29 | Dieptepunt

Ik herinner me de dag dat mijn zelfliefde een dieptepunt bereikte nog levendig.
Natuurlijk werd die voorafgegaan door heel veel gelijkaardige dagen.
Maar deze was toch wel het meest heftig.

Het was de avond voor mijn huwelijk.

Mijn toenmalige verloofde had eerder datzelfde jaar al enkele keren de binnenkant van een politiecel gezien door openbaar dronkenschap en ik had hem toen de keuze gesteld: de alcohol aanpakken door zich te laten opnemen in een psychiatrische kliniek, of er zou geen trouw zijn.

Ik stelde hem die keuze net nadat de politie hem weer had thuisgebracht. Op dat moment zat hij zo vol schaamte, dat hij onmiddellijk toestemde.

Hij is uiteindelijk 3 maanden “in behandeling” geweest bij dat psychiatrisch ziekenhuis.
Ik zet het bewust tussen aanhalingstekens om mijn sarcasme bij te zetten.
3 weken gesloten opname, daarna direct naar huis gemogen zonder mijn inspraak te horen en alleen sprake van depressie, geen woord over aanpak van alcoholisme.
Ik had hier helemaal geen veilig gevoel bij.

De tijd van die opname is een lang verhaal, dat ik een andere keer zal vertellen.
Het verhaal waar het nu om gaat, speelt zich af op de vooravond van de trouw.

Tijdens zijn verblijf in het ziekenhuis, werd het me al snel duidelijk dat hij met zijn zielig verhaal al de interesse van enkele kwetsbare vrouwen had getrokken.

Blijkbaar gaf de therapie die hij daar kreeg, hem een hernieuwd zelfvertrouwen en de kans om alweer de ene leugen na de andere aan me op te stapelen. Zo vond ik een pakje sigaretten in zijn rugzak, waarvan hij beweerde dat hij het bij hield voor een medepatiënt. De sigaretten vermeld ik omdat ze nog een rol gaan spelen in mijn verhaal.

Omdat hij aan mijn voorwaarde had voldaan en hij de maanden nadien zijn best leek te doen met het minderen van alcohol, liet ik de trouw doorgaan. Ik bleef leven op hoop.

De avond voor onze trouw zou hij de bloemen voor de kapel gaan ophalen. Het was 1 van de eerste keren dat hij opnieuw alleen op weg was en mijn waakzaamheid stond op de hoogste stand, en daamee ook mijn angst dat hij weer dronken zou thuiskomen.

Ik had de berekening gemaakt wanneer hij weer thuis zou zijn, en naarmate dat moment verstreek, steeg mijn angst.

Dan ging de telefoon. Opgelucht nam ik op, in de veronderstelling dat hij belde om me te verwittigen over zijn vertraging.

Eerst hoorde ik niks, dan eindelijk zijn stem. Blij vroeg ik of hij bijna thuis was. Toen hij niet reageerde op mijn vraag, besefte ik dat hij tegen iemand anders aan het praten was. Een vrouw.

Aan de achtergrondgeluiden en het feit dat ik hem een biertje hoorde bestellen, kon ik horen dat hij op café zat. En ik kon hun hele gesprek horen. Zijn geflirt, haar paaiend met de woorden “als wij mekaar eerder moesten gekend hebben…”. Haar ontwijkende reactie “ja, en morgen ga je trouwen”. Het feit dat hij daar niet eens op reageerde.

Verder maakte ik uit het gesprek op dat ze een medepatiënte was van het ziekenhuis.
En dan zijn woorden “ja, en als er morgen iemand iets zegt over dat ik rook, krijgt hij een schup, he”.

Huilend lag ik op bed, luisterend naar dit hallucinant gesprek. Intussen stuurde ik hem boze SMSen, die hij duidelijk niet zag.

Dan hoorde ik hem weer vertrekken en haar bij de kliniek afzetten met de auto. Na wat gerommel werd het plots stil en werd het gesprek verbroken.  Ik probeerde hem opnieuw te bellen, maar het klonk bezet. Waarschijnlijk was hij in paniek de vrouw aan het vragen hoe hij het moest aanpakken.

Ik ben in een hoekje bij mijn trouwkleed gaan zitten huilen. Ik wist niet wat ik moest doen. Ik kon nog altijd niet geloven wat ik gehoord had.

Toen hij thuiskwam, is hij er nog in geslaagd om me te overtuigen dat het allemaal een misverstand was en dat ik al die dingen verkeerd gehoord had.

Het deed zo’n vreselijke pijn en ik kon niet overwegen dat het voorbij zou was. Ik bevroor.
Ik liet me weer eens overhalen, manipuleren en gaslighten.

Ik gaf zelfs de vrouw in kwestie nog een hand op de receptie.

Een normaal mens zou er toen finaal een einde aan gemaakt hebben. Maar iedereen die in een narcistische relatie heeft gezeten, weet dat het zo simpel niet is.

Je hele persoonlijkheid gaat eraan in een narcistische relatie.
Al je zelfrespect verdwijnt als sneeuw voor de zon.
Je zelfliefde is niet meer bestaande.

Ik ben nog 7 jaar met hem getrouwd gebleven.

7 jaar.

Het gaat nu soms mijn verstand te boven. Hoeveel vat hij op me had.

