve gedrag. Die andere 20% gebruiken ze om jouw hoop levend te houden en je het idee te geven dat ze toch niet helemaal slecht zijn.

Als mensen dit tegen me zeggen, reageer ik altijd zo:

  1. Hoeveel % misbruik is aanvaardbaar??
  2. Mensen denken vaak dat hun “echte karakter” de goeie momenten zijn en dat het hun evil twin is die op de slechte momenten naar boven komt. Naar mijn mening is juist die evil twin hun echte karakter, en spelen ze gewoon toneel op de goeie momenten.

HOE GERAAK JE ER NU UIT?

Toen ik na 8 jaar eindelijk besefte waar ik mee te maken had, hebben verhalen en getuigenissen van lotgenoten me geholpen om eindelijk 2 jaar later de knoop door te hakken.

Zo lang duurde het eer ik 3 dingen kon en wilde aanvaarden die noodzakelijk zijn:

  1. Dat het geen losstaande feiten waren, maar een gedragspatroon
  2. Dat het patroon een gekend fenomeen was en narcisme heet
  3. Dat dit ook als gevolg had dat er nooit iets zou veranderen

Daarom heb ik ook dit een boek geschreven over mijn ervaringen, zodat mensen zich er in kunnen herkennen en zo het eerste zaadje zaaien dat ze nodig hebben.

Maar vooral ook voor hun omgeving. Want deze kunnen vaak niet begrijpen waarom iemand zo lang in zo’n relatie blijft zitten, of dat het allemaal zo erg niet kan zijn.

Tenslotte, als je niet elke dag bont en blauw rondloopt, kan het toch zo erg niet zijn?

En dat ongeloof uit zich soms in secundair trauma zoals verwijten maken, schuldgevoel aanpraten, vinden dat het slachtoffer overdrijft…


Disclaimer: het boek is gebaseerd op mijn ervaringen, maar niet alles is letterlijk gebeurd zoals beschreven . Het is niet bedoeld om iemand aan te klagen. Het is geschreven vanuit puur therapeutisch oogpunt voor hen die zich hierin kunnen herkennen en daardoor ook durven kiezen voor zichzelf.

Wil je erover praten? Check dan even mijn website.


📅 Welkom op de boekvoorstelling op zaterdag 18 april om 14u in Zaal “Vivaldi” van het GC De Maere in Tielt-Winge

59 | Soms is een knuffel alles wat je nodig hebt

Afgelopen zondag stond ik voor de laatste keer op een spirituele beurs.

De laatste keer?

Nu ja, dat was toch mijn gevoel op zaterdagavond. Het was een beurs van een heel weekend, en zaterdag leek het alsof er gewoon geen bezoekers waren. Ik veronderstel dat iedereen in z’n tuintje in het zonnetje zat, en dat kan ik ze zeker niet kwalijk nemen 🙂

Nu is mijn missie sowieso geen gemakkelijke om “mee uit te pakken” op spirituele beurzen. Ik vermoed dat de gemiddelde bezoeker van zo’n beurs ofwel op zoek is naar een hogere zin van het leven of hun lijden, ofwel gewoon op zoek naar een gezellige namiddag met feel-good gesprekken.

Ik kan hen geen van beiden aanbieden. Integendeel, ik bied hen een spiegel en een pijnlijk pad naar genezing aan. Want voor het beter wordt, zal het altijd eerst pijnlijker worden. Zo gaat dat nu eenmaal meestal met genezing.

Je moet eerst je wonden onder ogen zien en verzorgen. En soms betekent dit dat je die wonden eerst moet uitspoelen met een pijnlijk ontsmettingsmiddel.

Dat is een metafoor, natuurlijk, maar je ziet mijn punt vast wel.

Niemand staat daar voor te springen. En op zo’n spirituele beurs worden mensen soms overvallen door mijn aanwezigheid. Want ze worden plots geconfronteerd met wat ze al heel lang verdrongen hebben.

Het zal niet de eerste keer zijn dat iemand prompt in tranen uitbarst bij het lezen van mijn pamflet. En dat is een goed ding, echt wel. Het betekent dat die persoon klaar is om er iets mee te gaan doen.

Geen onmiddellijke antwoorden

Maar soms is het nog te vroeg. Spreken ze me even in tranen aan en zeggen ze dat ze nog even de beurs gaan bekijken en later zullen terugkomen. Vaak doen ze dat niet. En dat is ook okee. Het juiste moment komt nog wel voor hen.

Maar goed, zaterdag waren er heel weinig bezoekers en ik heb me vijf uur rot verveeld 🙈

Zondag werd gelukkig wel een dag met veel bezoekers, maar mijn standje stond tussen allerlei helderzienden, handlezers, auralezers… mensen die bezoekers allemaal een instant antwoord op hun vragen kunnen bezorgen. Het is moeilijk om daar mee te concurreren 🙂

Want ik heb geen onmiddellijke antwoorden. En dan voel ik me soms een beetje nutteloos en rusteloos. Begin ik te twijfelen of ik het soort mensen dat naar spirituele beurzen komt, eigenlijk wel iets te bieden heb.

Maar ik mag misschien geen helderziende zijn, ik heb wel de gave van intuïtief coachen en mag prat gaan op mijn expertise, ervaring van 10 jaar in een narcistische relatie en opleiding als Psychologisch Consulent.

Toch sloop er ergens in de vroege namiddag de twijfel weer in. En zette ik op mijn facebook pagina dat het de laatste beurs zou zijn.

Zien, geloven en aanvaarden

Tot er twee mooie mensen aan mijn tafeltje kwamen zitten. Niet samen, na elkaar. Twee heel verschillende mensen met elk hun eigen pijnlijke levensverhaal.

Ik heb hen geen kant-en-klare antwoorden gegeven.
Ik heb hen stof tot nadenken gegeven.

Inzichten laten groeien.
Geluisterd.
Hen gezien en gehoord.

En dat is vooral waar slachtoffers van narcistisch misbruik zo naar snakken.
Gewoon gezien en gehoord worden.
Zichzelf niet moeten verontschuldigen.
Zich niet moeten schamen.

De tweede persoon, een dame, gaf aan dat ze me op de lijst had zien staan en speciaal voor mij naar de beurs was gekomen. Ze zat vol vragen en zocht naar antwoorden.

Maar ik heb haar laten inzien dat ze die niet nodig had. Dat beseffen en aanvaarden dat het gaat over personen met narcisme, alle antwoorden geeft die ze nodig heeft.

  • Zien dat het gedrag een patroon is.
  • Beseffen dat dit patroon een stoornis is en aanvaarden dat het nooit zal veranderen.
  • Je losmaken van hun invloed.

Dat zijn de stappen die je nodig hebt om verder te kunnen gaan met je leven. En van daaruit alleen nog focussen op jezelf en het genezen van je wonden.

Want daar gaat het uiteindelijk om: om jou.
Alleen om jou.

En daar vloeit natuurlijk ook uit voort dat alleen jij je eigen genezingsproces in handen kan nemen. En de juiste begeleiding kan jouw proces gemakkelijker maken.

Knuffels

Dus ja… ik zit nog altijd in dubio over spirituele beurzen. Ik zie de waarde er wel van in, maar ik twijfel of het de juiste plaats is om mijn boodschap over te brengen.

Maar dan denk ik aan deze 2 mooie mensen en kan ik er geen spijt van hebben dat ik er dit weekend gestaan heb 🙂 De ontroering en dankbaarheid in hun ogen is alle bewijs dat ik nodig heb dat mijn werk nodig is.

En de knuffels 🤗. Ik zal zelden iemand anders dan mijn partner of kinderen zelf knuffelen, en zeker geen cliënt(e), maar na zo’n intens gesprek voelt het vaak aan alsof we elkaar al lang kennen en krijg ik soms een spontane knuffel.

En ja, deze introverte knuffelbeer vindt dat okee 🙂


Hoe kan ik jou helpen met bovenstaande stappen?

👉 Leren zien dat het gedrag een patroon is:

👉 Beseffen dat dit patroon een stoornis is:

  • schrijf je in voor mijn 15-weken traject RESTART

👉 Je losmaken van hun invloed:

  • schrijf je in voor mijn 18-weken traject RISE

👉 Gewoon gezien en gehoord worden?

58 | Braindump

In het jaar naar aanloop van de definitieve breuk, begon ik meer en meer therapeutische hulp voor mezelf te zoeken, omdat ik intussen wel door had dat er weinig zou veranderen en belangrijker: dat HIJ nooit zou veranderen.

Ik schreef me in bij meerdere korte trajecten van mijn vroegere therapeute, die nu ook online coaching deed en leerde toch wel al wat belangrijke tools om me recht te houden in de intussen schrijnende situatie waar ik me in bevond.

Eén van de technieken die ze ons aanbood, was de braindump. Die bleek zo waardevol dat ik het intussen ook volledig geïntegreerd heb in mijn eigen trajecten.

Braindump

Bij een braindump ga je rustig zitten met pen en papier en zet je een kook- (of ander) wekkertje op 15 minuten en dan ga je schrijven. Of doodelen. Of kleuren. Wat er ook maar voor jou werkt om je hoofd leeg te maken. Gedachten, ideeën, to-do-lijstjes, gevoelens, tekeningetjes… Hoe je je uitdrukt, maakt niet uit. Als het je hoofd maar leeg maakt.