Ik heb lang het gevoel gehad dat het mijn eigen schuld was. Dat ik geen ruggengraat had.

Maar een narcistische relatie is complexer dan dat.

Als je jezelf al niet graag ziet, ben je een gemakkelijk slachtoffer.

Maar als je weer je zelfliefde en zelfrespect terugvindt, kan je hun tactieken doorzien en weerstaan. En zal je nooit meer het misbruik tolereren.

Daarom is het ook een belangrijk onderdeel van mijn traject.

Als jij hier aan wil werken zodat je je ook kan verweren tegen narcisten, stuur me dan een berichtje.

Je hoeft het niet alleen te doen.

27 | Helse pijn

Een vriendin gooide vorige week een interessante vraag in de groep:

Wat was jouw moeilijkste moment tot nu toe in de liefde? En wat heeft het jou gebracht?

Het eerste dat bij me op kwam, was mijn breuk met mijn narcistische ex.

Mensen blijken vaak te denken dat een toxische relatie verbreken gemakkelijk is. Dat je eindelijk inzag dat het niet goed voor je was en dat dit verbreken dus een bevrijding is.

Enerzijds klopt het wel, natuurlijk ben je achteraf opgelucht dat het eindelijk voorbij is.
Nu ja, voorbij is veel gezegd. Je bent erdoor getraumatiseerd en dat draag je nog lang mee.
Maar je bent dan uit de situatie en dan kan je beginnen aan je genezingsproces.

Maar wat mensen niet beseffen, is dat het verbreken van de relatie zelf ook traumatisch is.

Je bent op zoveel manieren verbonden met die man, fysiek en geestelijk, dat je ervan losmaken heel moeilijk is.

(ik spreek voor het gemak van het lezen altijd van “man” en “hem” maar even vaak is “zij” even erg)

De pijn die je voelt als je je verplicht voelt om een einde te maken aan een toxische relatie, snijdt door je lichaam en ziel.

Want eigenlijk is het vaak geen keuze. Of het voelt toch zo niet aan.
Je voelt dat, als je in leven wil blijven, je verplicht bent om die harde keuze te maken. Maar je wil dat niet.
Je wil gewoon dat het beter wordt. Dat hij het licht ziet en je plots wel fatsoenlijk gaat behandelen.

Want je hebt je hart en ziel in die relatie gestoken. Dat kan je toch niet allemaal gewoon weggooien? Uit die investering moet uiteindelijk toch iets goeds komen?

Een narcistische relatie stopzetten geeft je het gevoel dat je gefaald hebt.

Natuurlijk rekenen narcisten daar op. Dat je geeft en blijft geven omdat je niet wil opgeven, omdat je hem wil redden, dat je blijft hopen op verbetering.

Ik vergelijk wat je voelt in een narcistische relatie vaak met het Stockholmsyndroom. Daarin ontwikkelen mensen die gegijzeld worden ook loyaliteit naar hun gijzelnemer.

Omdat je een empathisch mens bent. Je gijzelnemer wekt je medelijden op met een zielig verhaal en je kan je inleven waarom hij doet wat hij doet. Dat maakt het natuurlijk nog niet okee. Maar je hebt het gevoel dat als je ergens een reden achter kan plaatsen, het aanvaardbaar is. Ook daar rekenen narcisten op.

Dat zijn dan psychologische redenen. Daarnaast zijn er een aantal puur lichamelijke dingen die gebeuren in een narcistische relatie, die ervoor zorgen dat je je er zo moeilijk van kan losmaken.

Ten eerste is het vaak zo dat je lichaam bepaalde mechanismen herkent uit je kindertijd. Onveiligheid, onberekenbaarheid, uitbarstingen, verwaarlozing, genegeerd worden, niet belangrijk gevonden worden, nooit het gevoel hebben op de eerste plaats te komen, ouders die emotioneel onbereikbaar zijn… Dit veroorzaakt allemaal een angstige hechting, waardoor je je eigenlijk vastklampt aan iemand die je nooit kan geven wat je nodig hebt.

Narcisten vinden dat heerlijk. Uiteindelijk geef jij alles voor een kruimeltje aandacht en je vindt dat normaal ook. Je verwacht niet anders. Althans, je onderbewustzijn verwacht niets anders. Het denkt dat “liefde” zo hoort te zijn.

Ook in je hersenen vindt er iets puur fysiologisch plaats dat ervoor zorgt dat je je moeilijk kunt losmaken. Bij heftige emoties maken je hersenen bepaalde neuropeptiden aan, waardoor je verslaafd raakt. Op den duur heb je echt die heftige emoties nodig. Daarom voelen veilige relaties ook saai aan. En daarom is het ook nodig dat je eerst van die verslaving afraakt voordat je je opnieuw aan daten gaat wagen.

Maar eerst.. eerst moet je die zware periode door. Voor je de beslissing neemt om te vertrekken, ga je een heel proces door.

Een proces van jezelf overtuigen dat je alles gedaan hebt dat je kon.
Een proces van jezelf overtuigen dat je het ook alleen kan.
Een proces van jezelf overtuigen dat je beter verdient.
Een proces van jezelf overtuigen dat hij nooit zal veranderen.

Een proces van aanvaarden dat het pijn gaat doen.
Maar ook weten dat het noodzakelijk is.

De dag dat ik besloot er een einde aan te maken, deed het “klik” van binnen.
Op dat moment was ik rustig en wist ik wat ik moest doen.

De maanden die volgden, waren een ander soort hel dan die waarin ik 10 jaar lang had gezeten.

De hel van het loslaten.
De hel van het voelen dat ik gefaald had.
De hel van de twijfel of ik de juiste beslissing genomen had. Of dat ik hem toch niet nog één kans had moeten geven. Buiten de 1.000 die ik al gegeven had.
De hel van het verdriet. Want ik hield van die man. Of was dat van het beeld dat ik had met mijn roze bril? Was hij echt ooit zo?
De hel van de lichamelijke ontwenningsverschijnselen.
De hel van het gemis. Want vreselijke aandacht was beter dan geen aandacht.

Ik moest een hoop opnieuw leren.

Leren mezelf graag zien. Opdat niemand me meer het gevoel zou geven dat ik niets waard was.
Leren mezelf vergeven. Opdat ik zou weten dat ik echt alles gedaan had wat ik kon.
Leren vergeven en loslaten van de narcist. Opdat ik helemaal vrij zou zijn om mijn leven in eigen handen te nemen zonder het oordeel of afhankelijk zijn van hem of anderen.

Wat voor mij essentieel is in het genezingsproces na (narcistisch) misbruik, is zelfliefde.

VERLIEFD WORDEN OP JEZELF IS DE EERSTE STAP NAAR GELUK

Dat is een quote die ik ergens las, die zo de essentie weergeeft voor mij.

Als je jezelf graag ziet, kijk je ook naar de wereld met andere ogen.
Dan kan je ook leven vanuit liefde.

Ik weet dat je nu totaal geen idee hebt waarover ik het heb.
En dat je nu eigenlijk bitter weinig voelt.
Of alleen negatieve dingen.

Het heeft mij ook een jaar gekost om op dit punt te komen.
Maar ik ben het levende voorbeeld dat het kàn.

En ik wil jou ook helpen om daar te komen.

Op het punt waarop je niet meer boos bent op jezelf, op de narcist, op de hele wereld.
Op het punt waarop je eindelijk terug weer het gevoel krijgt dat je lééft.

Op het punt dat je niet meer met pijn achterom kijkt naar je relatie met de narcist.

Op het punt dat je niet meer met angst door het leven gaat.

Op het punt dat je weer vol moed en zelfvertrouwen vooruit kijkt, naar je toekomst.

———

Ik kan jou daarbij helpen.

Ik heb een nieuw traject waarin je leert om narcisten geen invloed meer te laten hebben op je leven.

Het RESTART! traject duurt 3 maanden.

In dit traject ga je je leren wapenen tegen narcisten.
narcisme doorgronden: de kenmerken, manipulatietechnieken, hoe rode vlaggen herkennen…
je eigen trauma leren analyseren zodat je beseft wat dit misbruik met je doet en dat er voor je eigen gezondheid iets moet gaan veranderen
je zelfliefde verhogen zodat je eindelijk beseft dat het niet jouw schuld is en dat je mag kiezen voor jezelf, je gezondheid, je geluk

Wat houdt dit traject in?
gratis intakegesprek, online of bij een koffietje
per maand 2 online 1-1 coaching gesprekken van 1u
per maand 2 online trainingen van 30 min
tussendoor motiverende videotjes om je on track te houden

BUITENKANS!
Je kan je NU inschrijven voor de Pilot aan de mini mini-prijs van 50 € !!!

Het enige dat ik daarvoor vraag, is dat je me achteraf een eerlijke review bezorgt.

Je kan je inschrijven tot 31 oktober, dus wees er snel bij!
Vanaf 1 november zal de prijs stijgen naar 250 €.

Ben je klaar om je leven een nieuwe start te geven?

Je kan je inschrijven via deze link:
https://forms.gle/c78DFrn77k9WAELh7

26 | Geheugenverlies

Ik verbaas me er nog vaak over hoe het geheugen werkt. Vooral als het aankomt op traumatische gebeurtenissen.

Je geest duwt het soms weg zodat het lijkt alsof je het vergeten bent. En dan plots, bam, op een onbewaakt moment komt het weer naar boven. En je moet dan meestal zelfs nadenken, om te weten wat juist op dat moment die herinnering triggerde.

Om die reden loop ik meestal ook met boekjes binnen mijn handbereik rond. Om het op dat moment te pakken te kunnen krijgen. Want het dan altijd zoals met dromen. Als ik het op dat eigenste moment niet opschrijf, kan ik me later meestal wel herinneren dat ik dat moment had, maar de herinnering zelf niet meer te pakken krijgen.

Gisteren, je raadt het al, had ik zo’n moment. En ik heb toen de herinnering zelf opgeschreven, maar ik kan met de beste wil van de wereld op dit moment niet vastpinnen wat ze naar boven bracht.

Dat vind ik wel lastig. Want dat wil zeggen dat het verbonden is met iets in mijn huidig leven, dus het zal ergens een betekenis hebben.

Of misschien bood het universum me gewoon weer een onderwerp om over te bloggen.
Wel, hierbij dus, universum, en bedankt.