Vanzelfsprekend kwam mijn toenmalige man héél veel voor in die schrijfsels. Ik zorgde er nadien altijd voor dat ik die zo discreet mogelijk liet verdwijnen, want ik wist wel wat de gevolgen zouden zijn als hij op zo’n schrijfsel zou stoten.

Meestal verscheurde ik het in duizend stukjes en zorgde ik ervoor dat het onderaan in de papierafval terechtkwam.

Waar een narcist toe in staat is

Maar op een keer gebeurde het dat het papier net opgehaald was door de gemeentelijke afvalophaling en dat de snippers dus gewoon in de papiermand lagen. Ik had ervoor gezorgd dat ik ze in zo klein mogelijke stukjes gescheurd had, maar dat kon niet baten…

In de “ruzies” (die meestal monologen van zijn kant waren en waarbij ik amper een woord uitbracht), kwam het enkele dagen later op de proppen. Hij begon zinnen te quoteren uit mijn schrijfsels. Ik stond even perplex bij de realisatie en kon geen reactie over mijn lippen krijgen.

Hij merkte het verschil in mijn reactie op en barstte uit: “Dacht je dat je dat voor mij verborgen kon houden? Je onderschat mijn kunnen! Snippers houden mij niet tegen, ik ben de beste in puzzelen!”

En met een schampere lach ging hij verder met zijn monoloog.

Ik luisterde niet meer, maar na die uitbarsting zorgde ik er voor dat ik mijn schrijfsels altijd verbrandde in plaats van ze te verscheuren.

Hoe vaak ik in die relatie ook geconfronteerd werd met waar hij toe in staat was… het kon altijd nog erger…

57 | Menselijkheid

Gisteren stond ik in tranen voor de deur van het ACV in Leuven. Aan de ene kant omwille van de frustratie, aan de andere kant omwille van de situatie zelf. 

Het is soms schrijnend hoe het gesteld is met onze maatschappij. En ik ben geen negatief ingesteld persoon, integendeel, ik probeer altijd het beste in alles en iedereen te zien.

Maar de afgelopen maanden ben ik tegen zoveel muren gelopen, dat ik er moedeloos van aan het worden ben.

Ik ben moeder van 3 prachtige kinderen. Stuk voor stuk fier op hen en hoe ze karaktergewijs in het leven staan. Daar zie ik mijn missie geslaagd.

Mijn intentie – bij het moeder worden – was om lieve, empatische en eerlijke kinderen te “produceren”. Nu weet je natuurlijk nooit hoe dat uitdraait, want aan de ene kant hebben ze altijd hun eigen karakter… en je kan er ook niet aan ontsnappen dat ze een deel van het karakter van hun vader kunnen geërfd hebben.

Eigenlijk had ik maar één hoofd intentie, en dat was een omgeving bieden waarin ze zichzelf konden zijn en gelukkig konden worden.

Met mijn eerste keuzes in mannen heb ik daar echter grandioos gefaald.

Maar goed, daar wil ik het nu niet over hebben. Mijn punt was dat ik 3 mooie kinderen op de wereld gezet heb, waarvoor ik alleen maar liefde en geluk wenste.

Normen en hindernissen

Maar je hebt niet in handen hoe de wereld draait en hoe de wereld hen onthaalt zodra ze niet “binnen de norm” blijken te vallen.

Mijn twee oudsten hebben ASS en ADHD. Op zich al labels die geen gemakkelijk leven geven. Daarnaast is één van hen, die alle drie geboren zijn als zonen, recent mijn dochter geworden.

En als je denkt dat ASS en ADHD geen gemakkelijk pad brengen, dan heb je nog geen idee hoe dat zit met genderveranderingen.

Vakbond

Om een lang verhaal kort te maken: als je van gender verandert, krijg je een nieuwe identiteit in de ogen van de wet. Wat op sommige vlakken complexe toestanden geeft.

Onder andere het aanpassen van je werkloosheidsdossier bij de vakbond. Nu kan ik natuurlijk niet spreken voor andere vakbonden, maar het ACV is een RAMP. 

Afgezien van alle administratieve hindernissen, gebrek aan reacties of opvolging, en incompetentie waar ik nu al 5 maanden (ja VIJF) over aan het hink-stap-springen ben, viel gisteren het menselijke aspect me zwaar.

Ik stond voor de zoveelste keer voor de deur in Leuven om een dringend document af te geven. De deur bleek gesloten. Ook niet abnormaal, want het ACV heeft geen binnenloop-mentaliteit in Leuven.

Ik belde aan. Een al onmiddellijk geïrriteerde stem antwoordde. Ik legde uit dat ik iets had om af te geven, dat voor een dossier was dat al VAN NOVEMBER aansleepte – mijn dochter heeft sindsdien al geen uitkering meer ontvangen. 

De stem antwoordde bits dat ik het in de bus moest deponeren omdat ze die dag niet open waren.

Ik wilde niemand spreken, maar ik wilde ook niet dat het opnieuw anderhalve week zou duren eer iemand de post zou open doen en de nodige actie zou ondernemen. Dus ik drong wat aan en vroeg of ik het niet gewoon mocht komen afgeven.

Nog bitser kreeg ik een hele litanie van openingsuren te horen… maar ik luisterde al niet meer. Het enige dat ik wilde uitschreeuwen, was: “Mens, ik vraag gewoon om naar de deur te komen en een brief in ontvangst te nemen voor een dringend dossier. Je bent hier, anders zou je de “parlofoon” niet beantwoorden. Kom gewoon die deur open doen.”

Maar ik zweeg.

Ontmenselijking

Wat ik op dat moment vooral voelde, was de ontmenselijking in de reactie.

Geen begrip, geen geruststelling dat mijn brief toch wel de nodige aandacht zou krijgen als ik hem gewoon in de bus dropte… Geen empathie… Alleen ergernis. 

Voor een dame die voor de deur stond in bijna pure wanhoop omdat ze het beu was om al vijf maanden tegen deuren te lopen.

Het enige dat ik nog dacht, was: “Hoort de vakbond kwetsbare mensen niet te verdedigen en te steunen?”

Maar wat me vooral raakte, was dit: wat als het mijn dochter geweest was die daar voor de deur stond?

Machteloos, geen jarenlange ervaring in administratie zoals ik…
Met haar ASS, wat het op zich al moeilijk maakt om zulke reacties te plaatsen.
Hoe zou zij zich gevoeld hebben?

Ik heb de brief in de bus gedropt en ben in tranen terug naar de auto gewandeld.

Nieuwe Aarde 

Het overvalt me tegenwoordig vaker dat ik me afvraag waar de wereld naartoe gaat. Ik volg bewegingen die het hebben over “de nieuwe aarde” en de “vijfde dimensie” die het hebben over dat er overal ter wereld mensen “wakker” worden die de wereld begeleiden naar een nieuw, hoger niveau.

Ik ken gelukkig wel zo enkele mooie, warme zielen. Die mijn geloof in de mensheid nog wel in stand houden. 

Maar op dagen zoals gisteren, zag ik het even niet meer…


PANDEMIE

Enkele jaren geleden leek het even beter te gaan met de mensheid. Het leek alsof de pandemie ons korter bij elkaar gebracht had. Er waren vele warme initiatieven om elkaar te steunen.

Maar achter gesloten deuren ging het juist veel slechter. Families vielen uit elkaar. Conflicten werden vergroot omdat er geen ontsnappen meer was voor mensen die een uitlaatklep nodig hadden. 

Zoals mijn ex. Hij bleef wel aan het werk als zorgkundige, maar hij draaide vele uren om de tekorten te helpen opvangen en raakte vaak overwerkt en gefrustreerd.

De beste

En dan kon hij niet, zoals altijd, na het werk afzakken naar het café om dat weg te drinken.

Nu was geen van beide situaties een zegen, want ik moest sowieso toch de klappen ervan incasseren.

Waar het hem wel in steunde, was zijn grandiositeit.

Mensen hemelden de zorgverleners die op de been bleven (terecht) op en hij maakte er zijn missie van om als laatste door dik en dun overeind te blijven, als bewijs dat hij – alweer – de beste was.

En dat had niets te maken met zorg voor anderen, maar alles met zijn ego.

56 | Slapeloos

Ik heb een slechte nacht achter de rug.  Zo eentje waarbij je wakker ligt tot 4u ’s ochtends en tegen dat je eindelijk goed en wel in slaap ligt, gaat de wekker 🙈

Terwijl ik zo wakker lag, probeerde ik te zoeken naar mogelijke oorzaken. Had ik te zwaar gegeten voor het slapen gaan? Te lang mijn “screwdriver” spelletje gespeeld op mijn gsm? Was het dessert te suikerrijk? Had ik niet genoeg beweging gehad? Had ik me te zeer uitgeput op mijn eerste werkdag na een week ziekte?

En toen ik vanmorgen opstond, zag ik de oorzaak op mijn kapperstafel liggen. Ik was vergeten mijn slaappilletje in te nemen.

Sinds mijn burn-out in 2014, vlak na mijn huwelijk met mijn narcistische partner, neem ik elke avond iets in om in te slapen. Ik heb altijd geweigerd om slaapmiddelen te nemen omwille van de angst voor de kans op verslaving, maar ik was toen zo uitgeput dat ik geen keuze meer had.

Mijn psychiater had me verzekerd dat het een heel lage dosering was en dat het eigenlijk geen slaapmiddel was of niets kalmerend, en dat het dus nooit verslavend zou werken.

En ja, tot op de dag van vandaag neem ik nog altijd hetzelfde kwartje van dezelfde dosering, dus hij had gelijk.

Soms, in periodes dat ik me echt goed voel en goed slaap, word ik al eens overmoedig en probeer ik het zonder dat pilletje.

Maar vannacht merkte ik weer dat dit geen goed idee is. Alhoewel ik het deze keer niet met opzet gedaan had. 🤷‍♀️  Ik had het klaargelegd op mijn tafel… en daar lag het nog altijd vanmorgen.

Ik huilde toen de psychiater me deze medicatie voorschreef. Net zoals ik huilde toen hij me de eerste keer mijn antidepressiva voorschreef. Want ik wilde niet afhankelijk zijn van een pilletje om wat levenskwaliteit te hebben.

Ik wilde het zelf overwinnen. Maar ik moest toen toegeven dat ik het niet meer alleen kon. En hij zei me dat er niets mis is met jezelf te laten ondersteunen. Hij zei: “Je draagt toch ook een bril als je niet goed meer ziet?” “Dan mag je ook psychische hulpmiddelen gebruiken.”

Intussen ben ik al lang gestopt met de antidepressiva, maar dat pilletje om in te slapen heb ik nog altijd nodig. En daar is niks mis mee.

Tijdens mijn week ziekte heb ik ook heel erg mijn rust genomen. Normaal probeer ik altijd om me eerst recht te houden met hulpmiddeltjes, maar deze keer besloot ik om direct naar mijn lichaam te luisteren en de nodige rust te nemen.

Ik heb een hele week gebinge-watched 🙈 Alle vijf seizoenen van de feelgood serie “Good Witch” in één keer bekeken. Nou ja, gespreid over een hele week, natuurlijk.

Ik schrijf in mijn volgende brief nog wel wat ik daar uit geleerd heb, maar voor deze wil ik nog even meegeven dat ik ook eens ga bekijken welke natuurlijke middeltjes mij kunnen helpen met inslapen.

Ik heb al melatonine geprobeerd, maar dat heeft niet genoeg effect. Misschien moet ik eens bekijken welk het werkend bestanddeel van mijn medicatie is en hoe ik dat in de natuur kan vinden.

Als jij hier tips voor hebt, mag je me gerust iets laten weten 😊


Het is nooit verkeerd om je te laten ondersteunen, vergeet dat niet.

Daarom heb ik ook mijn jaartraject gemaakt.

Want een jaar heb je toch nodig om te herstellen van wat jou overkomen is.

Probeer het niet onder de mat te vegen. Dat heb je al genoeg moeten doen in je relatie.

Luister ook niet naar mensen die je zeggen dat je “het achter je moet laten”.  Je kan het verstoppen, maar als je het niet aanpakt, blijft het er zitten en zal het naar boven komen op jouw moeilijkste momenten.

Het is waar dat je naar de toekomst moet kijken. Maar daarvoor moet je eerst durven kijken in de rugzak die je meedraagt en één voor één de stenen er uit halen.

Anders blijf je hem de rest van je leven meedragen.

Er zijn geen snelle oplossingen. Ik wou dat ik je daar een pilletje voor kon laten voorschrijven. Maar je moet er nu eenmaal door.

Het goeie nieuws is dat je het niet alleen hoeft te doen. En je hoeft me de vreselijke dingen die je overkomen zijn niet eens te vertellen.

Want ik weet het. Zonder woorden.


Wil je meer weten over het Kintsugi jaartraject?

👉 Klik dan hier.

55 |  Muziek en de missie

Ik zit momenteel in een rustfase. Dat betekent mezelf terugtrekken, me wat afzonderen van het dagelijkse leven. 

Tegelijk betekent dat ook liggende taken en to-do lijsten laten liggen, wat al veel moeilijker is voor mijn hoge verantwoordelijkheidsgevoel. Maar ik moet het leren loslaten. Mijn hoofd heeft rust nodig.

Wat hierbij helpt, kan contradictorisch klinken, maar dat is: muziek. Luisteren naar muziek. Okee, dan kun je misschien zeggen: dan vul je je hoofd toch gewoon met iets anders? En ja, dat is ook zo. Maar het stopt je hoofd wel met altijd nadenken en malen over alles. 

Stilte is nog moeilijk, dat geef ik toe. Maar ik ben al lang blij als ik de cyclus van rond spinnende gedachten kan stoppen.

Aan de andere kant helpt het me ook te focussen. Naar muziek luisteren doet het ronddraaien van gedachten stoppen en de focus in één richting brengen.

Je zou denken dat dan vooral rustige, meditatieve muziek hierbij kan helpen, maar dat klopt niet. Toch niet voor mij, althans. Zolang ik de muziek maar mooi vind, werkt alles. Van het engelachtige gezang van Mei-Lan tot Linkin Park of Rammstein.

Muziek helpt me ook bij een hele variëteit van bezigheden: van strijken en koken tot bloggen en taken die veel concentratie vragen zoals structureel werken aan mijn website.

Aan mijn behoefte om dingen te doen met muziek, kan ik ook voelen hoe het gesteld is met mijn behoefte aan rust. De laatste weken werd dat steeds meer en pas na een tijdje besefte ik dat het tijd is om een stap terug te zetten. Van alles.

Van mijn huishouden, dingen die ik moet regelen voor de kids, mijn job in loondienst… en uiteindelijk ook mijn missie.

Die stap terugzetten is noodzakelijk om opnieuw zicht te krijgen op waar ik mee bezig ben en waar ik mijn prioriteiten wil leggen.

Meestal dringen prioriteiten zich op. Bepaalt een tijdlijn welke taken je eerst moet doen. Daar wil ik nu van af stappen. 

Okee, er blijven altijd dingen die dringend(er) zijn, zoals de taart bestellen voor de verjaardag van de kids. Maar andere dingen zoals mijn strijk gaan niet lopen (helaas). En ja, dat heeft dan tot gevolg dat ik soms in de mand met propere kledij even moet graven om die bepaalde broek voor mijn oudste te vinden, of dat ik haar naar de wasdraad stuur om die broek er zelf af te halen. Was heeft prioriteit, strijk niet.

Dit zijn nu huishoudelijke dingen die ik als voorbeeld geef, maar je begrijpt me wel.

Sommige prioriteiten dringen zich op, andere kan je best voor een tijdje naast je neerleggen.

Dat is heel moeilijk, want die blijven natuurlijk een eigen leven leiden in je hoofd. En daar helpt muziek dus bij, om die stemmen tot zwijgen te brengen.

De fout die veel mensen maken, is denken dat scrollen op sociale media die stemmen ook tot zwijgen brengt. Maar je vult je hoofd dan met veel meer prikkels en dat helpt echt niet.

Slachtoffers van narcistisch misbruik worden vaak geplaagd door flashbacks. Herinneringen die keer op keer in je hoofd afgespeeld worden en waarbij je hoofd soms probeert scenario’s te bedenken om dingen anders te laten aflopen, ofwel gewoon pijnlijke herinneringen opnieuw oprakelt. 

Waarom gebeurt dat? Waarom doen we onszelf hiermee pijn? Wel, ten eerste is er natuurlijk die trauma band, maar ook is er het ongeloof waar we mee worstelen. Twijfels die boven komen. Was het echt zo erg? Hebben we het zelf niet “gedramatiseerd”? Hebben we het eigenlijk niet zelf uitgelokt en is het daarom te vergoelijken hoe hij ons behandelde? Verdienden we het niet?

Daarnaast kunnen we soms ook zelf moeilijk geloven wat ons overkomen is. Hoe kan iemand echt zo slecht zijn, vragen we ons dan af. Wat bezielt hen om ons zo te behandelen? 

Als we uit de relatie zijn, mist ons lichaam ook plots die afwisselende hormonen en gaan we denken dat we hem of haar missen. Een leven zonder alle drama lijkt saai en we gaan soms het drama opnieuw opzoeken of uitlokken. 

Daarom gaan mensen vaak in de weerstand als ik hen aanraad om helemaal “no contact” te gaan. Ze denken dat ze “gerust” zijn als de narcistische persoon hen met rust laat, maar ze beseffen niet dat hun lichaam constant in waakzaamheid blijft zolang er een kanaal open blijft staan waarop er plots een bericht weer een heel drama kan geven.

Ze beseffen niet dat ze hiermee ook eigenlijk zelf blijven hopen op dat drama. Niet bewust, natuurlijk. Maar de trauma band met die lichamelijke verslaving aan de afwisselende hormonen wil de band in stand houden.

Je kan hen dat natuurlijk niet kwalijk nemen. Een verslaving is heel moeilijk om te overkomen en vraagt vaak harde beslissingen. Op dat vlak stap ik meestal voorbij mijn zachte aanpak en ben ik streng naar mijn cliënten toe. Ik verplicht hen natuurlijk tot niets, maar ik laat duidelijk blijken dat zolang zij die stap niet zetten, ze niet verder kunnen met hun genezing.

Als we dan in de discussie komen over gedeeld ouderschap, raad ik hen aan om 1 kanaal open te houden: een apart, speciaal hiervoor aangemaakt emailadres. Dat je alleen opent als je je er mentaal op hebt voorbereid. Maar dat je niet onverwacht kan overvallen met berichten dus en dus hoeft je systeem niet meer in constante waakzaamheid te blijven vastzitten.