De herinnering ging over wildplassen en hoe dat een traumatische gebeurtenis kan worden.
En hoe je ook jezelf kan wegcijferen of de narcist probeert uit de schietzone te houden met gevaar voor je eigen leven. Dit is metaforisch bedoeld, he.

Mijn nex (nvdr: nex = narcistische ex) was (is?) een alcoholist. In het begin dacht ik dat dat de oorzaak was van al mijn problemen, maar het bleek gewoon een katalysator. Neem de alcohol weg en tadaa daar is de narcist. Waarmee ik niet wil zeggen dat alle alcoholisten narcisten zijn. Of andersom.

Het overmatig alcoholgebruik en de zwaar beschonken toestand als gevolg, hielden mijn nex niet tegen om achter het stuur te kruipen. Hoe erg ik hem ook smeekte om mij te laten rijden.

Veel drinken geeft ook veel plaspauzes. Onderweg is dat niet zo handig, maar daar liet mijn nex zich niet door tegenhouden.

Na een beangstigende dolle rit (hij had ook nog een zware voet, lees: had lak aan snelheidsbeperkingen) besloot hij dat hij de vijf minuten tot we thuis waren, niet ging afwachten en plaatste zich op een kleine open plaats langs de weg.

Hier stond een elektriciteitscabine. Hij hield geen rekening met mijn bezwaren (ik vond het geen goed idee om te plassen tegen iets elektrisch) en begon ongegeneerd ertegen te plassen.

Nu heeft het universum soms een vreemd gevoel voor humor, of eerder ironie, ofwel wilde het hem gewoon een lesje leren… maar dus net op dat moment passeerde er een politievoertuig. Met zwaailichten en al.

Ik had op dat moment al mijn moed bij elkaar geschraapt en was intussen toch zelf achter het stuur gekropen. Dus eigenlijk had ik hem al in bescherming genomen. Achteraf bekeken had het geen verschil gemaakt in zijn reactie.

De agenten spraken hem aan en berispten hem. Maar ze lieten hem ervan afkomen met een waarschuwing. Ik vond dat hij veel geluk had en was opgelucht.

Ik startte de auto en vervolgde de weg, in de hoop dat hij zich ook ervan bewust was hoeveel geluk hij had gehad.

Maar zo ziet een narcist het niet. Hij was betrapt en berispt en voelde zich vernederd.

Na een korte stilte begon hij te roepen en te tieren. Alles op mij gericht. Ik weet niet meer welke vreemde hersenkronkel hij aanhaalde om de schuld op mij te steken, maar hij was helser dan ooit. Ik heb alles aanhoord, maar voelde in mezelf de boosheid naar boven komen.

Ik had hem beschermd, de politie was mild geweest en toch stelde hij zich aan alsof de hele wereld het op hem gemunt had.

Op een gegeven moment, vlak voor we thuis waren, had ik er genoeg van. Ik heb de auto met gierende banden tot stilstand gebracht en ben ook op hem beginnen brullen.

Eerlijk gezegd, het liefst van al had ik op dat moment de auto tegen een boom geparkeerd.
Dat de ellende voorgoed afgelopen zou zijn.
Maar dat lef had ik niet. Ik was ironisch genoeg bang dat het niet zou gelukt zijn, en dacht aan alle ongemakken die een kapotte auto met zich mee zou brengen.

Vreemd, welke gedachten er door je hoofd kunnen gaan als je je zelfmoord aan het plannen bent.

Na een korte brulsessie van mijn kant, die overigens niet het minste effect had op hem, want hij bleef zelf ook gewoon verder roepen en tieren, was ik wat gekalmeerd en ben ik verder naar huis gereden.

Hij is dan daarna naar goede gewoonte in de zetel in slaap gevallen en ik kon weer even opgelucht naar bed gaan.

Nou ja, opgelucht is veel gezegd. De adrenaline raasde nog door mijn lichaam.
Zonder mijn medicatie had ik waarschijnlijk geen oog dicht gedaan.

‘s Anderendaags herhaalde het patroon zich van alle voorgaande maanden.
Hij werd wakker en deed alsof er niks gebeurd was. Ik sprak hem er niet over aan, omdat ik bang was dat hij het zich zou herinneren en opnieuw zou beginnen roepen en tieren, dus zoals altijd deed ik mee alsof er niks gebeurd was.

Ik besef nu wel dat dat ook een vorm van enabling was. Maar een mens doet wat nodig is om te overleven. Dingen dagelijks in de doofpot stoppen was daar een noodzakelijk onderdeel van.

Ik heb me vaak afgevraagd of hij zich door de alcohol inderdaad de gebeurtenissen niet meer herinnerde.

Ik dacht van wel, maar dat wilde dan zeggen dat hij er niet om gaf. Dat wat hij gedaan had en de manier waarop hij me behandeld had, niks met hem deed..

Dat hij dus geen geweten had.

En die mogelijkheid was veel moeilijker voor me om te dragen dan het vermoedelijk geheugenverlies.

22 | Vluchten of vechten… of verdwijnen

Men zegt dat je pas weet of je van nature  moeder- (of vader-) instincten hebt als je echt kinderen hebt. Of deze nu je biologische zijn of niet.

En je beseft meestal pas dat je die hebt in een bedreigende situatie. Als je kind in gevaar is bijvoorbeeld.

In fysieke situaties is dat gemakkelijk aan te voelen en in te schatten.