Dat zijn allemaal logische adviezen, maar als je vast zit in zo’n cyclus, is het soms moeilijk om dingen objectief te bekijken. 

En daarom ben ik er dan, om hen te helpen. Want mensen zien het vaak niet als ze er in zitten.

Hetzelfde gevoel heb ik als ik naar verhalen van mensen luister waarin – voor mij – het narcisme in hun relatie duidelijk aanwezig is. En het verwondert me dan soms nog hoe zij het niet zien, en hoe hoognodig het is dat mensen geïnformeerd worden over narcisme.

Natuurlijk heb ik ook ooit op dat punt gezeten als ik eerlijk ben. Iedereen kent het begrip narcist, maar wat het echt inhoudt, daar hebben ze vaak geen idee van.

Ze kunnen soms het schadelijk gedrag wel vastpakken en beschrijven en toch niet beseffen dat ze met narcistisch gedrag te maken hebben. 

Als er ooit momenten zijn dat ik twijfel of ik nog verder wil gaan met mijn missie, hoef ik maar zulke getuigenissen te lezen om te weten dat het nog zo hard nodig is dat mensen leren over narcisme.

En vooral dat ze, als ze beseffen dat het narcisme is, hier ook een aantal harde conclusies bij moeten trekken.

Onlangs las ik weer een vrouw die dergelijk gedrag beschreef bij haar partner, en ze stelde de groep (vrouwelijke ondernemers) volgende vragen:

  • is dit gedrag normaal of oké in een relatie?
  • Herkent iemand dit soort controle of wantrouwen van een partner?
  • Hoe zijn jullie hiermee omgegaan?

En dan moet ik even diep ademhalen. Want ik voel zo erg haar pijn. En ik voel me machteloos. Want ze zit duidelijk nog in een fase van ontkenning.

Het gedrag dat ze beschreef was helemààl niet “normaal of oké”. En dat zal ze ook al wel beseffen.

Bij de vraag naar gelijkaardige verhalen is ze al op zoek naar lotgenoten. Om te horen dat ze niet gek is en dat ze de dingen wel ziet hoe ze zijn.

Maar het meest verscheurend voor mij is de laatste vraag: hoe zijn jullie hiermee omgegaan? 

Hoe maak je iemand in die fase duidelijk dat het nooit zal veranderen? Ze zoekt nu naar advies hoe ze deze situatie kan “oplossen”.

Een relatie met een narcistische persoon – en ik heb het over alle vormen van relatie: ouder, collega, vriend(in), partner – kan niet “opgelost” worden.

Je kan technieken leren om jezelf er in overeind te houden, ja. Maar het zal niets veranderen aan hun gedrag. Het zal niets veranderen aan de pijn die jij dagelijks voelt. Je kan je leren afschermen, maar dan ga je meestal jezelf afsluiten. En je zal er zeker nooit in gelukkig worden.

Nu weet ik dat veel mensen in zo’n relatie zich al op één of andere manier hebben neergelegd bij de situatie. Dat ze denken dat ze het niet verdienen om gelukkig te zijn. 

Of gewoon geen idee hebben hoe het voelt om gelukkig te zijn. Meestal omdat ze het nog nooit in hun hele leven hebben ervaren. En je kan niets missen dat je nooit hebt gehad. Of je denkt dat je “af en toe opgelucht voelen” al genoeg is. Dat je niet meer nodig hebt.

Dat is zo hartverscheurend. Want stuk voor stuk zijn het prachtige mensen die geluk verdienen. 

Dus… ook al functioneer ik momenteel op een lager pitje… mijn missie blijft duidelijk. Er is nog veel werk aan de winkel om de wereld bewust te maken van het bestaan en de effecten van narcisme en narcistisch misbruik. 

Daarom ga ik dieper naar binnen, in mezelf. En schrijf ik weer zoals in het begin. 

Mijn blogs en mijn Narc Talks, daar is het allemaal mee begonnen. En daar ga ik zeker mee verder.

Ik neem ook even deze gelegenheid om mijn nieuwste boek voor te stellen: De illusie doorbroken. Dit is een samenbundeling van mijn eerste 52 blogs, voor mensen die liever lezen in een fysiek boek of gewoon even kunnen stoppen met lezen en het later weer oppikken.

Mediums zoals deze blog maken het soms moeilijker om ernaar terug te keren, omdat je intussen al naar een andere website bent gegaan en eigenlijk vergeten was dat je mijn blogs aan het lezen was. 

Vaak heb je wel het voornemen om nog meer te lezen op een later moment, maar ja… we weten allemaal hoe dat gaat.

Een boek in fysieke vorm of als e-book maakt het gemakkelijker om dat voornemen te volbrengen.

👉 Je kan beide hier kopen.

Je ondersteunt hiermee mijn missie ook dus ik ben je alvast heel erg dankbaar.

Verspreid mee het woord, lieve lezer. 

Dankjewel.

54 |  Over zelfbescherming: hoe je leert ademen in toxische relaties

Onlangs kreeg ik de vraag hoe je best kan omgaan met (schoon)ouders die over je grenzen gaan. Ik adviseerde haar wat ik altijd aan mijn cliënten zeg als het gaat over omgaan met narcistische personen, of dat nu je (schoon)ouders, je man/vrouw of een baas of collega gaat, en dat is het volgende: neem afstand, ga niet in conflict of zelfs niet in interactie. Negeer of blokkeer.

“Ja, dat is niet zo handig als het om mijn moeder gaat die ongevraagd in de tuin staat”, antwoordde ze. Het werd even stil en ik kon horen hoe ze haar adem inhield.

Onwillekeurig hou ik dan ook even mijn adem in. Want ik voel wat ze bedoelt. De beklemming die zich vastzet op je hart, je longen, je hele borstkas. En dan word ik ook even terug naar het verleden gekatapulteerd. Hoe vaak ik stopte met ademen als ik bij mijn therapeute op de stoel zat. Hoe zij dan even diep in en uit ademde. En hoe ik dat automatisch mee deed. En daarmee weer kon ontspannen en uit de blokkering komen.

Want je kan als therapeute je eigen zenuwstelsel gebruiken om dat van je cliënt te helpen co-reguleren. Een simpele maar zo effectieve methode. Mensen beseffen niet dat je het doet en dat is ook niet nodig. Wat het belangrijkste is, is dat het werkt.

Zelfs online. Ook achter je computerscherm kan je perfect zien en horen wat er bij je cliënte gebeurt. Voor mensen die het niet gewoon zijn, kan dat even een aanpassing vragen. Maar onderschat de kracht van online niet.

Ik heb zelf geen praktijkruimte. Ik weet dat dit soms cliënten tegen houdt omdat ze denken dat online niets uithaalt of hetzelfde effect niet kan hebben. Maar ik weet ook dat het vaak niet evident is voor vrouwen die pas uit een narcistische relatie zijn (of erger: er nog in zitten) om zich te verplaatsen. 

Vaak hebben ze al zoveel om handen om hun leven opnieuw op de rails te krijgen, kost een verplaatsing ook nog extra geld en tijd, en jaagt het hen angst aan om op zoek te moeten gaan naar een onbekende en onvertrouwde locatie, dat het echt wel een onoverkomelijke hindernis kan lijken. 

Daarom bied ik hen begeleiding aan in het comfort en de veiligheid van hun eigen huis. Vrouwen die nog in een relatie zitten met een narcistische partner moeten ook geen excuses verzinnen waar ze waren op dat bepaalde moment. 

Dus ja, online heeft toch veel voordelen, vind ik zelf. 

Maar goed, we ademden dus samen even enkele keren in en uit en ik vroeg of ze al geprobeerd had om gewoon haar moeder te negeren. Ik zag een verschrikte blik op haar gezicht komen. “Dat kan ik toch niet doen?”

Een narcistische partner is heel erg om mee om te moeten gaan, omdat je er dag in, dag uit mee moet samenleven. Maar eens je er in slaagt om die uit huis te krijgen, zijn er veel hulpmiddelen om hun invloed zo veel mogelijk uit je leven te bannen. 

Maar een narcistische ouder is een andere zaak. Het is al heel moeilijk om van je loyaliteit naar een partner af te geraken, maar een ouder… dat is een veel hardere noot om te kraken. 

Want ja, die heeft jou je leven gegeven, juist? Dus moet je daar je hele leven dankbaar voor zijn. Mag je hen niet uit je leven weren, mag je hen niet negeren, tegenspreken, ongehoorzaam zijn… Juist? 

Wel, als kind heb je geen keuze. Je hangt nu eenmaal van hen af voor je overleving. Als zij je geen eten of onderdak geven als jij ongehoorzaam bent, ga je dood. Zo simpel is dat. En zo ontstaan dus overlevingsmechanismen.

Maar eenmaal je volwassen bent, en je jezelf in leven kan houden, hoef je het niet meer te pikken als ze zich onmenselijk gedragen. Als ze je de hele tijd ondermijnen, uitlachen, vernederen,… gewoon je slecht over jezelf laten voelen.

Dan mag je ze best mijden, negeren of blokkeren. Maar mensen vinden dat vaak heel onoverkomelijk. Blijkbaar is biologische procreatie reden genoeg om misbruik te moeten tolereren. 

Denk hier eens aan: het gaat om één sexuele daad tussen jouw ouders die een biologische reactie als gevolg had. Ja, het resultaat ben jij. Maar “verdienen” jouw ouder(s) dan ook die loyaliteit als zij zich niet als een mature ouder gedragen hebben? Jou niet in jouw psychische noden voorzien hebben?   

Ja, ze hebben je eten gegeven. Ja, ze hebben je onderdak gegeven. (In het beste geval) Maar waren ze er voor jou als je verdriet had? Zàgen ze het überhaupt dat je verdriet had? Gaven ze je knuffels? Moedigden ze je aan? Hadden ze respect voor jouw grenzen? Luisterden ze naar jou of snoerden ze je de mond als je je mening probeerde te geven? Vooral als die mening niet met de hunne overeenkwam?

Loyaliteit moet je verdienen, vind ik. Zelfs als het je ouders zijn. Maar we zijn vaak grootgebracht met de overtuiging dat we hen die verschuldigd zijn, ook als ze die niet verdiend hebben. En daar wringt het schoentje dus.

Dus ja, die verschrikte blik krijg ik wel vaker te zien. Maar we zijn volwassen nu. Onze partner of onze ouder verdient die loyaliteit niet als ze ons slecht behandelen of behandeld hebben.

Wat ons dan te doen staat, is onze grenzen bewaken

Mensen hebben echter vaak een verkeerd beeld over wat dat juist inhoudt, grenzen stellen. Ze denken dat het betekent dat je specifiek en luidop moet zeggen: “dit wil ik niet (meer)”, of “stop ermee” of iets dergelijks.

Maar dan heb ik slecht nieuws voor je: bij een narcistische persoon kan je dat zeggen tot je blauw bent… echter gaat het niets uithalen.

Een narcistische persoon ziet dat juist als een uitdaging. Kijken hoever hij/zij kan gaan. Of net een indicatie dat dit iets is waarmee je pijn kan doen of gemanipuleerd kan worden. Het geeft een kwetsbaarheid aan. En daar maakt een narcistische persoon graag misbruik van.

Hoe ga je er dan wel best mee om?

Het advies dat ik haar gaf, was om met kleine stapjes te werken. Kleine grenzen trekken, kleine signalen geven… het storend gedrag gaan ontmoedigen. Bijvoorbeeld zelf weggaan om boodschappen te gaan doen als haar moeder zou opdagen. 

Daar voelde ze zich ook niet goed bij. “Ik moet toch niet vluchten als zij er is? Uit mijn eigen huis?”

Jezelf uit een toxische situatie halen is niet vluchten. Het is jezelf beschermen. 

Het is dezelfde reactie die ik heb als ik in een conflictsituatie zit met één van mijn kinderen, die OCD heeft. OCD is een opstandige-gedragsstoornis waarbij iemand zich afzet tegen elke vorm van gezag of dwang. Dit kan situaties geven waarbij je het gevoel hebt dat die persoon altijd het laatste woord moet hebben. Want elk weerwoord krijgt een weerwoord van hem/haar.

Mijn narcistische ex-partner had daar heel veel problemen mee, want hij wilde zelf altijd het laatste woord hebben. Hoe vaak ik ook probeerde om OCD uit te leggen, hij vond dat een kind het laatste woord niet mocht hebben en dus kregen we eindeloze discussies die altijd escaleerden.

Ik heb geleerd om in zulke discussies maximaal drie keer mijn standpunt te geven en mijn kind daarna het laatste woord te laten hebben. Gewoon omdat ik een volwassene ben en ik het laatste woord niet altijd hoef te hebben. Omdat het mijn energie niet waard is. Omdat het ook geen zin heeft. Omdat er in een discussie niet altijd een “winnaar” hoeft te zijn.

Een buitenstaander kan bij het observeren van die interacties misschien het idee hebben dat ik over mijn grenzen laat gaan op dat moment. Maar het tegendeel is waar: ik bewaak net mijn grenzen door mijn energie niet van me te laten wegnemen.

Jezelf uit een toxische situatie halen geeft een krachtig signaal. Het betekent dat je jezelf belangrijk genoeg vindt om jezelf te beschermen.

Welk advies kan ik nog geven dat mijn cliënte kan helpen in zulke situaties?

  1. een energetische grens trekken: je ogen sluiten en jezelf visualiseren in een beschermende bubbel, terwijl je affirmaties zegt zoals “Dit is mijn huis, mijn energie, mijn rust. Wat van haar is, mag bij haar blijven”
  2. een symbolische grens trekken: misschien een poortje plaatsen, een bordje met “gelieve aan te bellen”, een tuinhek dat niet zomaar meer open kan… Dat geeft een stille grens: “Dit is mijn terrein”.
  3. een neutrale respons klaar hebben indien je geconfronteerd wordt met de vraag waarom dat poortje daar plots hangt: “Ik heb nood aan meer privacy en rust in mijn tuin”, of “Ik probeer meer rust te hebben”.
  4. de vluchtreactie omvormen tot een bewuste keuze: “Als ze in de tuin is, kies ik dat moment om iets te doen voor mezelf: even wandelen, iets leuks gaan doen…”

Genezen van narcistisch misbruik begint op het moment dat je stopt met vechten om gezien te worden door iemand die dat niet kan. 

Wanneer je kiest voor je eigen rust, voor jezelf, ook al knaagt dat schuldgevoel. 

Het is eng om los te laten wat ooit vanzelfsprekend leek, maar juist daar vind je jezelf terug.



In Kintsugi, mijn traject voor vrouwen die herstellen van narcistisch misbruik, leer je hoe je je grenzen weer voelt, bewaakt en respecteert. Zodat je niet langer overleeft, maar echt leeft.

Klik hier voor meer info over Kintsugi.
Je staat er niet meer alleen voor 🤗

53 |  Waarom praten over narcisme nog altijd zo’n taboe is

Afgelopen weekend “stond” ik op de spirituele beurs in Beerse. Met andere woorden, ik had een standje met twee banners, mijn journals, flyers en visitekaartjes. Met hoge verwachtingen en ook een beetje met de angst dat er niemand langs zou komen. 

Ha, ik zal je niet op je honger laten zitten, dus ik ga heel eerlijk zeggen dat ik welgeteld één consult had en één journal verkocht heb.

Eerst even toelichten wat een “consult” is, als je niet vertrouwd bent met (spirituele) beurzen. Een consult is een gesprek met degene die haar/zijn diensten aanbiedt. Dat gaat over tarotlezingen, accupunctuursessies, een energetische behandeling, een aura lezing… 

Wat deed ik daar dan, vraag je? Ik bood er ook een consult aan en de kans om mijn journal aan verminderde prijs te kopen. Mijn consults zagen er een beetje anders uit dan een gewone afspraak bij mij. Om mensen een richting te geven in wat ze nodig hadden op dat moment, om om te gaan met de toxische situatie waar ze in zaten, trok ik een orakelkaart voor hen en liet ik hen zelf een steentje trekken.

Met behulp van deze twee hulpmiddelen kon ik dan een gesprek aangaan en het ijs breken. Nu, dat was de bedoeling en dat is heel goed gegaan bij één gesprek dus. 

Het probleem is dat er nog altijd zo’n taboe rust op het onderwerp “narcisme”. Daarom was dat ook het onderwerp van de lezing die ik op beide dagen gaf. Ook met slechts drie tot vijf mensen in de zaal.

Had ik dat verwacht? Zeker. Had ik gehoopt op meer? Natuurlijk. Ben ik nu erg teleurgesteld? 

Nee. Zeker niet.

Mijn missie is geen gemakkelijke. Bewustwording over narcisme gaat heel langzaam. Bovendien waren veel mensen op de beurs als koppel daar. Ik merkte soms een blik naar mijn banner, die dan snel afgewend werd. Dat herken ik. Ik was ook zo. Ik zou in hun situatie ook heel snel een andere kant opgekeken hebben, bang dat hij mijn blik zou gevolgd hebben.

Ik zag ook veel blikken die ontkenning uitstraalden. En dat begrijp ik ook. De confrontatie is niet gemakkelijk. Het besef dat je in zo’n situatie zit, wuif je graag snel weg. Want het zien betekent dat je er iets aan zal moeten doen. Want dan besef je dat je zo niet je hele leven meer wil leven.

Natuurlijk kwamen er ook heel veel mensen voorbij die het geluk hebben er nog nooit mee in aanraking gekomen te zijn. Alhoewel het tegenwoordig al moeilijk is om een leven te leiden zonder dat er nooit ergens een narcistische persoon op je pad gekomen is. Maar sommigen ontsnappen aan hun invloed. Misschien omdat ze niet interessant genoeg zijn, maar ook vaak omdat ze zelf hun helingswerk al gedaan hebben en de narcist bij hen niets (meer) kan komen halen.

Maar er waren ook best veel mensen die een flyer mee namen voor iemand die ze kenden. Iemand die in hun ogen hulp nodig had. En dat deed nog wel deugd. Deze mensen kwamen een praatje maken en moedigden me aan. Ze vonden dat het zo waardevol is wat ik doe. En ze hoopten dat mijn kaartje of flyer hun naaste, collega, vriendin, broer of zus… kon aansporen om hulp aan te nemen.

Dus bij vele mensen die mijn standje voorbij wandelden, is het zaadje gezaaid. De acht mensen die naar mijn lezing zijn komen luisteren, voelden zich gesterkt. Het besef dat je niet alleen bent, is al een belangrijke stap in je genezingsproces.