Dan schiet het in gang vanuit een primordiale drijfveer. Voor je het beseft heb je de arm van iemand heel hard vast, klaar om iemand pijn te doen. 

De eerste keer dat dat bij mij gebeurde, schrok ik van mezelf. De dame wiens arm ik vast had, schrok ook. Misschien had ze geen reactie verwacht of was ze zich er niet van bewust dat ze de grenzen van mijn kind overschreed. 

Het gebeurde in het zwembad. Mijn twee oudsten waren een jaar of acht, denk ik. Er waren kinderen met een bal aan het spelen en die belandde in het water voor de neus van één van mijn kids. Die vond het heel leuk en wilde met de bal spelen. Door zijn autisme had hij er toen weinig besef van dat hij verondersteld werd de bal onmiddellijk terug te spelen naar de andere kinderen. 

De moeder begon op hem te schreeuwen en stormde door het water op hem af om hem bij zijn arm vast te grijpen en de bal uit zijn handen te trekken. Ik zag de angst en verwarring op het gezicht van mijn kind en kwam ook heel instinctief in beweging, en voor ik het wist had ik haar arm in een stevige greep vast.

Ik fluisterde heel kalm “laat mijn kind los” en met een verschrikte blik deed ze dat ook direct. Ik heb nog gezegd dat hij autisme had, heb de bal zachtjes uit zijn handen genomen en terug aan haar gegeven. Dan heb ik hem uitgelegd waarom de dame zo boos leek. Hij kon dat wel begrijpen, maar ik zag in zijn ogen dat hij de agressieve reactie niet begreep. Want hij had toch niks misdaan? 

Diezelfde blik heb ik nadien nog heel vaak gezien. In de spiegel.

Fysiek gevaar is heel tastbaar en vaak heel duidelijk. 

Psychisch gevaar ligt heel wat moeilijker en is heel wat subtieler.

Bij fysiek gevaar slaat het instinct direct aan. Fight, flight or freeze.
Vluchten, vechten of bevriezen.

Bij psychisch gevaar sluipt het in je systeem. Het is heel subtiel en geniepig, en je instincten worden in de war gebracht.

Je beseft niet dat er met kleine stapjes over je grenzen gegaan wordt en daarom slaat de fight or flight response niet aan. Niet als het over jezelf gaat, maar ook niet over je kinderen.

De redenen die er achter lijken te liggen, die de narcist je geeft, lijken aannemelijk. Je voelt wel dat het niet okee is, en daarom plaats je jezelf vaak tussen hem en je kind. Waardoor de manipulaties en het psychisch geweld vaak nog erger worden. Want het is voor hem een vorm van verzet en je niet onderwerpen aan zijn gezag.

Omdat er daardoor nog meer conflicten ontstaan, krijg je wel het gevoel dat je toch voor je kind opkomt. Dat je het beschermt. Het is ook de enige manier om jezelf nog in de spiegel in de ogen te kunnen kijken. Want vanbinnen roeren je moeder instincten en die zeggen je dat het niet okee is. Net zoals je eigen instincten zeggen dat hoe jij zelf behandeld wordt, ook niet okee is.

Maar je wil dit gezin doen werken. Je wil dat iedereen in vrede kan samen leven. Je denkt dat de narcist het ook niet gemakkelijk heeft, zeker niet in het geval van een nieuw samengesteld gezin, met kinderen met een beperking. 

Je wil iedereen redden. Je wil dat mooie gezin waarvan je altijd al droomde. En je denkt dat de macht in jouw handen ligt om dat te kunnen doen slagen. 

Ook al weet je heel diep vanbinnen dat het nooit zal gebeuren. De enige manier voor de narcist is dat iedereen zich aan hem onderwerpt en alleen in zijn noden voorziet.

Maar je redderscomplex is groter dan al die instincten, stemmetjes en rode vlaggen in je hoofd. Je bent iemand die niet snel opgeeft. 

Voor mij was dat eigenlijk een ironische contradictie. Hij verweet me altijd dat ik nooit iets afmaakte, dat ik vele projecten begon maar altijd opgaf. Het feit dat dat kwam omdat ik er geen energie voor had omdat ik die allemaal in hem stopte, kwam niet bij hem op.

Zo modder je maar wat aan, zwalpend tussen je instincten, je schuldgevoelens en de overtuiging dat je toch doet wat je kan om je kinderen te beschermen.

En dan komt de dag dat je het breekpunt bereikt. Dat je beseft dat je hen niet langer kan beschermen zoals het eigenlijk zou moeten.

Als je op dat moment genoeg kracht hebt, kan je eindelijk de knoop doorhakken en beslissen om te vertrekken.

Maar als je die kracht niet hebt, kan je alleen besluiten dat er maar één manier is om deze situatie te doen ophouden. En dat is er een einde aan maken.

Niet aan de situatie.

Aan jezelf.


Die dag viel bij mij een zestal jaren geleden.

Na talloze beloftes om in de week niet meer te drinken en dan na twee dagen toch te herbeginnen, werd ik stilaan wanhopig. We kochten niet veel drank meer in de winkel, maar in onze straat is een nachtwinkel. Toen was ik zo naïef dat ik het niet doorhad, maar mijn toenmalige man werd daar toen vaste klant.

De momenten van enkele dagen nuchter en dan weer zwaar dronkenschap met veel venijnig gescheld, wisselden elkaar steeds heftiger af. 

Op een gegeven moment was het moment daar dat ik mijn kinderen bij mijn ex zou gaan ophalen voor hun weekje co-ouderschap bij ons. 

Er waren toen net enkele dagen nuchterheid voorbij en ik voelde me weer hoopvol.

Mijn toenmalige man kwam net voordat ik vertrok, thuis van zijn werk. Ik ging nog even iets uit de frigo in de kelder halen. Toen ik de deur van de frigo opende, bleef ik als aan de grond genageld staan. Ik staarde even naar de drie vaatjes wijn van drie liter.

En toen besefte ik: ik wil mijn kinderen hier niet meer aan blootstellen. 

Ik kon niet meer. Ik zag geen uitweg meer. De enige manier om hen aan hem te laten ontsnappen, was mij uit de weg halen. 

Geen mama met alcoholistische narcist meer, geen gevaar meer.

Ik ben de fiets op gestapt en ben beginnen rijden. Ik wist niet waar ik naartoe kon, dus ik ben gewoon blijven verder rijden tot ik niet meer kon. Gezien mijn energieloze toestand was dat niet ver.

Ik ben in een weide aan de kant van de weg gaan liggen en ben beginnen huilen. Ik wilde daar alleen maar blijven liggen tot de dood mij zou komen halen.

Af en toe kwamen er auto’s voorbij, en ik besefte dat ik daar niet kon blijven liggen. Na enkele uren ben ik moedeloos weer naar huis gereden. Moe gestreden. Gefrustreerd en immens teleurgesteld in mezelf dat ik er weer eens niet in geslaagd was om iets te doen om mijn kinderen veiliger te stellen. 

Intussen had de vader van mijn kinderen alarm geslagen bij de politie omdat ik niet komen opdagen was op het afgesproken uur.

Bij de huiszoeking trof de politie alleen mijn ladderzatte tweede man aan, die natuurlijk nog kwader dan anders was door deze vermeende inbreuk op zijn privacy.

Ook mijn broer en schoonzus stonden bij mijn huis toen ik eindelijk weer arriveerde met mijn fiets. Ik zag iedereen van ver staan en schaamde mij dood. 

Als ik me ooit in mijn leven verslagen gevoeld heb op alle fronten, is het die dag wel.

Een waardeloze moeder omdat ik mijn kinderen niet kon beschermen.

Een waardeloos mens omdat ik de knoop niet kon doorhakken, op eender welke manier.

Een waardeloze vrouw omdat ik iedereen in rep en roer had gezet door even te verdwijnen.

Verslagen heb ik dan mijn ex-man gecontacteerd om alsnog de kids op te halen. Wat hij geweigerd heeft. En hoe kwaad ik daar op dat moment ook om was, ik moest toegeven dat dat de juiste keuze was.

Geen van beide thuissituaties op dat moment waren ideaal, maar bij hem waren ze op dat moment het veiligst.

Het is vreselijk om te moeten beseffen dat daardoor gewoon alles uit je handen gehaald wordt. Je kan niets zelf meer beslissen, zelf geen keuzes meer maken. Je wordt compleet geleefd door de mensen rondom je. Mensen die niet het beste met jou voorhebben.

En het is nog vreselijker om te beseffen dat dat maar goed is, omdat je zelf geen greintje lef meer in je lijf hebt om zelf keuzes te maken.

De zes voorgaande jaren was het niet veel beter. Het enige dat ik deed, was vechten tegen alles. In het midden staan van een strijd die ik nooit gevraagd had.

Terwijl het enige dat ik wilde, was dat ik een liefdevol gezin zou hebben. Het gezin dat me voor ogen gehouden werd toen ik een relatie begon met de narcist. De beloftes dat hij mijn leiding zou volgen wat mijn kinderen betrof. De ogenschijnlijk luchtige manier waarmee hij met hen omging in de eerste dagen.

Die dag, zes jaar later, bleef er van mijn droom niks meer over. Er bleef ook van mij niks meer over. Het enige dat ik wou, was in vrede inslapen en nooit meer wakker worden, in de wetenschap dat mijn kinderen veilig waren.


Ik weet dat het moeilijk te vatten is allemaal. Bij huiselijk geweld denken mensen allemaal aan blauwe ogen en gebroken botten.

Psychisch geweld is niet zo zichtbaar. En mensen denken dat, zolang je niet elke dag slaag krijgt, het allemaal zo erg niet kan zijn.

Uitzichtloosheid is iets moeilijks om mee om te gaan. Ik denk dat ik zelf ook van oordeel was dat het “allemaal zo erg niet was omdat ik niet elke dag slaag kreeg”. En dat ik het daardoor langer moest blijven volhouden. Om het voor iedereen beter te maken.

Maar het lag gewoon niet in mijn handen. 

Ik had nergens controle over.

Maar ook had ik nergens schuld aan.

Schaamte. Schuldgevoelens. Uitzichtloosheid. Wanhoop. Verslagenheid.

Allemaal emoties die je verlammen. 

Tel daarbij op dat je energiepeil onder nul staat

En dan komt de dag dat je beseft dat je kinderen in gevaar zijn, en je kan niks doen.

Helemaal niks. 