Ik heb zelf ook veel geleerd op de beurs. Vooral praktische dingen dan. Ik heb op beide dagen, zaterdag en zondag, een lezing gegeven. Bij de eerste was ik vergeten mijn journal aan te prijzen en heb ik eigenlijk niet verteld wat ik op deze beurs kwam doen. 

Om mensen te kunnen bereiken en helpen, is het ook belangrijk dat ze weten waar ze mij kunnen vinden. Ik kan hen dat vertellen in mijn nieuwsbrief. Maar ik vergat zo het emailadres te vragen van de ene persoon die voor een consult bij me kwam. De bedoeling was dat ik haar de uitleg van haar steentje zou nasturen. Maar ja, zonder emailadres… 

Voor ik naar de beurs vertrok, was ik wat bezorgd over de invloed van zoveel mensen in één zaal, vooral op mijn energie. Meestal kan ik niet lang in een grote groep mensen zijn zonder dat ik regelmatig een pauze nodig heb. Ik raak snel overprikkeld. Sociale interacties vragen vaak veel van me.

Maar ik was aan het einde van deze twee dagen verwonderd over hoe rustig ik me voelde. Het praten met mensen ging vanzelf, ik voelde op geen enkel moment dat iemand energie bij me kwam weghalen.  Integendeel. Elk contact voelde warm aan (op 1 of 2 uitzonderingen) en ik voelde bijna bij niemand negatieve energie. 

En dat vind ik toch wel heel bijzonder. 150 bezoekers en toch allemaal aangename energie. 

Mijn collega-standhouders waren ook allemaal super lief. Er ontsponnen interessante en diepe gesprekken. Geen koetjes en kalfjes. Allemaal bemoedigend. Allemaal elkaar succes wensend. Iedereen gunde elkaar een succesvolle dag. Echt mooi.

Wat ik leerde in verband met mijn missie: 

Ten eerste is het echt nodig dat de kennis over narcisme verspreid wordt. Mensen weten vaak niet dat wat hen overkomen is, valt onder de noemer narcisme. En dat houdt dan in dat hun partner of andere naaste, nooit zal veranderen. Maar het houdt ook in dat het niet allemaal hun schuld is (geweest). 

En het is echt ZO belangrijk om te beseffen dat de hel die je meegemaakt hebt, echt wel een naam heeft. Dat het een fenomeen is. Een gedragspatroon. Dat je niet zomaar “een slechte relatie” had. Dat je daar je hart en ziel in kan gieten tot je erbij neervalt, en dat dat nooit iets zal veranderen.

Ten tweede blijkt er toch een cultureel verschil te zijn tussen hoe Vlamingen en Nederlanders hiermee omgaan. En hoe ze erover praten. Op mijn banner had ik – eerder omfloerst – geschreven: “Heb je het gevoel dat je jezelf kwijt bent geraakt na een moeilijke relatie”. En dat past goed bij de Vlaamse natuur om niet te snel een “etiket” te durven plakken op het gedrag van narcistische personen. Vlamingen vegen graag dingen onder de mat. Als je er niet over praat, is het geen probleem. Bijzonder ergerlijk vind ik dit persoonlijk. 

Daarnaast is er ook een tendens om mensen te ontmoedigen om het woord “narcisme” te gebruiken. Ik vraag me eigenlijk af wie daar ooit mee begonnen is. Ik begrijp dat je het etiket er niet te snel op mag plakken, maar zo ontmoedig je mensen nog meer om te durven getuigen over hun ervaringen. 

En ja, ik weet best dat het ook als scheldwoord gebruikt wordt, net zoals men (en zeker de jeugd) tegenwoordig ook graag rigide mensen een “autist” noemt.

Maar mijn Nederlandse collega-standhouder moedigde me aan om me echt meer op de Nederlandse “markt” te richten en daar echt wel expliciet het woord narcisme te gebruiken. In Nederland is er blijkbaar al veel meer bewustzijn en openheid over het fenomeen en staan mensen meer open om hulp hierbij te aanvaarden.

Het blijft een moeilijk onderwerp, dat is een feit.

Maar ik laat me niet ontmoedigen. Deze ervaring heeft me des te meer gemotiveerd om de boodschap uit te dragen en ervoor te zorgen dat slachtoffers van narcistische personen de juiste hulp vinden (bij mij, onder andere).

Ik denk dat ik ook mijn flyers ga aanpassen. Op de achterzijde had ik mijn jaartraject Kintsugi gepromoot. Maar ik besef nu dat dit een veel te grote stap is. 

Eerst en vooral moeten mensen mijn blog en mijn podcast vinden, zodat ze herkennen wat hen overkomen is, en zo beseffen dat er hulp mogelijk is… op het moment dat zij daar klaar voor zijn.

Kleine stapjes. Zoals in mijn traject zelf. Maar dat kunnen ze pas inzien als ze eerst heel veel voorbereidende stapjes genomen hebben. 

Mijn missie is hen te laten weten dat ik hier ben om hen bij elk van die kleine stapjes te ondersteunen.


Wil je meer weten over mijn traject? Klik dan hier.

Ben jij er klaar voor om erover te praten?
In alle veiligheid van een online 1 op 1 gesprek?
Klik dan hier om een afspraak te maken.

52 | Secundair trauma

Ik hoor vaak dat mensen aanklagen dat narcisme een hype is, dat je niet zomaar mag zeggen dat je ex een narcist is… Ervaring leert me dat degenen die zulke uitspraken doen, dikwijls zelf narcistische personen zijn, ofwel de flying monkeys van een narcist.

Een flying wat? Ja, een flying monkey. Vertaald naar het Nederlands: een vliegende aap. Vraag me niet wie er die term uitgevonden heeft, maar in het Engels klinkt het beter, dus ik gebruik de Engelse term, want de betekenis komt niet zo over in het Nederlands.

Taalkunde terzijde, wat is een flying monkey juist? Een flying monkey is eigenlijk gewoon een helper van een narcist, vaak zonder dat ze dat zelf doorhebben. Zo zou je het kunnen zeggen:

“Een ‘flying monkey’ is iemand die door een narcist wordt ingezet om hun werk voor hen te doen. Dat kan zijn: informatie over jou doorgeven, druk op je zetten, of jou proberen te overtuigen dat de narcist gelijk heeft. Vaak denkt die persoon dat ze gewoon helpen of bemiddelen, maar eigenlijk spelen ze het spel van de narcist mee.”

Vergelijk het met de film The Wizard of Oz: de boze heks stuurt vliegende aapjes op pad om haar vuile werk te doen. In het echte leven zijn dat vaak vrienden, familieleden of collega’s die onbewust boodschappen van de narcist doorgeven of jou proberen te manipuleren.

Als ik zo over deze term nadenk, ben ik me er bewust van dat ik zelf een flying monkey geweest ben, als zijn partner. Zo probeerde ik zijn kinderen ervan te overtuigen om meer op bezoek te komen bij hun papa, terwijl ik goed genoeg wist dat dat niet gezond was voor hem. 

Waarom deed ik dat dan? Beschaamd moet ik toegeven: uit zelfbescherming. Als ze op bezoek waren, was hij lief, zorgzaam. Hij maakte grapjes. Hij was even twee dagen niet boos op me omwille van de meest gekke redenen. Tot ze weer vertrokken waren. Dan kwam de nare man weer boven, want hij kreeg nooit een duidelijk antwoord wanneer ze weer zouden komen, en dat frustreerde hem heel erg.

Dus ja, het was fijner voor mij als ze regelmatig kwamen. Dus toen hij op een keer voor de zoveelste keer in het ziekenhuis lag omdat hij een dronken ongeval had, en zijn jongste me aan de telefoon vroeg of hij gedronken had, loog ik. De eerste keer toch. Ik voelde me zo slecht over die leugen, dat ik bij de volgende gelegenheid, jaren later, toen ik de vraag opnieuw kreeg, deze keer de waarheid vertelde. Maar toen was ik er voor mezelf al uit dat ik er een einde aan moest maken, en had ik het gehad met voor hem op te komen en zijn daden te vergoelijken naar anderen.

Maar goed, daar gaat mijn blog niet over. Mensen die dus klagen dat “wij” te snel zeggen dat onze ex een narcist is, vallen dus meestal in de categorie “flying monkey”, ofwel druipt het narcistisch gedrag er zelf van af. 

Zo getuige een post die ik onlangs las in één van de facebookgroepen die ik volg. Daarin steunen we elkaar en zijn er geen vooroordelen. Meestal niet. Af en toe lijkt er wel een narcistische persoon zelf in te infiltreren. Je merkt dat meestal aan de aanvallende toon waarmee die praat en mensen in twijfel gaat trekken. Ze beseffen dat natuurlijk zelf niet – want welke narcist is nu zelfbewust – maar je haalt ze er zo uit. 

En toch geef ik ze meestal nog het voordeel van de twijfel, en reageerde ik zoals ik meestal reageer op die vraag of aantijging. Ik zeg dan: “Wat maakt het uit of de persoon een labeltje heeft gekregen van een psychiater. Als hij narcistisch gedrag vertoont en zijn medemens(en) traumatiseert, zijn de gevolgen even erg, label of niet”. De reactie was veelzeggend: “Jullie zijn zelf narcistisch, ik weet genoeg, doei!” 

Projectie en aanvallen, we kennen het allemaal goed genoeg, nietwaar?