Ik ben nu blij dat ik toen geen manier gevonden heb, of het lef, om er daadwerkelijk een einde aan te maken. 

Want vier jaar later vond ik die manier wel. Deze keer een manier die goed was, zowel voor de kids als voor mij zelf.

Sindsdien is het voor ons alle vier alleen maar beter geworden.

Ik heb er een jaar therapie voor nodig gehad, en ook mijn twee oudsten zijn er momenteel voor in therapie. 

Narcisme maakt veel kapot. 

Ook al dacht ik toen dat het puur aan het alcoholisme lag, maar de basis van zijn gedrag lag daar niet in. Het was alleen een katalysator.

Maar het heeft ook een positieve kant gehad. Ik vind de persoon die ik nu ben veel leuker en sterker. En ook mijn kinderen zullen er uiteindelijk sterker uit komen.

Ik ga zeker niet zeggen dat het een “geluk” geweest is, maar misschien wel een nuttige leerschool. 

Op dit moment is mijn belangrijkste les dat, hoe erg het momenteel ook is, en hoe diep je nu ook zit, hoe uitzichtloos je situatie nu aanvoelt… het zal ooit beter gaan.

Neem het aan van iemand die daar ook gezeten heeft.

De duisternis heeft ook voor mij geen geheimen meer.

En ook voor jou zal er ooit opnieuw licht zijn. En je zal stralen als nooit tevoren.

En dat… zal je ultieme overwinning zijn.


14 | Voorbij

Eens je tot de realisatie gekomen bent dat je partner een narcist(e) is, begint er een heel proces in je hoofd en je hart.

Je denkt “ja, eindelijk zijn de puzzelstukjes in elkaar gevallen, eindelijk is het duidelijk waar het gedrag vandaan komt!”.

Maar… wat dan?

Dan zit je daar. Net bekomen van de aha-erlebnis. De kortstondige euforie van het besef dat het allemaal niet aan jou lag, ebt weg. En wat overblijft is leegte. Pijn. Verdriet.

Het besef dat het ook een eindpunt is.

Het einde van je relatie.
Het einde van je hoop dat het allemaal ooit nog goed komt.
Het einde van de droom van een leven samen.
Het einde van je leven zoals het op dat moment is.

En ook al is dat laatste iets goeds, je wil het nog niet loslaten.
Je bent het gewoon.
Op een vreemde manier voelt het veilig, want het is bekend.
Het onvoorspelbare gedrag is op een vreemde manier ook voorspelbaar.

Het idee dat je actie gaat moeten ondernemen, jaagt je schrik aan.
Het idee dat je leven gaat veranderen, maakt je bang.
Het idee dat je niet weet hoe je er aan moet beginnen, geeft je paniekaanvallen.

En tegelijk… als je even een moment van stilte ervaart… en je probeert je in te beelden…

Hoe het zou zijn om niet meer elke dag op eieren te lopen…
Hoe het zou zijn om niet elke keer in angst thuis te komen…
Hoe het zou zijn om niet meer elke keer je adem in te houden als je een berichtje binnen krijgt op je smartphone…
Hoe het zou zijn om vrolijk thuis te komen van een koffie met vrienden en geen nare blikken te zien die op je wachten…
Hoe het zou zijn om liefde voor iemand te voelen, die hetzelfde aan je teruggeeft zonder iets van je te verwachten…

En je voelt je overstromen met een warm gevoel… een veilig gevoel…

Ik weet het. Het doet pijn om je dit in te beelden, en meestal wuif je het beeld snel weg als het bij je opkomt.

Maar deze keer voelt het anders. Je voelt dat er iets veranderd is. Je weet dat je hét punt voorbij bent.

The point of no return.

Eén keer de knop omgedraaid is, is er meestal geen weg meer terug.

Want je weet dat je niet meer terug wil. Je weet dat je meer wil dan dit leven in angst en pijn.

In juni 2021 dacht ik dat ik dat punt gepasseerd was. Ik had documenten van het internet gehaald voor een EOT (Echtscheiding Onderlinge Toestemming) en ik had een inventaris opgemaakt van de dingen die we gemeenschappelijk gekocht hadden, en een verdeling gemaakt onder ons.

En toch slaagde mijn toenmalige echtgenoot er in om me nogmaals te overtuigen. Even klonken de beloftes en smeekbedes gemeend, werd er beloofd om mee te werken aan relatietherapie. En ja, ik ben gezwicht. Ik wilde niet verweten worden dat ik niet àlles geprobeerd had om het te laten werken.

Alhoewel ik dat eigenlijk al 1000 keer gedaan had. Voor mezelf wist ik dat wel, maar ik wilde dat ook hij het besefte. Want al die 1000 voorgaande keren had het niks uitgehaald.

Diep vanbinnen wist ik echter dat mijn knop al 90% omgedraaid was, en ik wilde er eindelijk korte metten mee maken als de relatietherapie op niks zou uitdraaien.

Ik contacteerde een advocate en liet alle nodige papieren al opmaken. Ik wist dat, als het einde er echt aan kwam, dat ik snel zou moeten reageren als hij bereid zou zijn om de papieren te tekenen, en ik wilde ook duidelijk het signaal geven dat het écht voorbij was.

Ja, de angst zat er in dat hij ging tegenwerken en dat we in een vechtscheiding zouden terechtkomen. Dus ik maakte in stilte alle voorbereidingen en wachtte op de dag die onvermijdelijk zou komen.

Heb ik zelf écht mijn best gedaan in de relatietherapie? Ik denk het wel. Maar ik stelde me niet meer op als de immer vergevingsgezinde vrouw die alweer alles probeert om het goed te maken. Ik stelde me op als de sterkte vrouw die ik me probeerde te voelen, met de duidelijke grens dat het genoeg geweest was.

Dat gooide natuurlijk olie op het vuur en er was van beide kanten weinig sprake van toenadering. Ik probeerde hem duidelijk te maken dat alles het gevolg was van zijn gedrag. Hij probeerde het zo te manipuleren dat alles de schuld was van mijn kinderen en mijn mislukte opvoeding.

Ik weet niet of dat bijgedragen heeft tot zijn crisis op de dag dat het allemaal eindigde.
Ik zal nooit weten wat er juist gebeurd is dat hem bracht tot de acties die alles kapot maakten.

Bij elke stemmingswisseling leek het alsof hij van persoonlijkheid veranderde, dus ik was al wel wat gewoon.
Maar wat er die dag gebeurde, was onbegrijpelijk. Ik kan het niet anders omschrijven dan dat er kortsluiting moet opgetreden zijn in zijn hoofd.

Twee van mijn kinderen worstelen al enkele jaren met hun genderidentiteit. Ik had er weinig met hem over gedeeld, want hij gebruikte hun autisme al om hen mee uit te schelden (het woord “mongolen” viel regelmatig), dus ik wilde niet dat hij dat ook zou gebruiken om hen bewust mee te kwetsen.

Want zoals bij mij, stopte hij pas in de periodes van misbruik als hij hen met de grond gelijk gemaakt had.

Ik had hem vooraf gewaarschuwd dat dat voor mij het breekpunt zou zijn. Als hij dat ooit zou gebruiken tegen hen, zou het voor mij gedaan zijn.

Hij was al enkele keren bij het schelden in die richting gegaan, maar als ik hem waarschuwde, hield hij zich alsnog in. Maar ik zag het zo al erger worden, en ik wist dat hij vroeg of laat over de schreef zou gaan.

Natuurlijk hoopte ik van niet. Zelfs na meer dan 9 jaar misbruik, hoopte ik nog altijd dat er op een dag een mirakel zou gebeuren en dat hij het licht zou zien en de lieve man zou worden waarop ik dacht dat ik verliefd geworden was.

En dan kwam dé dag.

Ik had een halve dag vrij en de roep van de zee kwam weer bij me op. Ook al zou ik langer onderweg zijn met de trein dan dat ik echt aan zee zou zijn, stapte ik op de trein met de hoop op een namiddag rust.

Eerst was hij begripvol en enthousiast, tot hij me vroeg wat we ‘s avonds zouden eten.
Vermits ik maar een halve dag had, zei ik hem dat ik waarschijnlijk pas laat zou terug zijn.
Dat was altijd zo bij mijn uitstapjes en het was nooit eerder een probleem.
Ik voelde dat er bij hem wat weerstand ontstond, maar ik wilde er deze keer geen rekening mee houden.
Ogenschijnlijk legde hij zich erbij neer en hij zou zelfs voor het eten voor mijn kinderen zorgen.

Tijdens mijn uitstapje kreeg ik ogenschijnlijk normale sms-jes, die ik niet onmiddellijk bekeek want ik wilde genieten van de rust aan zee. Ik nam de tijd om mijn situatie te overdenken en nam het besluit dat ik me niet meer zou laten leiden door angst. Dat ik mijn leven verder zelf in handen wilde nemen.

Toen ik op de trein naar huis stapte, merkte ik dat er plots weer heel veel berichten in mijn inbox zaten. En zoals altijd bleek dat niet veel goeds te voorspellen.

Naast zijn berichten stonden er ook van mijn twee oudste kinderen in. Die me anders nooit iets stuurden. Dat deed mijn alarmbellen nog luider klinken.

Wat ik las, tartte al mijn verbeelding. Blijkbaar was hij begonnen met mijn kinderen alweer uit te schelden, deze keer specifiek gericht op het gender issue en was hij een telefonische oorlog begonnen met de vader van mijn kinderen én mijn ouders.

Verslagen heb ik zitten huilen op de trein. Toen en daar heb ik moeten toegeven dat het voorbij was. Echt voorbij. Er zouden geen kansen meer gegeven worden.

Ik heb gereageerd op zijn berichten dat ik bij thuiskomst de papieren zou klaarleggen voor hem voor te ondertekenen en dat ik hem verder niks meer te zeggen had.

En ik heb hem geblokkeerd op alle kanalen waar hij contact met me kon opnemen.

Na mijn kinderen nog even wat gerustgesteld te hebben dat ik onderweg was en dat het allemaal voorbij was nu, heb ik de rest van de treinrit nog zitten huilen.

Het was voorbij.

De strijd, de pijn, het verdriet.

De hemelse liefde, de aanbidding, de vlinders in de buik, de liefdesbetuigingen, de boeketten, de romantiek.

De vernederingen, de scheldpartijen, de helse e-mails, sms’en in caps letters, het geroep, het getier, de bedreigingen, het liegen.

Eindelijk was het voorbij.