Maar waarom is het nu zo moeilijk om echt vast te stellen of iemand “echt” narcistisch is? Wel, dat komt omdat er meerdere “soorten” zijn. En de meesten zijn dan nog een mix van soorten. De openlijke narcist is het gemakkelijkst te herkennen. Die doet alsof hij overal de beste is, de slimste, de grootste… Die zie je al van ver afkomen. Daar kan je ook het gemakkelijkst mee leren omgaan: je sluit je af, je reageert niet op hem… en niemand gaat je dat kwalijk nemen, want ze zien allemaal ook zijn narcistisch gedrag. Hetzelfde geldt voor de antagonistische narcist en de kwaadaardige narcist. Die vallen je overal openlijk aan, proberen altijd negatieve reacties uit te lokken, zijn impulsief en roekeloos…

De meer “gevaarlijke” soorten zijn de verborgen narcist en de filantropische narcist, omdat die op het eerste zicht “goeie” mensen lijken, gevoelige en empathische zielen. Maar achter de schermen vertonen ze hetzelfde gedrag als voornoemde soorten. Daarnaast manipuleren ze je ook met gaslighting (dat  is iemand bewust laten twijfelen aan zijn eigen herinneringen, gevoelens of gezond verstand om macht of controle te krijgen), vernederen ze je, lachen je uit, minimaliseren je gevoelens… Terwijl ze voor de buitenwereld de ideale partner spelen.

Als ik terugdenk aan het gedrag van mijn narcistische ex, zie ik van alle soorten wat in hem.

Toen ik hem leerde kennen, was hij een manager en vertoonde hij vooral het gedrag van een openlijke narcist. Maar in de lovebombing fase (overdonderen met liefde) toonde hij zich gevoelig en empathisch en leek hij bekommerd om het leed van de wereld. Dat trok me erg in hem aan. Hij praatte vaak over hoe jammer hij het eigenlijk vond dat hij door zijn vroegere schoonvader “gedwongen” was om ambitieus te zijn, (want anders was hij niet goed genoeg voor diens dochter) en dat hij liever een zorgende rol had opgenomen in de maatschappij.

Dus toen hij in een burn-out terechtkwam en een carrièreswitch wilde maken, leek het beroep van zorgkundige een logische keuze. Ik twijfelde er geen moment aan dat hij er goed in zou zijn. En hij ook niet, al was het niet op de manier die ik voor ogen had. In het begin leek het allemaal te draaien om “het verzorgen van oude mensen”, maar begon hij zich al snel te profileren als beter-weter en begon hij collega’s de les te spellen en zelfs veranderingen af te dwingen bij de directie van de zorginstellingen waar hij werkte. Want hij was manager geweest, dus hij had de perfecte expertise van beide jobs, dus hij wist het beste waar het schoentje wrong in de organisatie. 

Als hij dit thuis aan me vertelde, geloofde ik dat ook. Hij klonk altijd zo zelfzeker en overtuigd van zijn standpunt. Na een tijd vertelde hij soms ook over reacties van zijn collega’s (meestal om zijn verontwaardiging erover uit te drukken) en begon ik in te zien dat hij het misschien toch niet altijd bij het juiste eind had. Hij stelde zich soms ook heel hard op naar zijn “cliënten”, de zorgbehoevende mensen waarvoor hij moest zorgen. Hij wees hen hard terecht als ze – naar zijn mening – verwend of hooghartig gedrag vertoonden, en uit zijn uitleg kon ik soms ook begrijpen dat hij hen soms ook letterlijk hardhandig behandelde. 

Dat joeg me schrik aan. Maar, ook weer egoïstisch van mij, dacht ik dan vooral aan het feit dat hij zijn job zo kon verliezen. En dan zat ik weer de hele tijd thuis met een gefrustreerde man. Het was altijd in mijn belang dat hij gelukkig was in zijn job, met zijn kids… in het algemeen met zijn leven buitenshuis. Want daar kon ik geen invloed op uitoefenen. Thuis kon ik nog proberen de situatie onder controle te houden. Dacht ik toen. De waarheid was natuurlijk dat ik helemaal niets onder controle had. De enige die ten alle tijde de touwtjes in handen had over wat er gebeurde en hoe het gebeurde, was hij.

Zijn gedrag was ook kenmerkend voor narcisme op die manier dat hij ervan overtuigd was dat wetten en grenzen nooit voor hem golden. Op een gegeven moment werkte hij voor een organisatie die mobiel hulpbehoevenden gingen verzorgen en had hij na zijn dienst een aanrijding met zijn bedrijfswagen. Vanzelfsprekend had hij toen weer gedronken en de politie trok zijn rijbewijs in voor 14 dagen. Hij liet het na om dit te laten weten aan zijn werkgever en bleef gewoon zijn job doen. 

Zijn overtuiging dat hij extreem intelligent was, werd tegengesproken door het feit dat hij, ook onder invloed alweer, op zijn facebookpagina hierover getuigde. Niet in detail natuurlijk. Maar eerst ging hij klagen over de intrekking van zijn rijbewijs en daarna postte hij foto’s als hij aan het werk was om te getuigen hoe goed hij toch was in zijn job en voor zijn “menskes”.  Als hij dan weer nuchter was, haalde hij die posts er snel weer af, maar genoeg mensen hadden het gezien intussen en niet lang daarna liep hij tegen de lamp en verloor hij zijn job.

Zijn verontwaardiging werkte hij natuurlijk thuis uit, op mij. Gelukkig was hij vlot van tong en had hij snel een andere job. In die periode waren mijn kids er gelukkig nooit, want na een incident (een poging van mij om te verdwijnen), had hun vader besloten hen bij hem te houden. En ik kon het hem niet kwalijk nemen.

Ik heb hen twee jaar moeten missen. Twee jaar waarin ik hen sporadisch een namiddag mocht gaan halen (onder voorwaarde dat mijn narcistische man niet thuis was) en voor de rest weinig contact met hen had. Mijn hart brak en ik huilde elke dag in stilte. Veel zorgzaamheid kregen ze ook niet bij hun vader, maar ik wist dat ze tenminste veilig waren. Zo zie je maar, dat de typische afzondering waar je in terecht komt, niet alleen geldt voor familie en vrienden, maar soms ook voor je eigen kinderen. Alweer een ingrijpend gevolg van een relatie met een narcistische persoon.

Het is voor overlevers van zo’n relatie vaak heel moeilijk om over deze dingen te praten. Je krijgt dan uitspraken te horen als “Maar je kinderen gaan toch voor alles? Hoe heb je dat kunnen toelaten?” “Hoe kon je daar dan nog zoveel jaren bij blijven?” “Zag je dan niet hoe hij/zij was?” 

De schuldgevoelens waarmee je uit zo’n relatie komt, zijn hartverscheurend. Ja, ik zag het allemaal. Ja, ik wilde mijn kinderen ook boven alles stellen. 

Maar hij had ook goeie periodes, die me bleven doen hopen dat het toch nog goed kon komen. Ook al wist ik diep vanbinnen dat ik hem uiteindelijk hier nooit voor zou kunnen vergeven.

Ik voelde me verlamd. Ik voelde me machteloos. Waardeloos. Ruggegraatloos.

Ik was de hele tijd bang. Voor zijn stemmingswisselingen. Voor zijn agressief gedrag. Voor zijn haat.

Wist je dat er zoiets bestaat als secundair trauma? Dat is extra trauma dat bovenop je oorspronkelijke pijn komt, doordat anderen je niet geloven, het bagatelliseren of jou zelfs de schuld geven. Je wordt als het ware opnieuw getraumatiseerd door alle ongevoelige reacties die je krijgt.

Dat is ook één van de redenen waarom ik deze blogs blijf schrijven. In principe heb ik mijn blog niet meer “nodig”, omdat ik bezig ben alles in één verhaal te gieten, in een boek. Maar waar mijn blog ontstond als uitlaatklep voor mezelf en herkenning voor anderen, is die nu uitgegroeid tot hulpmiddel voor anderen. 

Ik wil hiermee jou, lieve lezer, een hart onder de riem steken. En misschien val ik in herhaling met sommige verhalen (ik weet niet altijd welke verhalen ik nu al verteld heb), ik hoop dat de boodschap altijd duidelijk overkomt: dat jij niet a (meer) alleen bent.

Ik schrijf openlijk over wat mij overkomen is, opdat jij dat niet hoeft te doen. Zodat je dat secundair trauma kan vermijden.

Dit extra trauma kan zwaar voelen, alsof niemand echt ziet wat je doormaakt. Maar herstel is wél mogelijk, ook als je vertrouwen een flinke deuk heeft gekregen. In mijn jaartraject begeleid ik je stap voor stap om weer rust te vinden, jezelf terug te ontdekken en opnieuw hoop te voelen voor de toekomst.

Je hoeft dit niet alleen te doen. Ik loop naast je, bij elke stap vooruit… en ook de stappen die je af en toe onvermijdelijk achteruit zal doen. Dan neem ik je bij de hand en help ik je weer vooruit.

Ontdek hier hoe mijn traject jou kan ondersteunen.

Als je erover wil praten, stuur me gerust een berichtje (via het menu kom je op mijn instagram en facebook). Ik maak altijd tijd voor je 🌼


Gratis webinar op woensdag 10 september om 20u
“Narcistisch misbruik ontmaskerd”

Toen ik zelf uit een narcistische relatie kwam, wist ik niet waar te beginnen om weer te genezen. In mijn gratis webinar vertel ik kort hoe narcisten te werk gaan, maar vooral hoe jij de schade kunt herkennen én beginnen herstellen. Je krijgt inzichten die je helpen begrijpen wat er met je gebeurd is en hoe je weer kracht, rust en hoop terugvindt.

👉 Meld je hier gratis aan en zet je eerste stap naar herstel.

51 | Ik mag boos zijn

Ik was vroeger nogal een opvliegend meisje. Ik kropte alles op omdat ik me niet durfde uitspreken en op een gegeven moment was mijn emmer vol en <bam> de boel ontplofte.

Dan verhief ik mijn stem (beter gezegd: ik riep) en flapte er alles tegelijk uit. Meestal kwam mijn boodschap dan gewoon niet over omdat ze verdronk in een waterval van woorden.

Ik heb in mijn leven veel gezwegen. Een hoop frustraties opgekropt. Eerst tijdens mijn jeugdjaren, daarna in mijn partnerrelaties. Ik begon nochtans altijd zelfverzekerd, ik ging gewoon mijn mening zeggen. Maar ik stootte op een muur van ego’s die vonden dat ze mij een toontje lager moesten laten zingen. Dat voelde als een stevige afwijzing en laat dat nu mijn grootste angst zijn. Dan schiet mijn overlevingsmechanisme “pleaser” in gang en ga ik mijn woorden weer inslikken.

De zwaarste gevolgen daarvan ontstonden toen ik aan kinderen begon. Onmiddellijk gezegend met een tweeling, die prematuur geboren werd en een moeilijke thuiskomst hadden na 5 weken op de neonatale afdeling, kreeg ik het heel moeilijk. Ik was helemaal overweldigd en er snel van overtuigd dat ik het niet aankon. Daarnaast was er de vader die weinig aanwezig was en ik werd een overstreste, oververmoeide, eenzame en verbitterde moeder. 

En als ik overweldigd was, stapte ik over op de manier dat ik het altijd gedaan had, en dat was roepen. En tot mijn grote schaamte volgde er soms een tik bij als ik me helemaal machteloos voelde met drie jonge, drukke, lawaaierige kinderen. 

Op een dag besloot ik dat het genoeg geweest was en stapte ik naar een therapeute. Zij leerde mij in eerste instantie tot rust komen door te mediteren. Ik was in het begin heel sceptisch, want hoe konden enkele minuten per dag in stilte gaan zitten nu ervoor zorgen dat ik beter met mijn kinderen kon leren omgaan? Ik besefte toen nog niet dat niet mijn kinderen het probleem waren (of de oorzaak van mijn probleem), maar dat de frustraties van ergens anders kwamen. Namelijk het gevoel dat ik er alleen voor stond en niemand had om op te steunen. Ik was boos op hun vader omdat hij 3 kinderen wilde en er dan niet mee de verantwoordelijkheid voor opnam. 

Ik besefte ook niet dat het mediteren niet ging om die paar minuten rust per dag, maar om het leren van je lichaam om je eigen veiligheid te vinden en daar ook op te kunnen terugvallen op moeilijke momenten.

Mediteren heeft mijn leven veranderd. Echt wel. Ik ben soms nog ongeduldig, maar ik beheers mijn frustraties (meestal 🙂) beter. Ik ben niet meer opvliegend, ik heb veel geduld, of ik kan me toch ertoe brengen om geduldig te reageren… zolang mensen niet over belangrijke grenzen gaan.

Ik heb me er al vaak over verwonderd dat ik weinig boosheid voel naar mijn tweede partner, de narcistische persoon, ondanks de hel waar hij me heeft door laten gaan. In het begin was er veel pijn en verdriet, maar boosheid… heb ik eigenlijk weinig gevoeld. Wel een vastberadenheid, een stevige overtuiging dat ik dit nooit meer zal laten gebeuren. Maar boos? Nee.

Nochtans is het wel een gezonde stap in het rouwproces waar je door moet na een toxische relatie. Nu ben ik wel heel boos geweest nadat ik pas de beslissing genomen had. Ik kon niet vriendelijk meer tegen hem zijn, ik wilde hem gewoon uit mijn leven. Dus ik heb altijd verondersteld dat dat mijn boosheidsfase geweest is.

Tot enkele dagen geleden. Ik voelde me nadien wat beschaamd, want … ik verloor mijn “cool”. Eerlijk gezegd was het lang geleden dat ik me nog zo boos gevoeld heb. Boos tot in de tippen van mijn tenen.  Nee, ik ben niet uitgevlogen, ik heb niet geroepen, maar het is toch wel even blijven nazinderen. Ik heb me wel stevig uitgesproken en misschien iets luider en harder gepraat dan ik had willen doen.

Wat was er gebeurd? Wel, ik kreeg een brief in de bus. Op de naam van mijn ex. Bijna 4 jaar na zijn vertrek. Nu gebeurt dat wel meer met bepaalde reclame en die gooi ik dan gewoon bij het papier.

Deze keer was zijn naam er echter in handschrift op geschreven en daarover was een sticker gekleefd met de tekst “aan de bewoner van dit adres” en mijn adres eronder. De brief kwam van het psychiatrisch ziekenhuis waar hij 11 jaar geleden opgenomen geweest is omwille van zijn alcoholisme en waar hij nadien met zijn narcistische kwaliteiten erin geslaagd is om als vrijwilliger aan het werk te gaan als pastoraal medewerker. Onder het motto “doe wat ik zeg, maar doe zeker niet wat ik doe”. Zoals we allemaal veel narcistische personen kennen, met mooie praatjes maar hun eigen woorden niet nalevend.

Ik deed de envelop open (tenslotte was die aan mij gericht, want hij woont hier niet meer) en vond een vrijwilligersovereenkomst tussen hem en het ziekenhuis. Op MIJN adres nog steeds. Getekend enkele weken geleden met “gelezen en goedgekeurd”. 

Dit maakte mij heel erg boos. Gaf hij nog altijd mijn adres op? In het begin van onze relatie is hij jaren “zonder adres” geweest omwille van zijn faillissement om niet gevonden te kunnen worden door schuldeisers, en ik kreeg plots een heel erge déjà vue. Staat mijn adres nog altijd overal op zijn officiële documenten? Het gaf me een heel onveilig gevoel. Het gevoel dat er alweer ongevraagd en bewust over mijn grenzen gegaan was.

Ik heb onmiddellijk de telefoon genomen om naar het ziekenhuis te bellen. In niet mis te verstane woorden heb ik duidelijk gemaakt dat ik er niet mee gediend was dat hij in hun bestand nog altijd op mijn adres stond. En of ze dat stante pede konden corrigeren.

Ik stond te trillen op mijn benen van boosheid, bijna woede. Ik ben beleefd gebleven, want de onthaalmedewerkster kon natuurlijk nergens aan doen, maar ik ben toch harder geweest dan ik normaal doe.

Op zich vind ik het een gezonde reactie van mezelf. Maar toch voelde ik me achteraf weer schuldig. Omdat ik te hard gesproken had. Omdat ik boos geworden was. 

En dat op zich is dan weer een mooie les geweest. Eigenlijk ben ik fier op mezelf. Dat ik me heb durven uitspreken. Ook al was het tegen de verkeerde persoon. Maar ik heb een grens getrokken. Ik heb “nee” gezegd. Ik heb niet gezwegen. En ik heb me min of meer beheersd.

En toch… kruipt dat schuldgevoel er altijd in, he. Had ik eerst moeten afkoelen? Had ik de brief gewoon moeten weggooien en doen alsof het niet erg was? Had ik niet overgereageerd?

Had ik het recht niet om boos te zijn? En daar komt de aap uit de mouw.

MAG ik boos zijn als er over mijn grens gegaan wordt?
MAG ik uitspreken dat dit niet okee is?

Aan wie stel ik nu die vraag? Vroeger bepaalden anderen wat ik wel en niet mocht zeggen.

Wel, nu neem ik mijn kracht terug.
De enige die hierover beslist, ben ik.

En ik beslis dat ik boos mag zijn.
Ik heb correct gereageerd, niemand uitgemaakt, geroepen of getierd.

Ik heb mijn grens gesteld.

En ik beslis dat dit helemaal okee is.

Ik ben fier op mezelf.


Afgelopen week hield ik een gratis 7-dagen challenge om te beginnen met genezen na een narcistische relatie.

Daarin is het onderdeel “zelfliefde” van groot belang.

Door zelfliefde leer je je grenzen trekken. Durf je je grenzen te trekken.

Maar ook boosheid is hiervoor nodig. Je moet zo boos worden als er over je grenzen gegaan wordt opdat je durft wegstappen van je pleaser-gedrag en je mond durft opentrekken.

De belangrijkste stap in je genezingsproces is jezelf waardevol genoeg vinden zodat je jezelf toelating kan geven om boos te worden. Om voor jezelf op te komen. Om nee te zeggen.

Jezelf graag zien.

Morgen is de laatste sessie van de challenge. Toevallig (of niet?) hebben we het vanavond en morgen over zelfliefde en zelfzorg.

Laat jij jezelf al toe om boos te worden? En kun je jezelf ervoor vergiffenis schenken?

Kom vanavond zeker eens luisteren!

Wanneer: om 20u30

Waar: op mijn facebookpagina

Zie ik je daar?